Mediatraining is voor later, als er furore wordt gemaakt

Enkele leden van het Rabo Talententeam kwamen dit weekeinde in actie bij Indoor Brabant. „Het duurt niet lang voor dit concept de wereld over gaat.”

Even dreigt het mis te gaan op het springconcours van Indoor Brabant. Als Jack Ansems zijn paard naar de tweede hindernis dirigeert, rijdt het dier er doodgemoedereerd langs. Maar de ruiter vertrekt geen spier. Terwijl de arbiter het dier verbaasd nastaart, stuurt Ansems zijn negenjarige schimmel naar de volgende hindernis. Om even later zonder strafpunten naar de derde eindtijd te rijden – routiniers als Gerco Schröder, Jeroen Dubbeldam en Piet Raymakers ver achter zich latend.

Ansems (20) is een van de acht leden van het Rabo Talententeam 2008 dat zaterdag in twee blinkende cabrioletten werd gepresenteerd in de Brabanthallen. Met een wildcard mocht de springruiter drie dagen ervaring opdoen op een sterk bezet hippisch concours. „Een enorme uitdaging”, zegt hij na zijn succesvolle optreden, dat hem weer een stap dichter bij zijn doel heeft gebracht: een internationale springcarrière. „Het niveau ligt een stuk hoger dan bij de young riders (groep ruiters van 16 tot en met 21 jaar, red.) Ik doe hier een schat aan ervaring op.”

Het talententeam valt onder de hippische bond KNHS. Leden van het eliteteam worden voorbereid op alle aspecten van het professionele ruitersbestaan. Ze krijgen trainingen van de bondscoach, worden in contact gebracht met sponsors en krijgen bijstand van mediatrainers, fysiotherapeuten en mental coaches. Soms lukt het de sponsor een startplaats bij een internationaal concours te versieren – zoals in het geval van Ansems bij Indoor Brabant.

En dat is hard nodig, vindt Joep Bartels. De vader van dressuuramazone Imke Schellekens-Bartels ontwikkelde het opleidingstraject eind jaren negentig en bracht het in 2002 onder bij de hippische bond. In een sport die door relatief veel ouderen wordt beoefend – aan de Spelen in China doet een 67-jarige Japanse dressuurruiter mee – krijgt talent volgens hem weinig kans zich te profileren. „Veertigjarige ruiters zijn meestal nog in full swing”, zegt de man die enkele decennia geleden de kür op muziek in de dressuursport introduceerde. „Wil je daar als groentje tussenkomen, dan heb je alle hulp van de wereld nodig.”

Lotje Schoots (19) weet er alles van. Sinds de dressuuramazone enkele jaren geleden werd opgenomen in het talententeam, timmert zij op nationaal niveau aardig aan de weg. Toen zij in mei bij het NK dressuur in Eindhoven de eerste plaats veroverde in categorie ‘ZZ zwaar’, de op één na hoogste klasse onder de grand prix, voorspelden kenners dat zij in de voetsporen van Anky van Grunsven zal treden. „Een groot compliment”, zegt Schoots, die bij Indoor Brabant derde werd in de future test, een onderdeel voor ambitieuze ruiters die een overstap naar de grand prix willen maken. „Maar Anky heeft zich dubbel en dwars bewezen en ik sta aan het begin van een lange weg. Het zal heel wat vergen om aansluiting bij de top te vinden.”

Dat geldt niet voor Tim Lips, de zoon van eventing bondscoach Martin Lips. Met zijn 22 jaar werd hij vorig jaar nationaal kampioen in de discipline waarbij ruiters een dressuurproef, een terreinproef en een springparcours moeten rijden. Als de oud-student sport management de komende weken goed presteert bij internationale kampioenschappen, mag hij in augustus Nederland vertegenwoordigen bij de Spelen. „Sportief gezien heb ik hier weinig te zoeken”, zegt Lips in antwoord op de vraag wat hem naar Indoor Brabant brengt. „Want dit toernooi kent geen onderdeel eventing. Maar omdat ik lid ben van het talententeam, mag ik gesprekken met potentiële sponsors voeren.” Geen bijkomstigheid, vindt Lips. „Want wie op topniveau wil rijden, moet over goede paarden beschikken.”

Dat ruiters als Gert Jan Bruggink, Gerco Schröder, Laurens van Lieren en Marlies van Baalen na een opleiding in het talententeam furore maakten, blijft niet onopgemerkt in de internationale paardenwereld. „Een ijzersterk opleidingstraject”, zegt Mariette Withages, die Indoor Brabant bijwoonde als voorzitter van de dressuurcommissie van de internationale paardenfederatie FEI. Ook België en Engeland hebben volgens Withages opleidingstrajecten. Maar geen land heeft daar zo’n grote sponsor achter staan. „Het zal niet lang duren voor dit concept de wereld over gaat.”

    • Danielle Pinedo