Groter dan de feiten

Groter dan de feiten ‘Vervreemdend is het verhaal dat Jan Baeke in Groter dan de feiten (De Bezige Bij, 89 blz. € 16,50) vertelt. Een echte vertelling is het natuurlijk niet; het gaat hier immers om gedichten’, schrijft Arie van den Berg. ‘Toch maakte Baeke een prozaïsche gereedschapskeuze door zijn verhaal vanuit een dubbel personaal perspectief te vertellen. In de eerste drie cycli van Groter dan de feiten is een man aan het woord, in de laatste twee spreekt een vrouw. Is het een liefdesverhaal? Dat zou kunnen; in ieder geval is er een mislukte ontmoeting tussen twee tot elkaar veroordeelde personages. Die personages, stelt Baeke zelf in een interview in De Groene Amsterdammer, „proberen antwoorden te vinden door te praten. Voor hen begint denken vooraan in de mond”. Opmerkelijk is Baekes filmische montagetechniek. Die draagt bij tot de ambiguïteit van zijn poëzie, evenals het besef van het uiteindelijk onzegbare, want: „Het is niet zo dat de dingen om ons heen niets beweren./ Ze hebben alleen geen woorden om het ons duidelijk te maken”.’
Groter dan de feiten ‘Vervreemdend is het verhaal dat Jan Baeke in Groter dan de feiten (De Bezige Bij, 89 blz. € 16,50) vertelt. Een echte vertelling is het natuurlijk niet; het gaat hier immers om gedichten’, schrijft Arie van den Berg. ‘Toch maakte Baeke een prozaïsche gereedschapskeuze door zijn verhaal vanuit een dubbel personaal perspectief te vertellen. In de eerste drie cycli van Groter dan de feiten is een man aan het woord, in de laatste twee spreekt een vrouw. Is het een liefdesverhaal? Dat zou kunnen; in ieder geval is er een mislukte ontmoeting tussen twee tot elkaar veroordeelde personages. Die personages, stelt Baeke zelf in een interview in De Groene Amsterdammer, „proberen antwoorden te vinden door te praten. Voor hen begint denken vooraan in de mond”. Opmerkelijk is Baekes filmische montagetechniek. Die draagt bij tot de ambiguïteit van zijn poëzie, evenals het besef van het uiteindelijk onzegbare, want: „Het is niet zo dat de dingen om ons heen niets beweren./ Ze hebben alleen geen woorden om het ons duidelijk te maken”.’

‘Vervreemdend is het verhaal dat Jan Baeke in Groter dan de feiten (De Bezige Bij, 89 blz. € 16,50) vertelt. Een echte vertelling is het natuurlijk niet; het gaat hier immers om gedichten’, schrijft Arie van den Berg.

‘Toch maakte Baeke een prozaïsche gereedschapskeuze door zijn verhaal vanuit een dubbel personaal perspectief te vertellen. In de eerste drie cycli van Groter dan de feiten is een man aan het woord, in de laatste twee spreekt een vrouw. Is het een liefdesverhaal?

Dat zou kunnen; in ieder geval is er een mislukte ontmoeting tussen twee tot elkaar veroordeelde personages. Die personages, stelt Baeke zelf in een interview in De Groene Amsterdammer, „proberen antwoorden te vinden door te praten. Voor hen begint denken vooraan in de mond”.

Opmerkelijk is Baekes filmische montagetechniek. Die draagt bij tot de ambiguïteit van zijn poëzie, evenals het besef van het uiteindelijk onzegbare, want: „Het is niet zo dat de dingen om ons heen niets beweren./ Ze hebben alleen geen woorden om het ons duidelijk te maken”.’