Vliegtaks, een tikkende tijdbom van 1 miljard

De kortgedingrechter heeft besloten dat de vliegtaks per 1 juli mag worden ingevoerd.

Het heffingencircus kan beginnen. Totdat de belasting alsnog onrechtmatig blijkt.

Eind vorige maand heeft de kortgedingrechter de knoop doorgehakt: de vliegtaks mág. Per 1 juli 2008 kan de Nederlandse staat dus belasting heffen op vliegtickets. Voor iedere vlucht vanaf een Nederlandse luchthaven naar bestemmingen binnen de EU of een straal van 2.500 kilometer wordt 11,25 euro extra in rekening gebracht. Voor alle overige bestemmingen geldt een tarief van 45 euro.

Wat is de regering nu eigenlijk opgeschoten met deze overwinning? Ja, onder het mom van milieubeleid kan het heffingencircus weer in gang worden gezet. Maar het ligt voor de hand dat luchtvaartmaatschappijen en luchthavens een zogenoemde bodemprocedure tegen de staat gaan aanspannen, om de vliegtaks alsnog onrechtmatig te laten verklaren. En dat brengt een enorm financieel risico voor de regering met zich mee.

Van belang om te weten is dat het oordeel van de kortgedingrechter een voorlopig oordeel is. De bodemrechter is er dus niet aan gebonden. Een procedure van de vliegmaatschappijen en luchthavens kan zelfs jaren gaan duren.

Centraal daarin staat de vraag of de vliegtaks wel wordt toegestaan door de ‘grondwet’ van de burgerluchtvaart: het Verdrag van Chicago. Dat Verdrag heeft namelijk voorrang op nationale wetten. Nu heeft de kortgedingrechter de vliegtaks, zoals neergelegd in het Belastingplan 2008, reeds getoetst aan artikel 15 uit dat Verdrag. Maar het probleem voor de kortgedingrechter was dat het Belastingplan 2008 een wet in formele zin is. Dat gaf hem een zeer beperkt toetsingskader. De scheiding der machten in ons staatsrecht brengt namelijk met zich mee dat een rechter niet op de stoel van de wetgever kan gaan zitten. De rechter kon alleen ingrijpen als het Belastingplan 2008 „evident” strijdig zou zijn met het Verdrag van Chicago. Daarvan was volgens de rechter geen sprake – en dus gaf hij groen licht.

Maar dat van ‘evidente’ strijdigheid geen sprake is, betekent niet dat de vliegtaks niet later nog strijdig zal blijken met het Verdrag. De belastingmaatregel is allerminst zorgvuldig tot stand gekomen. Integendeel, het is allemaal met grote snelheid door het wetgevingsproces gejaagd. Op 10 september 2007 liet de Raad van State zich al zeer kritisch uit over de vliegtaks. De Raad oordeelde dat deze belasting effecten zou hebben die verder zouden strekken dan alleen het parlementaire budget – en noemde de heffingen „sterk controversieel”. Onomwonden adviseerde de Raad dan ook om de vliegbelasting uit het Belastingplan te halen en het een afzonderlijke parlementaire behandeling te geven.

De regering heeft dit duidelijke advies van de Raad van State echter in de wind geslagen en ook het parlement heeft niet ingegrepen. Op 26 maart, tijdens het spoeddebat over de vliegtaks, kwamen de negatieve effecten van de vliegbelasting – en de geringe milieuwinst ervan – nogmaals uitgebreid aan de orde. Staatssecretaris Jan Kees De Jager (Financiën, CDA) deed enkele toezeggingen inzake differentiatie (zo geldt het hoge heffingstarief nu niet langer voor vluchten naar de Canarische Eilanden en Turkije), maar op het verlies van 12.000 arbeidsplaatsen in de luchtvaartsector had De Jager geen pasklaar antwoord.

Kamerleden Atzo Nicolaï (VVD) en Barry Madlener (PVV) dienden vervolgens alsnog een motie in ter afschaffing van de vliegtaks. Maar ook die motie werd verworpen. De afzonderlijke parlementaire behandeling van de vliegbelasting, zoals geadviseerd door de Raad van State, zal daardoor waarschijnlijk niet plaatsvinden.

En dat betekent dat het woord nu weer aan de rechter is. De rechtmatigheid van de belasting staat tot die tijd dus niet vast.

Wordt dan na, zeg, drie jaar in de bodemprocedure alsnog vastgesteld dat de belasting inderdaad onrechtmatig is, dan zullen alle belastingplichtigen aanspraak kunnen maken op terugbetaling van de belasting. Die bedraagt tegen die tijd al meer dan 1 miljard euro. Hoe denkt de regering dat dan te gaan betalen?

De vliegbelasting is een haastklus die wel eens een tikkende tijdbom zou kunnen blijken onder de toekomstige begrotingen van het kabinet.

Frans Vreede is advocaat in Amsterdam en gespecialiseerd in luchtvaart en logistiek.