Protest bij eerste reporters in Tibet

Lhasa, 27 maart. Tibetaanse monniken verzamelden zich vandaag rondom de eerste buitenlandse journalisten die Tibet weer mochten betreden. De Chinese autoriteiten dachten het bezoek zorgvuldig te hebben voorbereid, maar werden in verlegenheid gebracht door het protest, waarbij de monniken de Dalai Lama verdedigden tegen de beschuldiging van Peking dat hij het geweld in Tibet en de omliggende provincies heeft georganiseerd. Foto AP A Tibetan Buddhist monk, right, looks at a photographer while others surround the foreign journalists at the Jokhang Temple, one of Tibet's holiest shrines in Lhasa, capital of China's Tibet Autonomous Region Thursday, March 27, 2008. A government-managed visit by foreign reporters to Tibet's capital backfired Thursday when Buddhist monks disrupted the tour, screaming that there was no religious freedom and that the Dalai Lama was not to blame for Lhasa's recent violence. (AP Photo/Andy Wong) Associated Press

Ongeveer dertig Tibetaanse monniken hebben vandaag een bezoek verstoord van de eerste groep buitenlandse journalisten die Tibet weer in mocht. De monniken drongen de Jokhang-tempel binnen, een van de belangrijkste plaatsen in de hoofdstad Lhasa, en riepen „Tibet is niet vrij” en „Geloof ze [de Chinese autoriteiten] niet. Ze bedriegen jullie. Ze vertellen leugens”. De monniken werden zonder geweld afgevoerd door de politie.

De Chinese autoriteiten leiden sinds gisteren ongeveer twintig journalisten rond in Lhasa, waar strikte veiligheidsmaatregelen gelden nadat twee weken geleden gevechten uitbraken tussen ordetroepen en Tibetaanse demonstranten die meer autonomie eisen. Winkels werden geplunderd en auto’s in brand gestoken. In hun verslagen melden de journalisten dat in de oude Tibetaanse wijk van Lhasa nog altijd een rooklucht hangt en de meeste winkels en restaurants zijn gesloten. Op elke straathoek staat een politieagent of soldaat.

De monniken protesteerden vandaag tegen de beschuldiging van de Chinese autoriteiten dat het geweld was aangesticht door de Dalai Lama. Volgens de monniken had hun leider daar niets mee te maken.

De Chinese regering in Peking en de Tibetaanse regering die in het Noord-Indiase Dharamsala in ballingschap verblijft, geven sterk uiteenlopende slachtofferaantallen van het geweld, dat is overgeslagen naar de aangrenzende provincies. De Tibetaanse regering meldt 140 doden, de Chinese autoriteiten melden 22.

Volgens de Tibetaanse regeringswoordvoerder Thubten Samphet krijgt de regering in ballingschap haar informatie via sms-berichten en telefoongesprekken van mensen in Tibet met bekenden en familieleden in India. „Als we vanuit verschillende bronnen onafhankelijk van elkaar melding hebben gekregen over slachtoffers, beschouwen we dat als betrouwbaar en maken we daarvan melding op onze lijst. Als we slechts één bron hebben, tellen we die niet mee.” De lijst op de website van de Tibetaanse regering bevat echter slechts veertig namen. Daarbij wordt vermeld dat van de overige slachtoffers meer gegevens moeten worden verzameld.

De Amerikaanse president George W. Bush heeft gisteren in een telefoongesprek zijn Chinese collega Hu Jintao opgeroepen tot een dialoog met de Dalai Lama. Hu heeft gezegd bereid te zijn tot „contact en discussies” met de Tibetaanse leider, maar dat die eerst „moet stoppen met het aanwakkeren en organiseren van gewelddadige en criminele activiteiten en het saboteren van de Olympische Spelen in Peking.”

De lijst van de Tibetaanse regering in Dharamsala staat op www.tibet.net