Voetbalzege met vakantiegevoel

Door een 2-0 overwinning op Nicaragua is het Antilliaanse voetbalelftal een ronde verder in de kwalificatie voor de WK. Eén doelpuntenmaker is voor het eerst op Curaçao.

Orlando Smeekes probeert de bal met een kunstig trucje achteruit te spelen. Normaal voetbalt de spits voor Go Ahead Eagles, maar deze avond schittert hij in het Antilliaans elftal voor een afgeladen stadion op Curaçao. Het geheel in witte T-shirts gestoken publiek klapt en schreeuwt. Maar Smeekes valt over de bal en de Nicaraguaanse verdediger geeft hem een trap na.

Op de tribune lacht student Verlon Donker. Op de rij voor hem maakt Wimbert Hato zich kwaad. „Je moet de tegenstander niet kleineren”, zegt Hato fel. De zoon van ‘de zwarte panter’ Ergilio Hato, de legendarische Antilliaanse keeper naar wie het stadion in Willemstad is vernoemd, heeft een uitgesproken mening. „Smeekes ging gewoon op die bal zitten. Dat is onsportief. Vandaar dat die vent hem zo heeft getackeld.”

Het nationale Antilliaanse voetbal, dat een bloeiperiode beleeft, is een mengeling van Nederlandse nuchterheid en Zuid-Amerikaanse souplesse. Voor het Curaçaose publiek, dat bij grote toernooien tot nu toe steeds moest kiezen tussen Brazilië en Nederland, is het eigen elftal een verademing. Ook als de fans de spelers niet bij naam kennen. De meeste voetballers hebben Antilliaanse wortels, maar wonen al jaren in Nederland. Aanvoerder Robin Nelisse, die ontbrak omdat hij vader wordt, speelt bij FC Utrecht, zijn vervanger Tyrone Loran voetbalt bij NAC en spits Brutil Hosé begon ooit bij Ajax.

Toegestroomde Nederlandse stagiairs kunnen de spelers beter uit elkaar te houden. Een Nederlandse jongen, zijn gezicht beschilderd in de kleuren van de Curaçaose vlag, slaat op een diepe base drum. Naast hem meppen Curaçaose supporters opgeblazen plastic staven in een roffel tegen elkaar. De straffe noordoostpassaat draagt het geluid tot ver buiten het stadion.

Op het veld jaagt Nicaragua, dat in februari thuis het eerste kwalificatieduel tegen de Antillen met 1-0 verloor, op een doelpunt. Maar het Antilliaanse elftal domineert. Vanuit een hoekschop komt het halverwege de eerste helft op 1-0, door een treffer van tijdelijke aanvoerder Tyrone Loran. Het publiek staat als één man voor hem op. Toch is Loran, wiens vader van het eiland komt, voor het eerst op Curaçao. „Het is best moeilijk”, zei hij eergisteren tijdens de training. „Je bent toch in een land waar het mooi weer is, de mensen zijn vriendelijk, je krijgt al snel een soort vakantiegevoel. Maar de jongens beseffen wel waarvoor we hier zijn.” Dat benadrukt ook Giovanni Franken, in Nederland aanvoerder bij RVVH Ridderkerk. „In Nederland wordt er over het Antilliaans elftal nogal lacherig gedaan, maar als je ziet hoeveel het voor de mensen hier betekent, moet je het wel serieus nemen.”

Het team moet de saamhorigheid op Curaçao versterken. Curaçaose zakenmensen hebben voor het voortraject van de WK-kwalificatie bijna 700.000 euro op tafel gelegd. Een poging het elftal naar het WK van 2006 te brengen, strandde tegen Honduras. Door de zege op Nicaragua halen de Antillen nu de volgende ronde, tegen Caraïbisch kampioen Haïti.

„Wacht maar”, zegt gevangenisbewaarder Leo Davelaar op de tribune. „Nu hangt het team nog als los zand aan elkaar. De spelers hebben amper samen getraind. Maar over een paar maanden zijn we veel sterker. Zeker weten.”

Op het veld proberen de drie Antilliaanse spitsen een tweede doelpunt te scoren. De Nicaraguaanse verdedigers worden steeds wanhopiger. Na een rode kaart blijven ze met tien man achter. Als Angelo Zimmerman, middenvelder bij BV Veendam, de strafschop benut, staat het 2-0. Daarna begint de show. „We zijn kunstenaars”, zegt Davelaar. „Nu spelen we gewoon met die gasten. We laten zien dat wij de heersers zijn. Ze zijn helemaal uitgevoetbald.”

Na afloop strompelen de Nicaraguanen, ondersteund door hun coach, naar de kleedkamer. Aan de zijlijn vieren de Antillianen hun overwinning. „We hebben gewoon een speelse cultuur”, verklaart Smeekes zijn gedrag tegenover een Nederlandse journalist. Bondscoach Leen Looyen is er minder over te spreken. „We hadden 4, 5-0 kunnen maken”, zegt hij. „Maar ze lieten zich gek maken door het publiek, door circusnummertjes te gaan doen. Dat je de tegenstander probeert te kleineren met tien man, dat is niet gepast.”

    • Miriam Sluis