Jezus was een moslim

Jezus is niet gekruisigd. Jezus is 120 jaar geworden. Jezus was een moslim. Islamitische groeperingen hebben zo hun eigen ideeën over een bij uitstek christelijke figuur. Wil de echte Jezus opstaan?

Illustratie Claudie de Cleen Cleen, Claudie

Zij hebben Hem niet gedood en zij hebben Hem niet gekruisigd. Daar is de Koran heel duidelijk over. Nog voor de lijdensweg van Christus begon, voordat zijn schouders het zware kruis moesten torsen, legde Allah de beeltenis van Jezus over een ander persoon. Allah hief Jezus na deze opmerkelijke persoonsverwisseling tot zich op in de hemel. Daar zal Jezus, of zoals moslims zeggen ‘Isa’, tot de dag der opstanding blijven. „Zij [de Israëlieten] maakten plannen [voor de kruisiging] en God maakte plannen, maar God is de beste plannenmaker”, leert soera drie, vers 54. Sommige moslims denken dat Judas in plaats van Jezus is geëindigd aan het kruis.

Over Jezus spreekt de Koran veelvuldig. Hij wordt 24 keer genoemd, 20 keer meer dan Mohammed. En, belangrijk, Jezus is in de kern moslim. Ondanks de ogenschijnlijke helderheid van het heilige boek geven verschillende groepen moslims een geheel eigen invulling aan de rol die Jezus in het geloof heeft gespeeld.

Zij hebben Hem niet gedood, maar zij hebben Hem wel degelijk gekruisigd, zegt Hibatunnoer Verhagen, voorzitter van Ahmadiyya Moslim Djamaat Nederland in Nunspeet. Voordat Jezus kon bezwijken, is hij van het kruis gehaald en heeft hij de wijk naar Kashmir genomen. Daar is hij pas op 120-jarige leeftijd gestorven. „Hij heeft joodse stammen die daar woonden voorbereid om Mohammed als profeet te aanvaarden en hen zodoende rijp gemaakt voor de islam.”

In een koude, schemerige gemeenschapsruimte van de moskee in Nunspeet vertelt Verhagen – dikke trui, wollen muts en een zuidelijke tongval – over de wederkomst van Jezus. Die heeft volgens de Ahmadiyya plaatsgehad in 1889. De Indiër Hazrat Mirza Ghulam Ahmad (1835-1908) kreeg de opdracht van God een eigen gemeenschap te stichten.

Mohammed had de verschijning van Mahdi al aangekondigd: een persoon die de dag des oordeels zal inluiden. „Zowel de Messias als de Mahdi is teruggekomen in Ahmad”, zegt Verhagen. „De voortekenen van hun komst zijn duidelijk beschreven. In het geval van de Mahdi zou er een maansverduistering zijn op de eerste dag van de ramadan en een zonsverduistering op de middelste dag van de ramadan. In 1894 was daar sprake van. De profetie is toen vervuld, maar dat betekent niet dat het werk af is. Dat kan nog lang duren. Tussen de dood van Jezus en de vestiging van de christelijke kerk heeft ook een paar eeuwen gezeten. We moeten dus geduld hebben.”

De Ahmadiyya tellen naar eigen zeggen 200 miljoen gelovigen, verspreid over de wereld. In Nederland zijn er circa duizend. Dit jaar herdenken ze de honderdste sterfdag van hun ‘Beloofde Messias’ en vieren ze het 100-jarige Ahmaddiya-kalifaat. Hun stelregel is liefde voor iedereen, haat voor niemand.

Al een stuk minder marginaal zijn in Nederland de Turkse alevieten, met ongeveer honderdduizend aanhangers. De gelovigen richten zich niet op de gebruikelijke vijf zuilen van de islam: de geloofsbelijdenis, het gebed en daarmee de moskeegang, de armenbelasting, de ramadan en de bedevaart naar Mekka. De alevieten kennen een bijzondere betekenis toe aan Ali, de schoonzoon van Mohammed, net zoals de shi’iten in Irak en Iran. Hij zou de ware opvolger van de profeet zijn. Ze hanteren een soort drie-eenheid, met Allah als de Vader, Mohammed de Zoon en Ali een soort Heilige Geest. „Jezus heeft binnen het alevitisme een plaats als één van Gods gezanten en als brenger van een heilig boek”, zegt Kenan Furat, die vorig jaar een afstudeerscriptie over het alevitisme in Nederland schreef. „Maar belangrijker voor het alevitisme is de persoon Jezus als drager van de goddelijke waarheid, als volmaakt mens, als iemand die het stadium van de eenheid met God heeft bereikt.” De centrale figuren binnen het alevitisme, zoals Ali en de mysticus Haci Bektas Veli zijn incarnaties van Jezus en andere profeten voor hem. Deze keten gaat terug tot God zelf.,

Het verhaal over Jezus en het christendom heeft meer sporen achtergelaten in het alevitisme, zegt Furat. Aan enkele heiligen worden wonderen toegeschreven die christenen bekend voorkomen. Otman Baba liep over een rivier, een meer en een keer over zee. „Iedere keer als zijn volgelingen het ook probeerden, verdronken ze bijna.” Van Haci Bektas wordt gezegd dat hij de doden tot leven kon wekken.

Met deze versie plaatsen de alevieten zich buiten de orde van Aboe Ismail, een zeer populaire salafistische jongerenprediker. De salafisten hanteren een letterlijke interpretatie van de Koran en streven naar de zuiverheid van het geloof zoals in de tijd van Mohammed. Aboe Ismail is verbonden aan de Haagse as-Soennah moskee, zijn lezingen zijn terug te beluisteren op onder meer al-yaqeen.com, de site van de moskee.

In zijn lezingen over Jezus probeert hij aan te tonen dat de profeet een moslim was en dat de goddelijkheid en het kruisigingsverhaal niet kloppen. Hij wijst op tegenstrijdigheden in de Bijbel, die het boek „ongeloofwaardig” maken. In een preek op Eerste Kerstdag (ruim 5.500 keer via al-yaqeen.com beluisterd) maakt hij duidelijk dat de wonderen die aan Jezus worden toegeschreven, echt niet bijzonder zijn. „De geboorte van Jezus uit een maagd is niet wonderbaarlijk”, zegt hij streng. „Voorwaar, Allah is tot alles in staat. Kwam Eva ook niet voort uit enkel Adam? En kwam Adam niet voort uit aarde?”

Hoe een vroom moslim Jezus moet zien, vertelt Aboe Ismail in een andere preek. Jezus’ terugkeer naar aarde is een teken van het uur. Hij zal een rechtvaardige rechter zijn, het kruis breken, een varken doden en geld zal er in overvloed zijn.

Volgens Aboe Ismail zal Jezus nederdalen bij de witte koepel aan de oostelijke zijde van Damascus. Hij zal moslims verrassen, terwijl ze zich klaarmaken voor het ochtendgebed. Hij zal, nederig plaatsnemen achter de voorganger. „Isa is een achtbare profeet die zal handelen volgens de wetten van de islam. Hij zal de hadj (bedevaart, red.) verrichten. Hij komt niet met een nieuw geloof, hij houdt zich aan de voorschriften van het laatste geloof.”

Aboe Ismails verhandelingen vallen in vruchtbare aarde. Zijn achterban – vrome en orthodoxe jongeren – proberen ook aan te tonen dat Jezus een moslim was. Ze bedienen zich daarbij van moderne bewijsmiddelen. Zo circuleert een YouTube-fragment van Mel Gibsons film The Passion of the Christ, waarin de lijdensweg van Jezus expliciet in beeld wordt gebracht. De voertaal in de film is onder meer Aramees, de taal die Christus zou hebben gesproken. In één scene zegt Jezus dat „de helper zal komen, die de waarheid over God zal onthullen”. Enthousiaste forumleden wijzen er op dat de Engelse ondertiteling van de film niet deugt en dat Jezus zegt dat Allah zal komen. Dus Jezus was een moslim.

Volgens Umar Ryad, docent moderne islam aan de Universiteit Leiden, is de belangstelling van jongeren voor Jezus een logisch verschijnsel. „Zowel het christendom als de islamreligies zijn missionair. Moslimjongeren proberen zich te positioneren in deze maatschappij. Voor christenen is Jezus hét symbool, de kern van de hele zaak. De missionaris moet op zoek naar de zwakke plek in het verhaal van de ander. Moslimjongeren vinden die zwakke plek in het verhaal over Jezus.”

„Juist jongeren zijn geïnteresseerd in het christelijke verhaal”, legt Umar Ryad uit. Zij zijn opgegroeid in een westerse omgeving en hebben zelf vaak op christelijke scholen gezeten.” Ryad meent dat het onvermijdelijk is dat de Koran door het bloemrijke karakter van de taal tot vele interpretaties leidt. „Hierdoor zijn sommige passages van de Koran voor discussie vatbaar, bijvoorbeeld die passages die betrekking hebben op het leven van Jezus.”

Ook islamologen bestuderen de rol van Jezus in de Koran. In dagblad Trouw loopt een lange serie over de oorsprong van de islam, geïnspireerd door de verschijning in 2005 van het Duitse boek Die Dunklen Anfänge, het duistere begin. De islamologen die het boek hebben geschreven, vonden dat er te weinig wetenschappelijk onderzoek had plaatsgehad naar de oorsprong van de islam. Hun bevindingen zijn explosief.

Christoph Luxenberg (een schuilnaam) zegt dat de Koran niet in zuiver Arabisch is geschreven en veel sporen bevat van het Aramees, destijds de lingua franca van het Midden-Oosten. De Koran zou wellicht een matige vertaling zijn van een voorloper. Met een Aramese bril op zouden sommige, moeilijk te begrijpen Koranpassages van betekenis veranderen en verwijzen naar Jezus en het christendom, waaronder de Kerstnacht.

Een van de opmerkelijkste bijdragen in het boek komt van de Duitse numismaticus Volker Popp, die op basis van archeologisch muntonderzoek vaststelt dat de islam niet in Mekka is ontstaan, maar in Afghanistan bij christelijke Arabieren die dachten dat het einde der tijden nakende was. Het Arabische Rijk zou al hebben bestaan voordat de Koran aan het begin van de zevende eeuw werd geopenbaard. De daarna heersende vorsten zouden christenen zijn geweest, geen moslims. Volgens Popp is Mohammed niet de naam van de profeet, maar een bijvoeglijk naamwoord, dat de geprezene of uitverkorene betekent. Wie die Mohammed dan is? Popp ziet maar één logisch antwoord: Jezus.

Meer informatie over enkele stromingen in de islam: Ahmaddya, www.alislam.orgAlevieten, www.hakder.nlSalafisten, www.al-yaqeen.com

    • Dimitri Tokmetzis