De klok gaat zinloos voorwaarts

Met belangstelling las ik artikel `De klok gaat zinloos voorwaarts` (NRC Handelsblad, Wetenschapspagina, 27 maart). Met verbazing echter las ik daarin: `In het interbellum werd geen zomertijd ingesteld`. In het interbellum zat ik in Zeeland op de lagere school. De boerenbevolking was er fel gekant tegen de zomertijd, die danook door de meerderheid werd genegeerd, uiteraard ook door de school. Aangezien mijn vader een overheidsfunctie vervulde kon hij zich niet aan het voorschrift onttrekken: zijn klok stond, vanaf het moment dat mijn herinnering operationeel was, tot mei 1940, toen de bezetter de zomertijd afschafte, `s zomers op zomertijd. Dat gold dus ook voor ons gezin. Daardoor begon voor mij in de zomer de school om 10 uur en kwam ik om 5 uur pas weer uit school. Het eerste tot mijn vreugde, het laatste stelde ik minder op prijs. Overigens, afgezien van energiebesparing wel of niet, ik geniet `s zomers van de extra lange avonden en ik ben daarin stellig niet de enige.