Belust op voordeel ontweken ziekenhuizen btw

Ziekenhuizen hebben in totaal voor 104 miljoen btw ontweken.

Zij zetten constructies op om dure apparatuur goedkoper aan te schaffen.

Foto Hollandse Hoogte Nederland, Utrecht, 1-10-2005 Rampenoefening Universitair Medisch Centrum. UMC. Patienten in het Calamiteiten hospitaal. Calamiteitenhospitaal.Gespeelde patienten. Ziekenhuis. Ziekenhuizen. Gezondheidszorg. Zorg. Ramp. Rampen. Ongeluk. Aanslag. Medische apparatuur. Bed.Bedden. Medische sector. Ambulance. Slachtoffer. Slachtoffers . Kliniek. Verplegend personeel. Geneeskunde. Ziektekosten. Ziektekostenverzekering. Zorgpolis. Arts. Hospitaal. Specialist. Zorgverzekering. Zorgtoeslag. Zorg toeslag. Philips. Maarten Hartman;Hollandse Hoogte

Door Joep Dohmen

Rob de Rijke zit met een dilemma. Als financieel manager van de Stichting Reinier de Graaf Groep, eigenaresse van twee ziekenhuizen en twee buitenpoliklinieken in Zuid-Holland, is hij betrokken bij fiscale constructies om belasting te ontwijken. Maar: „Ik kan me als burger van dit land voorstellen dat de overheid paal en perk probeert te stellen aan dit soort structuren.”

In december 2004 stonden belastingambtenaren op de stoep bij de Reinier de Graaf Groep. Ze wilden uitleg over de aanschaf van röntgen- en operatieapparatuur ter waarde van 13 miljoen euro. De ziekenhuisgroep had daarbij omzetbelasting (btw) ontweken.

De Reinier de Graaf Groep deed wat veel ziekenhuizen deden. Een landelijk team van de Belastingdienst, de Coördinatiegroep Constructiebestrijding, trof tussen december 2004 en februari 2005 bij 76 van de 91 algemene ziekenhuizen btw-constructies aan, bij sommige zelfs meerdere, zo staat in het interne blad Belastingbulletin (september 2006). Samen hadden de ziekenhuizen 84 constructies.

Naar aanleiding van de controles legde de fiscus 104 miljoen euro aan naheffingen omzetbelasting op. Veertien ziekenhuizen stapten daarop naar de belastingrechter. In het merendeel van de zaken kreeg de Belastingdienst gelijk. Onderzoek en resultaat zijn tot nu toe niet door de fiscus publiek gemaakt.

De opdracht voor de ‘bestrijding van leaseconstructies bij ziekenhuizen over de aanschaf van roerende zaken en diensten’, zoals het project heette, was in april 2004 gegeven door Jenny Thunnissen, directeur-generaal van de Belastingdienst.

Alles draait om de btw die de ziekenhuizen op de aanschaf van dure apparaten moeten betalen. Ziekenhuizen kunnen, net als particulieren, betaalde btw niet terugvragen bij de fiscus. Bedrijven kunnen dat wel. Daarom schakelden de ziekenhuizen leasemaatschappijen in. Die leasen (verhuren) de apparatuur aan de ziekenhuizen via brievenbusfirma’s, die de btw wél kunnen terugvragen bij de fiscus. Door tijdens de looptijd van het huurcontract de brievenbusfirma te kopen, realiseert het ziekenhuis een netto besparing, ten koste van de fiscus.

Vijftien ziekenhuizen deden niet aan de praktijken mee, bleek uit het onderzoek van de fiscus. Eén daarvan is het protestants-christelijke Ikazia ziekenhuis in Rotterdam. Directeur Rob Kievit: „Het was een administratieve rompslomp en wij betwijfelden of het fiscaal houdbaar zou zijn. Ook vonden we dat het indruist tegen het maatschappelijk belang. Begin jaren negentig hebben we ook afgezien van zo’n constructie. Het was toch een beetje creatief boekhouden.”

De Belastingdienst bestrijdt sinds de jaren negentig de in de woorden van het ministerie van Financiën „gekunstelde constructies” omdat ze volgens de dienst in strijd met de wet zijn. Belastingrechters oordeelden daar tot nu toe wisselend over. Het was fiscaal en politiek discutabel, maar om ook aan alle juridische twijfel een einde te maken kondigde toenmalig staatssecretaris Joop Wijn (Financiën, CDA) najaar 2004 een wetswijziging aan.

In april 2005 volgde zijn wetsvoorstel. Het ligt nog steeds bij de Tweede Kamer, omdat die wil weten hoe de Hoge Raad erover denkt. In de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel staat dat het „onacceptabel” is dat publiek gefinancierde instellingen, waaronder ziekenhuizen, het betalen van btw ontwijken: „Juist zij [...] zouden een voorbeeldfunctie moeten vervullen op het punt van het loyaal uitvoeren en handhaven van wetten en het in acht nemen van een goede ‘belastingmoraal’.”

Maar ondanks de fiscale en politieke bezwaren bleven de meeste ziekenhuizen btw ontwijken. Zo ook de Reinier de Graaf Groep. Dus toen de belastingambtenaren in december 2004 tijdens hun landelijk onderzoek aanklopten bij deze ziekenhuisgroep, stuitten ze op de naam van hun baas, directeur-generaal Jenny Thunnissen.

Dit keer niet als hun hoogste belastingambtenaar, maar als ziekenhuisbestuurder. Thunnissen is namelijk sinds 2001 lid van de raad van toezicht van de Reinier de Graaf Groep, een betaalde bijbaan. Sinds twee jaar is Thunnissen vicevoorzitter en lid van de financiële commissie.

De raad van toezicht is onder meer verantwoordelijk voor het vaststellen van de jaarrekening van de Reinier de Graaf Groep, staat in de statuten van deze stichting. De jaarrekeningen 2001 tot en met 2006 maken melding van de constructies. Uit de tekst blijken deze van het type te zijn die de politieke baas van Thunnissen, toenmalig staatssecretaris Wijn, eind 2004 wilde verbieden. De jaarrekeningen zijn goedgekeurd door de raad van toezicht. De handtekening van Thunnissen staat eronder.

Wist directeur-generaal Thunnissen dat ‘haar’ ziekenhuisgroep btw ontweek?

Volgens de statuten dient de raad van toezicht toestemming te geven voor het verstrekken van leningen en het kopen van bv’s, nodig voor de btw-constructies. Ook toen Thunnissen lid was van de raad van toezicht, zijn nog leningen verstrekt en is een bv gekocht om btw te ontwijken.

Directeur-generaal Thunnissen ontkent dat ze wist van deze gang van zaken bij de Reinier de Graaf Groep. In een schriftelijke verklaring aan NRC Handelsblad meldt ze tussen 2001 en medio 2005 er nooit van gehoord te hebben. Ze vernam er pas van in mei 2005, verklaart ze – vijf maanden nadat de Belastingdienst op de stoep stond.

In mei bracht ze de kwestie ter sprake in de raad van toezicht, aldus Thunnissen. „Daarbij heb ik ondubbelzinnig aangegeven dat een dergelijke constructie onacceptabel is.” Volgens Thunnissen zegde de raad van bestuur (de directie) toe daarna zowel „naar de letter als naar de geest van de wet” te handelen.

Uit het onderzoek van NRC Handelsblad blijkt dat het ziekenhuis daarna toch btw heeft ontweken, waardoor de fiscus is benadeeld. Dit wist toezichthouder Thunnissen niet, schrijft ze in haar verklaring aan de krant. „Ware het wel zo dan zou ik (..) wederom hebben aangegeven dat een en ander niet acceptabel zou zijn.”

Laurens Touwen, lid van de raad van bestuur, bevestigt haar lezing. In een eigen verklaring meldt hij dat de raad van toezicht in 1999 – toen Thunnissen nog geen lid was – akkoord ging met de btw-constructies die „gebruikelijk waren in de gehele medische sector”.

Daarna is er volgens hem zes jaar – tot mei 2005 – niet meer over gesproken. De notulen van de vergaderingen in deze periode mogen door NRC Handelsblad niet worden ingezien. Het zijn „interne stukken”, zegt een woordvoerder van Touwen.

Jenny Thunnissen vervulde in deze zaak een dubbelrol. Als directeur-generaal van de Belastingdienst gaf ze in april 2004 opdracht voor een landelijk fiscaal onderzoek naar de ziekenhuizen. Tegelijk was ze als lid van de raad van toezicht mede verantwoordelijk voor de financiën van enkele van die ziekenhuizen.

Daarom had ze zich, toen ze opdracht gaf voor het onderzoek, tijdelijk moeten terugtrekken als lid van de raad van toezicht, vindt Leo Huberts, hoogleraar bestuurskunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam. „Daar begint een potentieel belangenconflict”, aldus de hoogleraar.

Volgens Huberts had de raad van toezicht, eenmaal op de hoogte van de praktijken, de zaak ook beter in de gaten moeten houden. „Men had zich ervan kunnen vergewissen dat er echt een einde aan alle constructies kwam.”

Jaap Zwemmer, emeritus hoogleraar belastingrecht, vindt het „opmerkelijk” dat de raad van bestuur Thunnissen in haar hoedanigheid van fiscaal deskundig lid van de raad van toezicht kennelijk nooit heeft geraadpleegd over het karakter van de constructies. „Dat is moeilijk voorstelbaar. Het was immers bekend dat het om een betwistbare constructie ging. En kennelijk heeft Thunnissen bij haar aantreden als lid van de raad van toezicht ook niet geïnformeerd naar mogelijke fiscale risico’s voor het ziekenhuis. Als hoogste ambtenaar van de belastingen weet je dat je kwetsbaar bent en betrokkenheid bij fiscale grensverkenning moet vermijden”, aldus Zwemmer.

Lees de verklaring van Jenny Thunnissen naar aanleiding van dit stuk op nrcnext.nl/links

    • Joep Dohmen