‘Turkije een trein die op een muur afdendert’

De politieke crisis in Turkije wordt steeds dieper. De beurs van Istanbul weerspiegelt met een verlies van 28 procent de malaise in het land.

Journalist Ilhan Selcuk is al in de tachtig maar dat weerhield de Turkse politie er niet van om hem in het holst van de nacht te arresteren. Selcuk onderhoudt banden, zo was de officiële verklaring, met de extreem-nationalistische bende Ergenekon, die onder andere verantwoordelijk zou zijn voor de moord op de Turks-Armeense journalist Hrant Dink.

Met name seculiere Turken geloofden daar helemaal niets van. Selcuk is columnist voor de seculiere krant Cumhuriyet en als zodanig een fervent tegenstander van premier Erdogan. Veel seculiere Turken denken dat de arrestatie van Selcuk deel uitmaakt van het offensief van de ‘gelovige hordes’ van de AK-partij om de macht in Turkije over te nemen en de seculiere Republiek te vernietigen.

Na de arrestatie verzamelde zich een opgewonden menigte bij het gebouw van de Cumhuriyet. „Genoeg, genoeg, dit mag niet zo verder gaan”, schreeuwde een vrouw van middelbare leeftijd geheel buiten zinnen.

Nog geen jaar is verstreken sinds de AK-partij van premier Erdogan met meer dan veertig procent de parlementsverkiezingen in Turkije won. Op de avond van de overwinning beloofde Erdogan dat hij naar consensus in Turkije streefde en dat hij een premier voor alle Turken wilde zijn. Maar vooralsnog is Turkije verdeelder dan het ooit was.

Bij het Constitutionele Hof loopt een rechtszaak over het besluit van het parlement om de hoofddoek binnen de universiteitscampussen toe te laten. Een dezer dagen wordt duidelijk of datzelfde Hof een verzoek van openbaar aanklager Yalcinkaya van het Hof van Cassatie ontvankelijk verklaart om de AK-partij te verbieden omdat deze een broeinest van ‘anti-seculiere’ activiteiten geworden zou zijn. En sinds de arrestatie van Selcuk (die voorlopig op vrije voeten is gesteld maar Turkije niet uit mag) is ook de Ergenekon-affaire een bron van conflict geworden. Seculiere Turken vragen zich hardop af of er wel zo’n bende is of dat de AK-partij haar heeft gecreëerd om seculiere verdedigers van de Republiek aan te pakken.

Hoezeer Turkije in een crisis is verzonken, blijkt wel uit de ontwikkeling van de beurs. Natuurlijk is de beurs in Istanbul niet de enige die problemen heeft maar de Turkse politieke perikelen hebben haar een extra dreun gegeven. Sinds het begin van dit jaar heeft de beurs 28,4 procent prijs moeten geven; circa 90 miljard dollar verdampte.

Geen wonder dat sinds enige dagen allerlei maatschappelijke organisaties oproepen tot kalmte. „Turkije wordt momenteel geconfronteerd met zware politieke en juridische testen”, aldus Rifat Hisarciklioglu, hoofd van de Turkse Kamers van Koophandel. „Wij allen hopen dat Turkije zonder schade door deze kritieke periode heenkomt.”

Maar vooralsnog zijn beide kampen niet bereid water bij de wijn te doen. De AK-partij is druk bezig om een weg te vinden om de grondwet te veranderen teneinde sluiting van politieke partijen moeilijker te maken. De partij is zelfs bereid om de kwestie voor te leggen aan het Turkse volk in een referendum.

„En dat is een zekere weg naar vechtpartijen”, aldus Devlet Bahceli, de leider van de extreemnationalistische MHP. De MHP-leider hielp de AK-partij bij het afschaffen van het hoofddoekenverbod maar slaat nu een bepaald kritischer toon tegen Erdogan aan. Hoezeer de AK-partij overtuigd is van haar eigen gelijk blijkt wel uit de formule die haar woordvoerders zo ongeveer als een mantra bezigen: meer dan veertig procent van het Turkse volk gaf ons zijn vertrouwen.

Het seculiere kamp is bepaald even inflexibel. Onder leiding van Deniz Baykal is de CHP veranderd in een streng geleide sekte die een Staphorst-versie van het secularisme aanhangt. De mantra in CHP-kringen is dat Erdogan en consorten van Turkije een soort Afghanistan willen maken. „Erdogan en de zijnen spelen met vuur”, zei een CHP-afgevaardigde eerder tegen deze krant. „Als je het secularisme aantast, tast je de democratie in Turkije aan.”

Net als in de jaren zeventig wordt ook de Turkse maatschappij steeds meer verdeeld. „Kijk nou toch”, zegt een kruidenier in Istanbul die een televisie in zijn zaak heeft staan en naar het nieuws kijkt. „Eindelijk hebben we een regering die de handen uit de mouwen steekt en dan proberen zij (lees: het seculiere kamp) alles weer kapot te maken.”

Enige honderden meters verderop denkt een seculiere ambtenaar er heel anders over. „Hij heeft gelijk, hij heeft gelijk”, zegt deze als hij de streng seculiere journalist Emin Cölasan op televisie hoort vertellen hoe onrechtvaardig de arrestatie van Ilhan Selcuk was. „Zou jij niet bezorgd zijn als ze van Nederland een gelovige staat willen maken?” En zo lijkt Turkije momenteel, in de woorden van journalist Can Dündar, op een trein die afstevent op een muur. De passagiers vechten maar niemand denkt er aan om de trein stop te zetten.

    • Bernard Bouwman