Zoeken in de marge

Gisteren maakte de jury van de Librisprijs een eigenaardige shortlist bekend.

Er staat zelfs een graphic novel op, terwijl aan de taal ervan niets te beleven valt.

Een literaire prijs als de Libris is niet alleen belangrijk vanwege het prijzengeld dat ermee gemoeid gaat, maar ook om het wegen van de oogst van een literair jaar en het signaleren van de boeken die wel goed zijn, maar niet goed opgemerkt. Die zijn er namelijk altijd: recensenten, tv-makers en uitgevers schuiven vaak eensgezind dezelfde boeken naar voren. De jury’s doen hun herstelwerk vooral op de longlist.

De jury van de Librisprijs 2008 vatte die taak behoorlijk radicaal op. Op de longlist, begin vorige maand bekend gemaakt, ontbraken de nieuwe boeken van Connie Palmen, Tomas Lieske, Herman Franke, Arthur Japin, Robert Anker, Doeschka Meijsing, J. Bernlef en P.F. Thomése – allen winnaars van AKO- of Librisprijs. Ook Gerrit Krol, Adriaan van Dis en Renate Dorrestein werden overgeslagen. In plaats daarvan haalden onder anderen Paul Bogaers, Peter Delpeut, Louise Fresco, Wouter Godijn, Anne-Gine Goemans, D. Hooijer, Lucas Hüsgen, Marc Legendre, Koen Peeters en Anne Provoost de laatste achttien. Overigens stonden er ook acht gerenommeerde schrijvers op de lijst, van wie Piet Meeuse en Sybren Polet relatief verrassend waren. Minder gold dat voor A.F.Th. van der Heijden, Jeroen Brouwers, Marjolijn Februari, Atte Jongstra, Stephan Enter en Kristien Hemmerechts.

Van de buitenkant bezien deed de jury het dus uitstekend: liefst tien minder bekende boeken kregen de kans op een tweede, beter leven. Maar deze Librislijst is geen afspiegeling van de heersende tendensen in de Nederlandse letteren – integendeel. De jury stelde zich op in de marge, en dat moest z’n uitwerking hebben op de shortlist. En inderdaad: bij de laatste zes staat nu zelfs doodleuk een stripboek. Verder van Marc Legendre is een spannende graphic novel, in beeld gebracht met gevoel voor weglating en suspense. Maar de nominatie van dit boek voor een literaire prijs kan ik alleen maar flauwekul vinden. Precies aan de taal in Legendres boek is namelijk niets te beleven: zijn karakters hebben een feilloos gevoel voor het slappere cliché: ‘Soms doet een mens dingen die niet uit te leggen zijn. Als hij verliefd is bijvoorbeeld.’

De keuze voor D. Hooijers Sleur is een roofdier zal gemaakt zijn vanwege de merkwaardige mensen die de speelse verhalen bevolken. In Grote Europese Roman van Koen Peeters, een in aanleg veelbelovende zoektocht naar identiteit door (associaties met) Europese steden, zit de speelsheid in de vorm van de verhalen. Het resultaat is verrassend vlak, aardige karakteriseringen van vrouwen (‘haar oogcontact was woest’) daargelaten.

Hoewel de Libris-jury sterk was in het opsporen van uitzonderlijke boeken, waren het lang niet allemaal uitstekende boeken. Op basis van de longlist was de keuze voor Van der Heijden, Brouwers, Jongstra, Februari, Delpeut en Enter het beste geweest. Het was de jury kennelijk niet buitenissig genoeg. Slechts twee ervan zijn nog in de race.

Dit stuk is een bewerking van de voorbeschouwing van afgelopen vrijdag. Lees het gehele stuk op nrc.nl/ boeken

Lees het volledige juryrapport op: www.librisliteratuurprijs.nl

    • Arjen Fortuin