Voor 3.400 euro doen vwo-leraren ’t niet meer

Leraren in het voortgezet onderwijs staken vandaag voor meer loon, vooral voor jonge leraren en academici. De staking is „ook een signaal aan de bonden”.

De eerstegraders voelen zich achtergesteld. Deze leraren, die les mogen geven in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs en overwegend een academische graad hebben, vinden dat hun opleiding niet wordt beloond.

Minister Plasterk (Onderwijs, PvdA) heeft het zelf gezegd: „Een hogeropgeleide leraar is niet automatisch een betere leraar.” Een aantal eerstegraadsleraren van het Roelof van Echtencollege in Hoogeveen pikt dat niet en heeft de actiegroep ‘Eerstegraders in actie’ opgericht.

Deze Drentse leraren sluiten zich vanmiddag aan bij hun collega’s van Leraren in actie!, voor het grootste deel uit Zuid-Holland, die vanmiddag in Den Haag protesteren tegen het uitblijven van een verbetering van de arbeidsvoorwaarden voor leraren.

Ronald Cilon, initiatiefnemer van de staking en leraar beeldende vormgeving op het Aloysius College in Den Haag, verwachtte vanochtend „zo’n tweeduizend” leraren op het Plein, voor het gebouw van de Tweede Kamer.

Na een advies van SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan trok minister Plasterk afgelopen november structureel 1,1 miljard euro extra uit voor de lerarensalarissen. Sindsdien is het onduidelijk hoe dat geld wordt besteed. De aandacht ging uit naar het rapport-Dijsselbloem over onderwijsvernieuwingen.

Veel demonstrerende leraren zijn na 1985 in het onderwijs terechtgekomen. In dat jaar gingen leraren mét en zonder academische graad evenveel verdienen, ter bezuiniging. Die afspraak heette HOS, leraren van na 1985 worden ‘nahossers’ genoemd.

Minster Plasterk heeft extra geld voor lerarensalarissen beloofd. Om dat te kunnen betalen, wil hij korten op een regeling die oudere leraren in staat stelt om, tegen een kleine bijdrage, vanaf hun 52ste minder te gaan werken. Het afschaffen van deze maatregel, de bapo, treft óók weer de nahossers.

Voor de Algemene Onderwijsbond (AOb) is het afschaffen van de bapo „onbespreekbaar”, zegt voorzitter Walter Dresscher. Toch staakt zijn vakbond vandaag niet mee. „We zijn nog in onderhandeling met Plasterk. In die fase kun je niet gaan staken.”

Wie wél met de staking meedoet, is voorzitter Sjoerd Slagter van werkgeversorganisatie VO-raad. Hij „ondersteunt de oproep” van de stakers dat de minister haast moet maken met zijn beloofde geld. „Wij staan te popelen om afspraken te maken met leraren. Maar dan moeten we wel weten hoeveel geld er te verdelen is”, zegt Slagter.

Een belangrijk punt voor de stakers is, heel simpel, het basissalaris. Eerstegraadsleraren krijgen vaak maximaal betaald conform schaal 10. Dat komt neer op 3.400 euro bruto per maand. Alleen de leraren die begonnen met werken vóór 1985 krijgen soms betaald op basis van schaal 11. Dat is bruto ongeveer 4.000 euro per maand.

Vervolg Leraren: pagina 2

Extra betalen mag, maar ’t gebeurt niet

Vervolg Leraren van pagina 1

Leraren kunnen tegenwoordig alleen schaal 12 (rond 4.500 bruto) verdienen als ze coördinerende taken vervullen. Daarvoor moeten ze bijvoorbeeld een afdeling leiden of een vakgroep aansturen.

Peter Fonck (50), leraar Nederlands, coördineert 4 en 5 havo op het St-Gregorius College in Utrecht. Hij zit in schaal 12, in zijn geval omdat hij zijn eerstegraadsdiploma heeft gehaald in 1985. Nog net op tijd. „Maar mijn jongere collega’s kunnen hoog of laag springen, ze komen daar niet. Daardoor kan de school minder goede eerstegraders aantrekken. Ik staak mee, voor de jongeren.”

Minister Plasterk gunt goed presterende leraren extra geld. Maar kan hij ook garanderen dat docenten dat geld echt krijgen? Het is de schoolleiding die bepaalt of een docent meer krijgt of niet. De lerarensalarissen worden niet vanuit Den Haag betaald, maar uit de ‘lumpsum’, een grote zak met geld die scholen krijgen om al hun kosten van te betalen. Scholen mogen zelf weten waaraan ze die besteden.

Officieel mogen scholen goed presterende leraren nu al extra betalen. Veel scholen willen er niet aan. Ze vrezen scheve gezichten in de lerarenkamer, of dat ze er onvoldoende geld voor hebben. De AOb zegt dat „schoolbesturen het geld dat ze daarvoor in het verleden hebben gekregen niet gebruiken om die hogere salarisschalen toe te kennen”.

Dat vinden de stakers ook, zou je zeggen. Maar de AOb, zegt Ronald Cilon, doet mee aan de „bureaucratie” en de „rituele dans om het geld”. Dat „soebatten” schiet niet op, aldus Cilon, zelf lid van de AOb. Ook Peter Fonck is AOb-lid. Hij noemt de staking van vandaag „ook een signaal aan de bonden”.

AOb-voorzitter Walter Dresscher erkent dat er „weinig schot” zit in de onderhandelingen.

Hij legt de schuld bij de werkgevers. Die „vertragen” de boel. „Ik wil Plasterk oproepen zich niet te laten ringeloren door de werkgevers. Hij is verantwoordelijk voor het verhogen van de lerarensalarissen. Desnoods doet hij dat maar buiten de werkgevers om.”

Sjoerd Slagter van de VO-raad heeft een andere lezing. „Wij kunnen niets beloven voordat we weten hoeveel geld we te verdelen hebben.” Hij weet alleen niet wat Plasterk nou precies wil. „Wil hij met ons onderhandelen? Of moeten wij het zelf uitvechten met de werknemers?”

Gisteren schreef de minister in een opiniestuk in de Volkskrant dat nog te praten valt over de afschaffing van de ouderenregeling en de koppeling van het opleidingsniveau van docenten aan het salaris. De nahossers wil hij ontzien. Dat is toch goed nieuws?

„Wij trappen er niet in”, zegt Ronald Cilon namens de stakers. „Als je de nahossers ontziet, ontstaat er automatisch een nieuwe groep benadeelden. Plasterk houdt ons een worst voor, maar wij grijpen hem niet.”

    • Derk Walters
    • Japke-d. Bouma