Van buitenlanders naar buitenlanders

Nederland was vorig jaar het kruispunt waar beleggers en opkopers ongekend grote zaken deden. Is de ‘uitverkoop’ van Nederland nu voorbij?

Superlatieven schieten tekort.

Het vierde kwartaal van 2007 was bijzonder, schrijft De Nederlandsche Bank (DNB) in haar vanmiddag gepubliceerde Statistisch Bulletin. Buitenlandse ondernemingen investeerden in drie maanden tijd maar liefst 64 miljard euro in Nederland. Dat bracht de totale buitenlandse investeringsimpuls in heel 2007 op 72 miljard euro. Dat was vrijwel even veel als de vier jaar daarvoor bij elkaar.

„Het jaar 2007 was een ware kaskraker voor fusies en overnames van bedrijven in Nederland”, schrijft adviesfirma KPMG in zijn jaarlijkse overzicht (Competing for growth, 2008) van de trends op de markt waar bedrijven worden verhandeld. Ook dat rapport verscheen vanmiddag.

KPMG becijfert dat buitenlandse ondernemingen in Nederland kwamen winkelen voor een recordbedrag van 152 miljard euro. Dat bedrag was een verdrievoudiging ten opzichte van 2006 [zie grafieken].

De oorzaak van de uitschieter die DNB en KPMG signaleren?

De ‘uitverkoop’ van het Nederlandse bedrijfsleven.

In het laatste kwartaal werden drie van de grootste overnames van Nederlandse bedrijven afgerond. Die van ABN Amro à 71 miljard euro door een consortium van drie concurrenten. Die van voedingsbedrijf Numico door de Franse concurrent Danone. Die van farmabedrijf Organon door het Amerikaanse Schering Plough.

De cijfers over de omvang van de ‘uitverkoop’ verschillen nogal, omdat DNB en KPMG verschillende criteria hanteren. KPMG telt bijvoorbeeld alle overnames van Nederlandse bedrijven, ook als dat Nederlandse brievenbus-bv’s zijn, die geen substantiële lokale activiteiten hebben, maar wel grote belangen buiten Nederland.

De tegenhanger van de instroom van buitenlands kapitaal komt ook in de DNB-statistieken terug: buitenlandse beleggers verkochten voor een recordbedrag aandelen van Nederlandse bedrijven. De centrale bank schat de verkoop van aandelen ABN Amro door buitenlandse beleggers op 52 miljard euro, die van aandelen Numico op nog eens 10 miljard euro. Het totaalbedrag van verkochte Nederlandse aandelen kwam uit op 67 miljard euro. „Een omvang die niet eerder was voorgekomen”, noteert de centrale bank.

Anders gezegd: Nederland is het kruispunt waarop grote groepen buitenlandse beleggers hun aandelen overdoen aan nieuwe buitenlandse eigenaren.

Is de ‘uitverkoop’ ten einde nu beursgenoteerde ondernemingen als ABN Amro, Numico en elektrotechnisch handelshuis Hagemeyer zijn verkocht? KPMG denkt van niet. Uit een enquête onder 130 directievoorzitters en financieel directeuren van beursgenoteerde en besloten vennootschappen blijkt dat 42 procent denkt dat activistische beleggers en vijandige overnames nog zullen toenemen. Activistische beleggers stookten bij onder meer ABN Amro het overnamevuur op. Vijandige overnames – dat zijn biedingen zonder voorafgaande overeenstemming met de directie – waren aanleiding voor de verkoop van Hagemeyer, en zijn nu actueel bij een bod op kantoorhandel Buhrmann door de Amerikaanse concurrent Staples.

Over eventuele tegenkrachten bij de overnames maken de directeuren zich verder weinig illusies. Van de directeuren denkt 83 procent dat lokale en Europese concurrentiewaakhonden geen barrières zullen opwerpen (overnames zijn meestal te klein) en ‘slechts’ 23 procent vermoedt dat vakbonden meer actie gaan voeren tegen overnames.

De ondervraagde directeuren zijn diepgaand verdeeld over de politieke reactie op overnames door staatsinvesteringsfondsen, de sovereign wealth funds uit oliestaten en lagelonenlanden. Van de ondervraagden ziet 42 procent deze kopers als een kans, maar 43 procent noemt ze een bedreiging. In lijn daarmee zijn de antwoorden op de vraag of de overheid het bedrijfsleven moet beschermen tegen deze kopers. Nee, zegt 37 procent. Ja, zegt 35 procent.

Het beeld dat oprijst uit het onderzoek is dat de marktpartijen zelf denken dat de vaart erin blijft. De fusie- en overnamebarometer van KPMG verwacht dit jaar 422 vooral kleinere transacties. In 2007 telde KPMG 338 transacties.

De animo wordt aangewakkerd door drie trends. Bedrijven blijven zich bezinnen op de vraag: wat is het kernbedrijf? Dat inspireert tot het verkopen van dochters en het uitvoeren van nieuwe overnames. Nu banken in deze financiële crisis uiterst huiverig zijn om leningen te verschaffen aan financiële opkopers, de zogeheten private-equityfinanciers, komen de bedrijven terug in de overnamearena, verwacht KPMG.

De derde trend is de (ver)koopdwang van private-equityfinanciers. Zij hebben grote bedragen gekregen van beleggers, zoals pensioenfondsen. Die moeten renderen. Dat betekent: bedrijven bijkopen. KPMG noemt de overname van Endemol, producent van tv-programma’s, als nieuwe trend. De kopers waren een private-equityfinancier (een fonds van Goldman Sachs), een mediaconglomeraat (van zakenman/politicus Berlusconi) en een strategische belegger/ondernemer (John de Mol).

Maar de private-equityfinanciers moeten hun bestaande investeringen ook laten renderen. Dat betekent: verkoopkansen zoeken. Zulke kansen zijn er niet veel op de beurs, maar eerder bij andere ondernemingen.

    • Menno Tamminga