Ubuntu of wat we van Afrika kunnen leren

De bleke programmering van de Nederlandse televisie tijdens het Paasweekeinde leek niet geheel berekend op veel thuiszitters. Een hoogtepunt had zaterdag BBC1 kunnen bieden, door de wereldpremière, vijf dagen na de onverwachte dood van filmregisseur Anthony Minghella (54), van zijn laatste werk, The No.1 Ladies’ Detective Agency. De maker van prestigieuze literatuurverfilmingen als The English Patient en The Talented Mr. Ripley had zich met scenarioschrijver Richard Curtis (Four Weddings and a Funeral) geworpen op de gelijknamige internationale bestseller van een Schots-Rhodesische professor, Alexander McCall Smith. Ook de acht volgende delen over de avonturen van de eerste vrouwelijke privédetective van Botswana, de corpulente Precious Ramotswe, gaan in Amerika en Engeland als zoete broodjes over de toonbank.

The No.1 Ladies’ Detective Agency had een bioscoopfilm moeten worden, geproduceerd door de handige art house-tycoon Harvey Weinstein. Het werd nu echter gepresenteerd als een pilot op speelfilmlengte van een dertiendelige televisieserie, die de BBC volgend jaar gaat uitzenden. De reden laat zich raden. Voor een westers bioscooppubliek zou de naïeve idealistische toon van de vertelling onverteerbaar zijn geweest. De Botswaanse hoofdstad Gaborone wordt geschilderd als een idyllisch dorp in pastelkleuren, bevolkt door goedmoedige schilderachtige types en een enkele slechterik. Met een erfenis op zak vestigt Precious (gespeeld door de Amerikaanse zangeres Jill Scott) zich daar om als een Afrikaanse Miss Marple, deducerend en met vrouwelijke intuïtie, snoodaards te ontmaskeren: een ontrouwe echtgenoot, een uitvreter en een onderwereldkoning slaan onmiddellijk op de vlucht als Precious hun machinaties onthult, met hulp van een verwijfde kapper en een pinnige secretaresse. Aids en etnische conflicten bestaan niet in dit Afrikaanse sprookjesland.

Nu is Minghella altijd een tamelijk hooggestemde romanticus geweest, maar nieuw in zijn oeuvre is de didactische, bijna kinderlijke toon. In interviews benadrukken de makers dat ze voor de verandering eens een positief beeld wilden oproepen van Afrika, als continent van hoop, geloof en liefde, waar fatsoenlijke mensen het durven op te nemen tegen cynisme, machismo en machtsmisbruik. Met andere woorden, een film waarin niet met een westers vingertje wordt gezwaaid, maar die de rest van de wereld iets kan leren over oprechtheid.

Maar elke ontwikkeling in het verhaal wordt minstens drie keer uitgelegd en bij de eindcredits nog eens in kleurrijke tekeningen samengevat. Die vorm doet een andere agenda vermoeden. De film zou wel eens in eerste instantie bedoeld kunnen zijn voor een Afrikaans publiek met weinig media- en filmervaring, als lesje in goed en kwaad. Producent Weinstein droomt vast van een gigantische, nog grotendeels braakliggende consumentenmarkt. En dan is het misschien wel heel effectief om te doen alsof wij iets van Afrika willen leren.

En toch is dat geen idiote gedachte. Het Zulu-woord ubuntu dat zoiets betekent als ‘gemeenschapszin’ werd geadopteerd als naam voor de gratis software van Linux, een alternatief voor het mondiale bijna-monopolie van Microsoft. In het altijd aardige programma Club van 100 (RVU) zagen we gisteren de lerares van een vrouwelijk inburgeringsklasje in Twello een oproep doen tot het beschikbaar stellen van gebruikte computers. Ze werden opgehaald in Hilversum en door vrijwilligers omgeturnd tot ubuntu-machines. Een Afrikaanse vrouw begreep eerst niet wat een computer met het haar bekende begrip ubuntu te maken zou kunnen hebben, maar droeg wel trots een monitor op haar hoofd het klaslokaal binnen.

Het is bijna te mooi om waar te zijn, als je het vergelijkt met de begeerte naar de inhoud van surprise-eieren in Een bitterzoete verleiding, een door Monique Nolte samengestelde aflevering van Holland Doc (NPS). Duitsers, Nederlanders, Slovenen en andere Europeanen jagen over de open grenzen op zeldzame prullen als Happy Hippo’s en Dinky Dino’s. De chocolade is in hun ogen afval.