Denk nu een keer niet aan ontploffingen!

Geen woord over lerarenstakingen, urennormen of slechte salarissen.

Vandaag deel 3 in een serie: ode aan het vak Scheikunde.

Illustratie Leonie Bos Bos, Leonine

Als je goed om je heen kijkt, zie je dat alles chemie is. Of het nu om voedsel gaat of om het lichaam, om kleding, om de spullen die je gebruikt – alles kun je chemisch bekijken en beschrijven. Ook gevoel heeft te maken met chemie.

Als je bijvoorbeeld verliefd bent, worden in het lichaam bepaalde hormonen gemaakt. Deze hormonen zijn niets anders dan ingewikkelde chemische bouwstenen die in de hersenen reacties veroorzaken, met als resultaat dat je gaat stotteren, blozen en meer van die onhandige zaken.

Veel vragen kun je beantwoorden als je naar de chemie achter de vraag kijkt. Waarom heb je voedsel nodig? Hoe komt het dat een kogelvrij vest kogels kan tegenhouden? Hoe komt het dat een hapjespan niet aanbakt?

Voedsel heb je nodig omdat dit de legostenen bevat die het lichaam hergebruikt, bijvoorbeeld om na te denken of om te groeien. Het lichaam voert chemische reacties uit met het voedsel, slaat het op in de vorm van vetweefsel of gooit het weg in de vorm van zweet, ontlasting en urine. In elk geval is jouw lichaam één grote chemische fabriek.

Een kogelvrij vest is gemaakt van een hele batterij aaneengeschakelde bouwstenen. Deze bouwstenen zijn zo gerangschikt dat ze een heel stevig rooster maken waar een kogel niet doorheen kan, zelfs niet met een hele hoge snelheid. En de hapjespan bakt niet aan omdat deze bouwstenen bevat die zo zijn geplaatst dat er geen deukjes en hobbeltjes in zitten.

Alle bovengenoemde vragen kunnen dus worden beantwoord door naar de chemie te kijken. Maar vraag nu de buurvrouw van twee huizen verderop eens waar zij aan denkt bij het woord chemie. De kans is groot dat zij zal antwoorden: ontploffingen, vervuiling, vieze chemische middeltjes. Jammer dat zij (nog) niet weet dat chemie om haar heen is, dat het niet vies hoeft te zijn en dat wij zelfs niet zonder chemie kunnen.

Aan de andere kant is chemische industrie niet altijd even schoon en is de mens de grote vervuiler van zijn eigen leefomgeving. Gelukkig zijn we ons hier van bewust. Met de huidige kennis wordt er steeds meer milieuvriendelijk geproduceerd. Dat komt ook onze gezondheid ten goede.

Dan rijst meteen de vraag: zijn chemische stoffen ongezond? Veel mensen zeggen dat ze liever natuurlijke producten kopen, omdat dat gezonder zou zijn. Ik maak dan graag de vergelijking met de woorden in een boek. Als die woorden met de hand worden geschreven, zijn ze dan anders dan als ze met hulp van de computer worden geschreven? Is de inhoud van het boek anders? Het kost alleen meer tijd het boek met de hand te schrijven. Maar er staat hetzelfde.

Dat is met stoffen, de chemische bouwstenen van alles om ons heen, precies hetzelfde. Of ze nu met behulp van een plant worden gemaakt of in de fabriek, de stof blijft dezelfde stof. Neem bijvoorbeeld bio-alcohol, misschien een nieuwe vorm van energievoorziening. Die is chemisch gezien precies hetzelfde als gewone alcohol.

Alleen wordt bio-alcohol gemaakt uit planten, zoals alcohol in wijn gemaakt wordt uit druiven. Maar de alcohol die als grondstof dient voor veel producten wordt gemaakt op basis van aardgas en aardolie. Hierdoor denken mensen dat die alcohol ongezonder is dan bio-alcohol. Chemisch gezien is dat niet waar, zowel bio-alcohol als alcohol is de stof ethanol.

In de klas vraag ik wel eens: als alles om ons heen chemie is, zouden we die chemie dan ook kunnen beïnvloeden? Dat zou toch geweldig zijn. Als je chemisch begrijpt waarom een bepaalde bacterie iemand ziek maakt, kun je dus ook onderzoeken hoe je die bacterie kunt doden zonder dat de persoon daar nog zieker door wordt.

Zodra je het middel hebt gevonden, kun jij die persoon genezen. En niet alleen hem, maar ook alle andere mensen die ziek zouden kunnen worden. Deze middelen ken jij als medicijnen. Wat niets anders is dan chemie, scheikunde!

Een chemokuur die wordt gebruikt bij kankerbestrijding beoogt eenzelfde resultaat: het doden van de kwaadaardige kankercellen en het gezond houden van de rest van het lichaam. Helaas zijn wij nog niet zo goed in staat deze chemokuur zo te maken dat die alleen de kankercellen aanpakt.

Kankerpatiënten die een chemokuur ondergaan zijn vaak erg beroerd tijdens een chemobehandeling, want naast de kankercellen worden ook de gezonde lichaamscellen aangetast. Daar ligt een grote uitdaging. Als jonge chemicus kun je misschien in groot internationaal onderzoek straks de juiste methode vinden.

Naast de gezondheidszorg kan de chemicus ook op ander terrein een belangrijke rol spelen. Technische hoogstandjes vragen om een chemicus. Iedereen onderzoekt op dit moment de sterkte van spinnenrag. Als je spinnenrag tot een draad maakt met de dikte van een potlood, kun je er een vliegtuig mee uit de lucht halen. Denk je eens in wat voor een mogelijkheden er ontstaan op het moment dat jij degene bent die weet te ontrafelen hoe je spinnenrag in een lab kunt maken.

Of op het gebied van nieuwe energievoorzieningen. Over de hele wereld wordt gezocht naar milieuvriendelijke brandstof: bio-alcohol, waterstof, zonlicht, wind – hoe kunnen verschillende bronnen zo optimaal mogelijk benut worden. Allemaal antwoorden die nog gevonden moeten worden.

Het wachten is op die ene chemicus. Op dit moment is er namelijk een groot tekort aan chemici, zowel in het bedrijfsleven als het wetenschappelijk onderzoek. Maar je kunt natuurlijk ook voor de klas gaan staan om al die nieuwe jonge onderzoekers op te leiden. Ik ben enorm trots dat ik lerares scheikunde ben. De examens komen eraan, de spanning stijgt. Het voelt elk jaar weer alsof ik als docent ook examen doe. Heb ik mijn leerlingen alles geleerd, hebben we alles behandeld, zijn we niets vergeten? En als het goed uitpakt glim ik van trots. Het is gelukt! Als het mis gaat: ai, pijnlijk. Want dat wil ik niet.

In de derde klas bereiden leerlingen zich voor op hun profiel. In deze tijd van het jaar wordt er volop over gesproken en getwijfeld. Een aantal leerlingen heeft al besloten mijn vak te zullen laten vallen – au. Intussen moeten zij nog wel een half jaar mijn lessen volgen.

Wat mij nu opvalt en raakt, is dat zij niet spijbelen maar gewoon enthousiast mee blijven doen met het chemisch benaderen van alledaagse dingen: hoe kun je begrijpen waarom suiker oplost in water en plastic niet? Hoe komt het dat je een telefoon altijd weer kunt hergebruiken, wat gebeurt er tijdens dat opladen precies?

En ik hoop dat als deze leerlingen volgend jaar terugdenken aan het vak, dat zij niet meer denken dat chemische reacties per definitie alleen maar gaan over gevaarlijke ontploffingen, maar dat zij zien dat alles om hen heen eigenlijk chemie is.

Bregje van den Berg (34) studeerde scheikunde aan de Universiteit van Amsterdam en geeft sinds 2003 scheikunde aan het Hervormd Lyceum Zuid in Amsterdam.

    • Bregje van den Berg