Boycot Olympische Spelen

Op Tweede Paasdag werd de ceremonie rond het ontsteken van het olympisch vuur verstoord door drie betogers die protesteerden tegen het politieke klimaat in China. Het is zeker niet de eerste keer dat het sportevenement voor een politiek karretje gespannen wordt. Zo gebruikte Hitler de Spelen van 1936 om de wereld de geoliede machine van het nationaalsocialisme te laten zien, en liep in München in 1972 het evenement uit op een bloedbad na de gijzeling van Israëlische sporters. Grote gevolgen had ook de boycot van de Olympische Spelen in Moskou in 1980. Nadat de Sovjet-Unie Afghanistan was binnengevallen reisden niet alleen de Amerikanen niet naar Moskou af, 61 andere landen volgden het voorbeeld. In The Political Olympics: Moscow, Afghanistan, and the 1980 U.S. Boycott van Derick L. Hulme valt te lezen dat de toenmalige president van de VS Carter twee redenen had voor de boycot. Naast op te willen treden tegen de agressie van Moskou, was de actie bedoeld om de Spelen op een financieel debacle uit te laten draaien. Met het thuisblijven van veel westerse sporters kon de Sovjet-Unie een dikke streep zetten door de opbrengsten die via sponsorgelden binnen hadden moeten komen.

Arjen Fortuin besprak (Boeken, 13.08.04) een aantal standaardwerken over de geschiedenis van de Olympische Spelen. Zo is er Athens to Athens van David Miller dat de geschiedenis van de moderne Olympische Spelen belicht en door Fortuin uitstekend werd bevonden. Over de bobo’s die door de jaren heen bij de organisatie van de OS betrokken waren oordeelt Miller streng, aangezien die ‘vooral in de tweede helft van de 20ste eeuw waren verwikkeld in politieke, corruptie- en dopingaffaires’, aldus Fortuin.