Iran speelt rol op Arabische top

Morgen begint in Damascus de eerste Arabische top op Syrisch grondgebied. Amerika’ s belangrijkste bondgenoten in de regio zijn nauwelijks vertegenwoordigd.

Egypte, Saoedi-Arabië en Jordanië sturen maar een héél lage vertegenwoordiging naar de tweedaagse Arabische topconferentie die morgen in het speciaal opgepoetste Damascus begint. De Libanese regering komt helemaal niet.

Als verklaring geven ze hun ongenoegen over het Syrische aandeel in de slepende politieke crisis in Libanon. Op de achtergrond spelen het Syrische bondgenootschap met Iran en de Syrische steun voor radicale Palestijnse en andere groepen een belangrijke rol.

Syrië is er naar het zich laat aanzien toch in geslaagd tussen de tien en vijftien van de 22 Arabische leiders te verzamelen – de leiders van Koeweit en Qatar komen bijvoorbeeld wél. Maar pas als de top begint valt met zekerheid te zeggen wie er is en wie niet – niet veel anders dan op de meeste toppen. De Arabische wereld bewijst bij dit soort gelegenheden doorgaans vooral hoe verdeeld en machteloos zij is. Ze leveren zelden iets op, en dat wordt ook nu niet verwacht.

Alleen de topconferentie van vorig jaar in de Saoedische hoofdstad Riad trok twintig leiders. Maar toen was de door Saoedi-Arabië fel gepropageerde herbevestiging van het Arabische plan voor vrede met Israël ook hoofdschotel op het menu. Vrede met Israël in ruil voor teruggave van alle bezette Arabische gebieden, de vestiging van een onafhankelijke Palestijnse staat en een regeling van het probleem van de Palestijnse vluchtelingen. Daarmee konden zelfs de bekende dwarsliggers in de Arabische wereld het niet oneens zijn.

Het plan, een oorspronkelijk Saoedisch initiatief, werd vervolgens door Israël voor kennisgeving aangenomen en verkommert nu in een la. Het Israëlisch-Palestijnse vredesproces zit in een diepe impasse. Maar het voorstel van sommige radicalere Arabische landen het vredesplan in Damascus dan maar weer in te trekken, zal het zeker niet halen. Zoals de Egyptische minister van Buitenlandse Zaken Aboul Gheit eerder deze week zei: dat zou alleen maar Israël de gelegenheid bieden helemaal onder zijn verplichtingen uit te komen.

Amerika’s sunnitische bondgenoten Saoedi-Arabië, Jordanië, Egypte en de Libanese regering beschuldigen Syrië ervan dat het via de huidige politieke crisis een comeback wil maken in het kleine buurland dat Damascus als onderdeel ziet van zijn legitieme invloedssfeer. De door Syrië (en Iran) gesteunde Libanese oppositie, die bestaat uit het fundamentalistisch-shi’itische Hezbollah en de christenen van oud-generaal Michel Aoun, eist vetomacht in het kabinet dat moet aantreden na de verkiezing van een nieuwe president. Dan kan zij bijvoorbeeld de door de internationale gemeenschap geëiste ontwapening van Hezbollah tegenhouden.

Zolang de oppositie haar zin niet krijgt blokkeert zij de parlementaire verkiezing van een president. Die is nu 17 keer uitgesteld. Libanon zit al vier maanden zonder president. In de tussentijd wordt het land steeds instabieler.

Maar belangrijker is Syriës alliantie met het shi’itische Iran, dat door de Amerikaanse eliminatie van zijn Iraakse vijand Saddam Hussein heeft geprofiteerd om zijn positie in het Midden-Oosten te versterken. De top, de eerste in Damascus in de geschiedenis van de Arabische Liga, werd Syrië destijds in Riad aangeboden als aanmoediging om Iran los te laten.

Maar er is geen enkel teken dat de Syrische president Assad zo’n stap overweegt. Integendeel, in Damascus is ook de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Mottaki aanwezig. Als waarnemer, want het Perzische Iran heeft in principe niets te zoeken op deze Arabische bijeenkomst.

In die zin is ook deze top onderdeel van de machtsstrijd in de regio tussen de islamitische republiek en de Verenigde Staten. Want Washington heeft openlijk de Arabische leiders geadviseerd nog eens goed na te denken voor zij naar Damascus vertrokken.

De Engelstalige Libanese krant Daily Star, bepaald niet pro-Syrisch, gaf gisteren in een commentaar de Syrische minister van Buitenlandse Zaken Walid Mouallem gelijk die had gezegd dat Amerika heimelijk bezig was om de top te ondermijnen. „Het is duidelijk dat de Amerikaanse regering verscheidene volkeren in gijzeling houdt ten behoeve van zijn eigen ideeën voor een nieuwe orde in de regio”, aldus de commentator.