Aan de vleeshaken van het marktdenken

Hij scheert alle moslims over één kam, dat is kwetsend. Hij zegt dat het vijf voor twaalf is maar levert geen begin van een oplossing van het islamiseringsprobleem dat hij signaleert. Dat was de kern van de reacties uit de coalitie op Fitna, de eindelijk verschenen korte film van Geert Wilders. Die aanvalsverdediging had trekken van een monumentale jij-bak.

Hoe zou het komen dat in dit land mensen die zich zorgen maken een partij of beweging beginnen en volksstammen achter zich krijgen? Hoe zou het komen dat de huidige coalitie al vrij snel met een minderheid in de peilingen moest regeren, terwijl de politieke flanken bleven zwellen? Van Boer Koekoek tot Rita Verdonk zijn de verontrusten het Binnenhof opgemarcheerd uit afkeer van het gebrek aan respons van de gevestigde partijen.

Toen Hans van Mierlo en de zijnen in 1966 stormenderhand de Tweede Kamer veroverden, bestreden zij een fantasieloos, reactief politiek bestel. Zij wilden volwassen burgers bij het bestuur van hun eigen leven en land betrekken met staatkundige activeringsideeën zoals een gekozen premier. Erfopvolger Pechtold houdt als een sociaal-liberale partizaan de vlam brandend, hij ziet ruimte voor vijftien zetels. Maar staatkundige hervormingen laat hij even zitten. Dit kabinet heeft de verstandige analyses van de Nationale Conventie niet eens gelezen, lijkt het vaak.

Wie de vele vormen van verwarring overziet waar land en bestuur onder lijden, veronderstelt al snel dat de bestuurdersklasse veertig jaar geleden eerder te veel dan te weinig heeft toegegeven aan de nieuwe wilden. Dat lijkt maar zo. Het is een kenmerk van ons bestel: meebuigen als riet in de storm, terugbuigen als de wind gaat liggen. De bestuursvorm is amper veranderd. Niks referendum, niks direct gekozen bestuurders, de Randstad rommelt lekker door met vier bestuurslagen. Alleen gemeenteraden wijzen nu hun eigen burgemeester aan, dát partijspelletje is het Binnenhof een beetje kwijt.

Maar tegelijkertijd is een veel langduriger en ingrijpender storm over het land getrokken in de vorm van een marktverheerlijking die vrijwel geen overheidstaak onberoerd heeft gelaten. Het is bij herhaling aan de kaak gesteld door de vicepresident van de Raad van State, Tjeenk Willink: het begrippenapparaat van het bedrijfsleven is niet geschikt om de vervulling van overheidstaken te definiëren, noch om de kwaliteit ervan te meten.

Hetzelfde misverstand is nog eens in kaart gebracht in een nieuwe bundel onder redactie van Frank Ankersmit en Leo Klinkers (De tien plagen van de staat. De bedrijfsmatige overheid gewogen, uitg. Van Gennep). In heldere bijdragen van onder meer Jouke de Vries, Martin Sommer, Evelien Tonkens, Paul Frissen en Margo Trappenburg wordt de ravage beschreven die de commerciële metafoor heeft aangericht in onderwijs, zorg en andere gebieden waar je op de overheid rekent.

Ankersmit rekent zelf af met de tekortschietende logica van de door de econoom Wolfson voor de WRR in 2005 bepleite ‘transactiestaat’. De ideeënhistoricus analyseert hoe de essentie van politieke besluitvorming is ondermijnd in het sociaal-wetenschappelijke, technocratische model dat, zoals altijd in Nederland, met de beste bedoelingen wordt aanbevolen door de vermarkters. Klinkers rondt het vonnis af met kritiek op de ‘besturisering van de politiek’ en een pleidooi voor politiek vakmanschap, en moed.

Dit is geen vakantielectuur; het is lastig te bespreken aan een elektronische stamtafel. Maar het verschijnsel raakt de kern van Pim Fortuyns veenbrand, van de woede om het gewauwel die je proeft bij Rita Verdonks achterban. Jan Marijnissens SP is niet alleen groot geworden door een grafisch rood appeltje. Zijn socialisten hebben vroeg ingezien dat veel Nederlanders als werknemer én als burger klem zijn gezet in procedures en waardepatronen die de hunne niet zijn.

Noem het de bedrogen emancipatie. In de jaren 60 van de vorige eeuw werd iedereen mondig verklaard, en rechthebbend op gelijke kansen. Dat wekte verwachtingen die de schepping niet aankon. Maar in plaats van dat hardop te zeggen, en keuzes voor te leggen, bestelde Den Haag een managerskaste plus IT-systemen die het onmogelijke beloofden. Zo zou de Zorgverzekeringswet iedereen genezen tegen lagere kosten, werd de Belastingophaaldienst uitkeringsloket. Steeds meer verfijnde gelijkmakers, maar ook meer geld voor spullen, reizen en eten. Bezuinigen en meer beloven. Hard en toch zacht. Met de markt als tovenaar.

Teleurstellingen konden niet uitblijven. Deetman moest 25 jaar geleden jonge leerkrachten afknijpen. Nu zijn er te weinig en hun salaris loopt achter. Deze week overwonnen zij hun schroom en togen naar het Binnenhof. Een gruwelijker voorbeeld ligt dagelijks op miljoenen borden. Lees het rapport van de (permanent gereorganiseerde) inspectie over de vleesindustrie. Het lag een jaartje in de la van het ministerie. Zo diep dat staatsraad Hoekstra moest uitzoeken of het echt waar was wat er in stond. Het was echt waar.

Het keiharde rapport van de Voedsel en Waren Autoriteit heet eufemistisch Modernisering Activiteiten Levende Dieren en levende Producten. Samen met de getuigenissen van insiders, woensdag op een hoorzitting in de Tweede Kamer, is het de schets van een volstrekt voorspelbaar schandaal. Om te bezuinigen en ‘marktgerichter’ te werken is de vleeskeuring aan de slachters toevertrouwd.

In 1906 schreef Upton Sinclair zijn klokkenluidersroman The Jungle, over de vleesverwerkende industrie in Chicago. Ondanks levensbedreigende tegenwerking leidde het tot de Federal Food and Drugs Act, het begin van overheidskeuring. Dat is ook in de VS geen veilig bezit. In Nederland creëren wij honderd jaar later vergelijkbare wantoestanden. Uit een combinatie van markt-, bezuinigings- en iedereen alles beloven-waan.

Het is hoog tijd dat de politiek opnieuw vaststelt wat de taken van een fatsoenlijke overheid zijn. Die goed doen en ophouden met alle publiek-private begripsverwarring. De markt is prachtig, voor concurrerende producten. Maar niet voor ziek-zijn, politie, onderwijs, waterbeheer, ruimtelijke ordening, voedselveiligheid. De weke Haagse jungle heeft het aan zichzelf te danken als straks de noodrempartijen van Marianne Thieme, Jan Marijnissen, Rita Verdonk en Geert Wilders de meerderheid halen.

    • Marc Chavannes