Dalend bestuursgoed

Met de benoeming van John Jorritsma als commissaris van de koningin in Friesland mag worden aangenomen dat de voorraad VVD-prominenten voor deze functie op is. En dat is eigenlijk niet erg. Sterker, het schept kansen. Zowel de selectie, de benoeming en de functie van commissaris als de rol van de provincie in het openbaar bestuur zijn namelijk dringend aan herijking toe.

Jorritsma is een zakenman uit Brabant. Hij heeft ervaring als burgemeester, het laatst in Cranendonck. Buiten Brabant en zeker buiten de VVD is hij onbekend. Door een onbekende als ‘boegbeeld’ te benoemen – gezocht in uitsluitend de VVD – geeft het kabinet aan dat Friesland er niet veel toe doet. Dat dit gebeurt zonder reële inspraak van de kiezer is de gebruikelijke belediging van de burger. Gemeenten zijn er wél in geslaagd de invloed van Kamerfracties op de burgemeesterskeuze te beperken. Alle geploeter met referenda ten spijt. Maar provincies accepteren dergelijke regentenbenoemingen nog steeds. Dat pleit niet voor hun democratische volwassenheid. Ze doen ook zichzelf tekort. Provinciale Staten wensten namelijk een ‘netwerker die de weg kent in Den Haag en Brussel’. Lees: een oud-bewindsman.

Misschien doet Friesland er inderdaad niet meer toe. Net zomin als Utrecht trouwens, waar Roel Robbertsen vorig jaar commissaris mocht worden, een man die alleen in het CDA en binnen de provincie bekendheid genoot. Het is denkbaar dat provincies door hun beperkte schaal, geringe bestuurlijke kracht en afkalvende legitimiteit zo rijp worden voor definitieve samenvoeging. Eén Noordelijk landsdeel zou binnen de Europese Unie makkelijker opgemerkt worden dan het bestaande ‘Samenwerkingsverband Noord-Nederland’. Ook in het Westen groeit een Randstadprovincie, geboren uit hoge nood, respectievelijk uit armoe.

Dat er een stevig middenbestuur nodig is, spreekt voor zich. Brussel formuleert steeds meer regionaal beleid dat om schaalvergroting vraagt en binnengrenzen overschrijdt. Waarom Nederland dat niet zou kunnen leveren in de vorm van de landsdelen Zuid, Oost, Noord en Randstad valt steeds minder makkelijk uit te leggen. Straks komt er bovendien een aantal gebiedsdelen bij: Bonaire, St. Eustatius en Saba. Voegt het kabinet die straks aan Zeeland toe? Of aan Drenthe? Een dertiende provincie ‘d’outre mer’ mét commissaris dan wel ‘gouverneur’ zou een nachtmerrie zijn.

De afgelopen jaren pleitte vrijwel ieder jaar een ervaren bestuurder voor een nieuwe indeling van de provinciale kaart. Vijf à zeven provincies is genoeg. Maar in het actuele regeerakkoord is van dit alles niets te merken, op een recent initiatief na om een Vervoersautoriteit Randstad op te richten.

Dit jaar gaat de commissaris van de koningin in Flevoland Michel Jager (D66) met pensioen. Zou het niet op de weg van D66 liggen om de nieuwste en kleinste en minst draagkrachtige provincie in de etalage te zetten? Misschien kan daar ook worden volstaan met een onbekende carrièrebestuurder die helpt bij de sanering van de provinciale kaart.