Hoorzitting bevestigt tal van misstanden in de vleessector

Minister Verburg (Landbouw, CDA) laat een buitenlandse expert de misstanden in de vee- en vleessector onderzoeken. Dat beloofde ze gisteren aan de Tweede Kamer.

Anderhalf jaar lang keurde gediplomeerd slager Robert Vreven karkassen in slachterijen. Als hij er een niet vertrouwde kon hij het voor nadere inspectie apart laten hangen. „Ik heb meegemaakt dat zo’n karkas even later gewoon was verdwenen: toch het productieproces ingegaan”, vertelt Vreven in de wandelgangen van de Tweede Kamer. „Dat gebeurde zelfs met een karkas dat ik had afgekeurd.”

Vreven was een van de sprekers gisteren op een hoorzitting over het toezicht op de vee- en vleessector van de Kamercommissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Hij was de enige spreker die uit eigen ervaring over het werk in slachthuizen kon spreken. Toch kwam Vreven in de Kamer slechts weinig aan het woord – aanvankelijk wist niemand wie hij was en zonk hij in het niet tussen het geweld van alle professionele bestuurders en lobbyisten.

De hoorzitting was ingegeven door onlangs uitgelekte documenten over misstanden bij het toezicht op de sector door de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA). De Tweede Kamer wilde uit de eerste hand over deze misstanden worden geïnformeerd, nadat staatsraad Rein Jan Hoekstra (CDA) vorige week meldde dat een van de uitgelekte rapporten een „herkenbaar beeld” schetste. Later op de avond zei minister Verburg (LNV, CDA) dat ze nader onderzoek wil laten doen naar de omvang van de misstanden.

Sinds de jaren tachtig is het veterinaire toezicht bewust onttakeld, stelt Frans van Knapen, hoogleraar veterinaire volksgezondheid aan de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrechtse. „Stagiaires van ons die de VWA van binnen hebben gezien komen terug met verschrikkelijke verhalen en willen daar nooit meer werken”, zo beschrijft Van Knapen het uiteindelijke effect van deze onttakeling.

„Dierenartsen worden bij de VWA aangestuurd door ambtenaren die helemaal niets weten”, zegt Van Knapen. „Nascholing heeft niet meer plaats want er is geen geld. Regelmatig worden artsen onderuitgehaald door hun eigen organisatie.” Ook al leidt de Utrechtse faculteit genoeg dierenartsen op, zegt Van Knapen, niemand wil bij de VWA werken en dus heeft de dienst een tekort aan dierenartsen.

[Vervolg VLEESSECTOR: pagina 15]

VLEESSECTOR

Niemand wil nog bij VWA werken

[Vervolg van pagina 1] Vreven geeft een voorbeeld van een VWA-dierenarts die „door zijn eigen organisatie onderuit werd gehaald”. Als keuringsassistent werkte hij onder leiding van een VWA-dierenarts. Toen die hem steunde met een protest over het afgekeurde karkas dat toch in de productielijn was verdwenen, „werd de arts overgeplaatst”, aldus Vreven.

Toen Vreven de slachtlijn een keer stopzette kreeg hij een dag later via het bureau waar hij formeel in dienst was te horen dat hij dat nooit meer moest doen. Toen een collega ook een keer de band stopte, gooiden slachters dreigend hun messen voor de voeten van de keurder. De band stilzetten kost een slachthuis geld.

Vreven deed het werk vanaf 2005, de tijd dat de keuring werd overgeheveld van keurmeesters in overheidsdienst naar keuringsassistenten in dienst van het bedrijf KDS dat collectief eigendom is van de vleessector zelf. Per 1 januari 2006 zijn bijna alle keurmeesters met vervroegd pensioen gestuurd. Eind 2006 stond ook Vreven weer op straat. „De vleessector heeft de keuring nu helemaal in eigen handen. Niemand die hen nog iets kan vertellen. Ze kunnen de lopende band nu zo snel laten lopen als ze willen”, concludeert Vreven, en daar zit volgens hem de grote winst voor de slachterijen bij de privatisering.

„De expertise is verdwenen en er is geen toezicht meer”, stelde vroegtijdig gepensioneerd keurmeester Anton Breunis tijdens een video-presentatie voorafgaand aan de hoorzitting. „Er is alleen nog toezicht op de papieren die slachterijen bijhouden waarin men zegt wat men doet.”

VWA-dierenarts Noordkamp erkent dat intimidaties van artsen plaatshebben. Zelf zegt hij nooit angstgevoelens te hebben gehad, maar collega’s hebben er wel degelijk last van wegens „grotere intimidaties”. De VWA zet opvangteams in voor deze artsen.

Het grootste probleem dat Noordkamp echter constateert is gebrek aan kennis. Daardoor is het bedrijfsleven in staat artsen tegen elkaar uit te spelen. Transporteurs zaaien bijvoorbeeld verwarring onder controlerende artsen door te stellen dat ‘ die-en-die’ vorige keer iets wel goedkeurde. Als een arts niet stevig in zijn schoenen staat qua kennis van de regels, gaat hij overstag. Oorzaak van de gebrekkige kennis? Tekort aan artsen.

Is het niet ook een groot probleem, vroeg Marianne Thieme (PvdD), dat de top van de VWA hard optreden tegen overtredingen tegenwerkt? „Ik denk dat dat vroeger erger was”, stelt Noordkamp.

Het schokkendste verhaal overhandigde Thieme schriftelijk aan minister Verburg. Het is het door een notaris opgetekende verhaal van iemand die „betrokken is geweest bij werkzaamheden van de Algemene Inspectiedienst” (AID, de opsporingsdienst van het ministerie van Landbouw), namelijk een onderzoek naar zogeheten ‘wrak’ vee (vee dat niet meer kan lopen en niet mag worden geslacht), dat toch in het slachthuis eindigt. Doordat het bewuste onderzoek niet tot vervolging heeft geleid, is de bewuste persoon met het verhaal naar buiten getreden. Wegens „angst voor represailles uit de sector” en meerdere bedreigingen wil hij of zij de identiteit slechts in een persoonlijk gesprek met de minister bekendmaken. Verburg gaat op dit aanbod in. Tegen het einde van het debat zei ze bereid te zijn tot een ontmoeting.

Documenten over de VWA staan op nrc.nl/economie