Een lokkertje voor Europese toeristen

De dollar vestigde vorige week een diepterecord ten opzichte van de euro. In New York nemen sommige winkeliers liever euro’s dan dollars aan. Is dat on-Amerikaans?

Ondernemer Billy Leroy staat open voor ‘andere culturen’ en afwijkende gebruiken, zegt hij. Zelf is hij bijvoorbeeld half Amerikaans en half Frans. Hij was ooit Hells Angel, maar is nu al 22 jaar antiquair en handelaar in rommel. Het gros van zijn handel haalt Leroy van vlooienmarkten in Europa, ook al laat hij een deel van zijn koopwaar door drugsverslaafden van de New Yorkse straten plukken. De nieuwste toevoeging aan die lijst van paradoxen: zijn recent opgebloeide liefde voor de Europese munt.

Leroy is niet de jongste meer. De lange staart die onder zijn hoed uitsteekt is grijs, ook snor en sik hebben hun kleur verloren. Maar met gemak gooit hij een van zijn medewerkers ruim twee meter over een antiek tafeltje dat op de stoep voor zijn zaak staat uitgestald. „Je hoeft niet meer terug te komen”, schreeuwt hij tegen de werknemer, die onbeschoft zou zijn geweest tegen een klant.

Zijn zaak, Billy’s Antiques & Props, heeft een levensgrote buffelkop boven de ingang. Onder een opgezette baviaan hangt een wit kartonnen bordje. De tekst: „Euro’s only”, hier worden alleen euro’s geaccepteerd.

Leroy is een rariteit onder zijn vakgenoten. Maar hij vertegenwoordigt wel een kleine, maar groeiende groep ondernemers in de toeristische buurten van New York die liever afrekenen in euro’s. Het afgelopen half jaar is de euro 12 procent in waarde gestegen ten opzichte van de dollar, die vorige week een nieuw diepterecord vestigde tegen de euro, die nu ruim anderhalve dollar waard is.

Het aantal ondernemers zoals Leroy, die de euro hoger aanslaat dan de dollar, breidt gestaag uit. Zie het in New York gevestigde supermodel Gisele Bündchen: zij laat zich alleen nog in euro’s uitbetalen. Neem de straatventers rond Times Square, de juweliers in de diamantwijk: ook zij accepteren tegenwoordig euro’s.

Leroys liefde voor de euro bloeide in het najaar in Parijs op. Ook al begon die teleurstellend. „Vorig jaar november ben ik met lege handen teruggekomen uit Frankrijk. Ik kon niets inkopen. Alles is bijna 40 procent duurder geworden voor Amerikanen”, legt Leroy uit. „Vroeger betaalde ik daar in dollars. Maar die willen ze helemaal niet meer hebben.” Toen hij terugkwam heeft hij het bordje maar opgehangen. Uit frustratie.

Ten dele is zijn verzet een slimme marketingtruc: natuurlijk neemt Leroy niet alleen maar euro’s aan. Ook met Amerikaanse en Canadese dollars en Britse ponden kun je bij hem terecht. „Dat woordje ‘only’ heb ik er in eerste instantie achter geschreven om te zieken. Maar het is een fijn lokkertje voor het groeiende aantal Europese toeristen.”

Leroy constateert een „euro-invasie”: „In het weekend is 50 procent van mijn klanten Europees. Door de lage dollar en dalende huizenprijzen kopen Europeanen een flatje op Manhattan. Hun meubeltjes halen ze bij mij.” In een paar maanden heeft hij 25.000 aan eurobiljetten in ontvangst genomen.

Leroy kan zijn beweringen niet cijfermatig onderbouwen, maar de New Yorkse toeristenorganisatie beaamt zijn indrukken. Het aantal Europese toeristen stijgt, hun uitgaven daarmee ook. Meer dan 4 miljoen Europeanen bezochten vorig jaar de stad, ruim een half miljoen meer dan in 2006, zegt Carli Smith van toeristenorganisatie NYC & Co. In totaal gaven alle toeristen 28 miljard dollar uit in New York, 3 miljard meer dan het jaar ervoor. Hoeveel daarvan voor de rekening van de Europeanen komt weet de organisatie niet, „maar die stijging heeft zeker te maken met de zwakke dollar”, volgens Smith.

Laura Nowak, hoogleraar economie aan de City University of New York en expert op financieel en monetair beleid, gebruikt een vergelijking om de ommekeer onder de detailhandel te typeren: „Ondernemers schikken zich naar een stijging van Europese klanten volgens het principe: als de klant koffie wil, dan krijgt de klant koffie.” Meer dan dat zit er niet achter, volgens Nowak. „Het kan namelijk nooit winstgevend zijn om ze direct weer om te wisselen. Tenzij Amerikaanse banken eurorekeningen gaan aanbieden, net als de Europese banken eind jaren zeventig hun klanten toestonden dollarrekeningen te openen.” Maar tot die tijd blijft het niet meer dan een dienst.

Zoals bij East Villages Wines, niet ver van Billy’s. „Wij nemen al jaren euro’s aan. Service”, zegt eigenaar Robert Chu. „Zo laten klanten hier ook wel eens de sleutel voor elkaar achter en nemen we pakketjes voor ze aan.” In tegenstelling tot Leroy krijgt hij de meeste euro’s van vaste klanten die veel heen en weer reizen. Vroeger bewaarde Chu die enkele euro die binnenkwam. Nu ontvangt hij per jaar 50.000 tot 60.000 euro en stort hij het bij de bank op zijn rekening, in de vorm van dollars.

Chu’s eurobordje staat naast de kassa – een verschil met Leroy, die zijn aankondiging een prominentere plek gaf.

Niet iedereen is blij met de de euro. Leroy krijgt dreigbrieven en scheldkanonnades in zijn mailbox. Hij zou on-Amerikaans handelen. Leroy vindt van niet: „Het is júist heel Amerikaans. Ik pas me aan een nieuwe situatie aan.”