IJslandse regering steunt banken

De IJslandse premier Geir Haarde heeft gisteren zijn vertrouwen uitgesproken in de IJslandse banken en de nationale economie die volgens Haarde „beide sterke fundamenten hebben, ondanks de internationale tegenwind”.

Gaarde zei dat de regering en de centrale bank de drie grote banken zullen steunen als ze in moeilijkheden komen. „De rijksoverheid, die geen of nauwelijks schulden heeft, kan zonodig omvangrijke bedragen lenen.”

Gaarde noemde het „onlogisch” dat de banken nu hoge verzekeringspremies moeten betalen voor leningen. Hij noemde het „absurd” dat ook de IJslandse staat hoge premies voor leningen moet betalen „die overeenkomen met die voor landen met hoge schulden”.

Internationale financiers zijn sceptisch over de solvabiliteit van de IJslandse banken die hun expansie in het buitenland hebben gefinancierd met grote leningen op de internationale kapitaalmarkt die nu moeten moeten worden terugbetaald.

Inmiddels daalt de IJslandse kroon opnieuw in waarde. De kroon verloor gisteren 3,2 procent ten opzichte van de euro. Drie dagen nadat de IJslandse centrale bank de basisrente tot 15 procent verhoogde om de nationale munt te steunen en daarmee inflatie te bestrijden, is de kroon, na een aanvankelijke opleving, terug op het niveau van voor de renteverhoging, het laagste sinds 2001.

De depreciatie van de kroon beïnvloedt direct de inflatie, die deze maand met 1,7 procent steeg, de snelste stijging sinds 2002. De inflatie bedraagt nu 8,7 procent op jaarbasis en zal volgende maand verder stijgen tot 10 procent, aldus een analist van de Glitnirbank.

    • Jan Gerritsen