Stofzuiger A of toch maar D?

Steeds meer Nederlanders bezoeken vergelijkingssites voordat ze een aankoop doen.

Maar dat wil nog niet zeggen dat de sites de juiste informatie verschaffen.

Vergelijkingssites zijn de laatste jaren zeer belangrijke raadgevers geworden. Driekwart van de internetgebruikers in Nederland surft naar sites waar consumentenproducten met elkaar vergeleken worden en veertig procent van alle aankopen wordt gedaan onder invloed van deze sites. Het succes heeft geleid tot een wildgroei aan vergelijkingssites. Er zijn er inmiddels tienduizenden. Dagelijks komen er nieuwe sites bij.

En dat leidt tot problemen. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) trok eind vorig jaar aan de bel na een onderzoek naar vergelijkingssites voor zorgverzekeringen. Geen enkele website bleek zowel volledige als juiste informatie over polissen te verstrekken. Voor dit jaar staat een nieuw onderzoek van de NZa gepland naar vergelijkingssites met informatie over zorgaanbieders.

Adviesbureau Berenschot deed vorig jaar onderzoek naar de betrouwbaarheid van vergelijkingssites, en plaatste forse kanttekeningen. Berenschot testte de vergelijkingssites op het gebied van telecom. Slechts in 47 procent van de gevallen komt de op de site genoemde prijs overeen met de prijs die de consument uiteindelijk bij de webshop moet betalen. Verder maakt meer dan de helft van de sites niet duidelijk met welke webshops zaken worden gedaan.

Hoewel de meeste vergelijkingssites in handen zijn van een onafhankelijke eigenaar, schrijft Berenschot, zijn er genoeg sites waarvan de eigenaar zich als onafhankelijk afficheert maar het niet is. Fundix.nl bijvoorbeeld, dat beleggingsfondsen met elkaar vergelijkt, is eigendom van ING. Het lijkt logisch dat de ING-producten op deze site dus sneller als de beste uit de bus komen.

Ook komt het veel voor dat vergelijkingssites afspraken hebben met fabrikanten. Als consumenten een contract via de vergelijkingssite afsluiten, krijgt de eigenaar van de site provisie van de fabrikant. Ook betalen fabrikanten vaak voor advertenties of doorklikbanners.

Toch hoeft dat de informatie op een vergelijkingssite niet meteen onbetrouwbaar te maken, meent Marian Luursema van snakewool.nl, een onafhankelijke site die vergelijkingssites met elkaar vergelijkt. „Eigenaren van vergelijkingssites moeten ergens geld mee verdienen”, stelt Luursema vast. „Je moet er alleen rekening mee houden dat het product dat bovenaan staat, niet altijd het beste is. Bezoek dus altijd meerdere sites.”

Er bestaan nog nauwelijks regels voor vergelijkingssites. Wel is het zo dat ze geen misleidende reclame mogen maken en dat ze zich moeten houden aan het voorschrift ‘kopen op afstand’. Dit betekent dat een klant recht heeft op een afkoelingsperiode van zeven dagen. Bevalt het product niet, dan mag het teruggestuurd worden en moet de site de aankoopsom terugstorten.

Het zou goed zijn als de overheid het tot stand komen van vergelijkingssites zou stimuleren in branches die als ondoorzichtig bekend staan, vindt Marian Luursema. „De taxi- en de notarisbranche bijvoorbeeld. Onder internetgebruikers is er behoefte aan dit soort sites, maar kennelijk wil de branche er niet aan.”

Daar staat weer tegenover, dat er in bepaalde branches weer te veel sites zijn. „Er komen erg veel sites bij voor de reisbranche, telecom en verzekeringen. Er valt veel geld te verdienen via provisie en reclame met sites in die sectoren. Dat nodigt velen uit om er een graantje van mee te pikken.”

Gezond verstand is de beste raadgever bij het beoordelen of een site betrouwbaar is. „Op anonieme bijdragen in de rubriek klantenmeningen kun je niet vertrouwen”, zegt Luursema. „Soms zijn ze van de fabrikant zelf of juist van de concurrent. Als Arie uit Assen de enige is die de service in een bepaald restaurant geweldig vindt, moet je vraagtekens zetten. Achter Arie zit dan de restauranthouder of de site-eigenaar zelf.”

    • Carine Damen