Pianist Andsnes speelt als bevlogen dominee

Klassiek Leif Ove Andsnes, piano. Werken van Bach, Beethoven, Sibelius, Grieg en Debussy. Gehoord: 30/3 Concertgebouw, Amsterdam.

Zijn cd The best of Grieg met onder andere de nooit eerder opgenomen Ballade in g, opus 24 die hij zondag ook in de Serie Meesterpianisten speelde, was een hit in Noorwegen, en stond hoog genoteerd in de top honderd, niet van de klassieke muziek maar van de pop. Ook van zijn opname met pianoconcerten van Mozart werden alleen al in Noorwegen meer dan 40.000 exemplaren verkocht. Hoe krijgt Leif Ove Andsnes, de beste pianist van het Hoge Noorden, zoiets voor elkaar?

Allereerst door uitstekend piano te spelen. Andsnes blinkt uit door zijn bijna onwankelbare technische beheersing, zijn gevoel voor uitgebalanceerde lijnen en klankkleuren, en de sobere toewijding van zijn spel. Als een bevlogen dominee houdt Andsnes doordachte betogen, die zich meer tot het verstand dan tot het hart richten.

Er zijn pianisten die hun kunst op grotere hoogte bedrijven, door aan het cerebrale de magie van het visionaire toe te voegen. Maar Andsnes gaat handig om met de commercie. Zo schrok hij er in een televisiedocumentaire over Grieg niet voor terug om die Ballade te vertolken op 1400 meter op de Hardanger berg.

In de stadse ambiance van het Concertgebouw klonk de Ballade mooi maar langdradig, wat meer aan Grieg te wijten leek, die tijdens het schrijven depressief was door de dood van zijn beide ouders, dan aan Andsnes´ integere pogingen stagnatie te voorkomen.

Maar er ontbrak wel iets aan de Toccata in e, BWV 914 van Bach, die Andsnes met gewijde allure speelde. Hoe magistraal Bach ook klonk, er kwam weinig terecht van de improvisatie-stijl die hoort bij toccata"s. Ook tijdens de tot in de kleinste details uitgedachte en fraai gepolijste vertolkingen van 11 Préludes uit boek I & II van Debussy imponeerde de pianist vooral met zijn vakmanschap.

Meer tot de verbeelding sprak Andsness in korte, lyrische stukken van Sibelius, en in twee kristalheldere toegiften van Scarlatti liet hij even het noorderlicht door de noten schijnen.