Jarre op kastjes uit het museum

Pop: Jean Michel Jarre. Gehoord: 25/3 Carré Amsterdam.

„Deze synthesizers zijn net oude dametjes”, zei Jean Michel Jarre aan het begin van zijn concert. „Ze moeten langzaam op gang worden geholpen.”

Op tournee ter ere van de dertigste verjaardag van zijn elektronische standaardwerk Oxygene bracht Jarre (59) de authentieke apparatuur mee die op de oorspronkelijke langspeelplaat te horen was. Analoge synthesizers en alleen de primitiefste sequencers, apparaten die een reeks noten in serie herhalen, waren er toen. Die spullen klinken warmer en organischer dan het huidige digitale materiaal, aldus Jarre.

De Franse synthesizerpionier moet een huzarenstuk hebben geleverd bij het bewaren en herstellen van die kwetsbare apparaten. Hij bracht een glashelder stereogeluid met alle denkbare knerpjes, en speelde melodieën met unieke klanken en ritmes zoals ze ook wel in elektronische huiskamerorgels klonken, want betere drummachines waren er in 1977 niet.

Oxygene is een collage van klanken en melodieën die een ecologisch thema verbeelden, benadrukt door beelden achter de muzikanten. Het gekleurde licht en handig gebruik van een enorme spiegel waren eenvoudig, vergeleken bij de ingewikkelde lasershows die Jarre bij zijn mega-openluchtconcerten toepast. Met groot effect werkte hij toe naar het meest melodieuze stuk, het uit de hitparade bekende Oxygene IV. Al die muzikale suspence mondde uiteindelijk uit in een bloedstollende verklanking van het einde van de wereld.

Een kleine domper was het gebrekkige thereminspel van de meester, die toch genoeg tijd moet hebben gehad om te oefenen op zijn authentiek analoge radiomeubel met antennes. Het oersimpele melodietje herhaalde hij eindeloos – telkens even vals. Op zijn toetseninstrumenten en aan de knoppen van zijn filters kon hij veel beter uit de voeten, anderhalf uur lang met een solostuk als toegift. Als historisch evenement was het concert uniek, want zoveel van die nog goed werkende oude kastjes krijg je buiten een museum nooit meer bij elkaar.

    • Jan Vollaard
    • Door