Dijen

Het is allemaal de schuld van de vader van Chris Hoy. Weegschalen kruipen terug in de verpakking als ze vader Hoy zien naderen. Tijdens de wereldkampioenschappen baanwielrennen in Manchester spatte hij op de tribune bijna uit het ruitjesshirt. Extra large. Daar kwam het brede lijf van zoon Chris vandaan.

Een lichaam van vader op zoon.

Tijdens de zesdaagse in Rotterdam, afgelopen januari, zag ik Chris Hoy voor me lopen in de tunnel onder de baan door. Fenomenale dijen. Onder de huid streden de spieren om het beste plekje. Eigenlijk had ik nog nooit zulke dijen gezien bij een wielrenner. En dan die vierkante nek en die grote bovenarmen. Massive noemen Britten dat.

Theo Bos reed tijdens de zesdaagse wedstrijden tegen zijn buitenlandse collega-sprinters. Ik sprak hem aan over het imposante lichaam van Chris Hoy. Daar was die typische, broodnuchtere blik van Bos. Hoy? Die kon hij pakken. Op pure snelheid, op souplesse. En hij deed het ook. Keer op keer stond Ahoy in lichterlaaie na een door Bos gewonnen sprint.

Maar een zesdaagse in eigen land is iets anders dan een WK op Brits grondgebied. Bos vertrok na de verloren kwartfinale met een wit snuitje uit Manchester terwijl vader Hoy zijn brede borst naar voren duwde nadat zijn zoon wereldkampioen was geworden.

Theo Bos heeft nog vijf maanden voordat hij in Peking de strijd om olympisch goud voor de baansprint aanmoet met Chris Hoy. Je zou denken: doe als Hoy en pomp je lijf vijf maanden lang op. De sportschool in, gewichten boven je hoofd. Fout. Nooit de weg van je tegenstander volgen. Bos heeft Hoy in het verleden vaak genoeg verslagen met eigen middelen.

De eerste winst ligt in het feit dat hij verloren heeft; dat moet Theo Bos al genoeg prikkelen. Van haarpunt tot teennagel. En Hoy heeft op zijn beurt een nadeel: hij heeft gewonnen.

Wat me wel verontrustte, was de gesuggereerde klasse van het begeleidingsteam van de Britten. Ze verschenen zondagmiddag één voor één voor de camera van de BBC.

Voormalig hardrijder Chris Boardman is technisch adviseur van de Britten. Hij was zeer tevreden over de fietsen. Hij lachte geheimzinnig en zei dat ze nog een paar technische snufjes achter de hand hadden gehouden voor Peking.

Daarna kwam Steve Peters aan het woord. Een bescheiden man met grijs haar die zich de psycholoog van het Britse team noemde. Hij heeft Chris Hoy geleerd hoe je moet winnen: zet alle negatieve gedachten uit je hoofd door je alleen maar op je race te concentreren die je moet fietsen.

Visualiseren, dat is wat Hoy volgens Peters doet. Voortdurend in je hoofd een film afdraaien over hoe je de race gaat rijden. En winnen.

Bos moet in Peking dus niet bang zijn voor de enorme dijen van Hoy. Hij zou in zichzelf moeten gillen van de lach, misschien wel van zijn fiets moeten vallen, als hij dat bespottelijk gespierde lijf van Hoy ziet langskomen.

Volgens de methode van psycholoog Steve Peters moet hij zijn race tegen Hoy nu al rijden in zijn hoofd. Gewoon trappen, ademhalen en als eerste over de streep rijden in Peking. Je zou bijna vergeten hoe lekker het is om aan winnen te denken. Fijner dan steeds maar terug te denken aan verlies. Dat weet Theo Bos sinds deze WK in Manchester als geen ander.