Heere, U bracht ons tot Uw Huis

De kerken lopen leeg in Nederland, maar niet in Barneveld. De bevindelijke gereformeerden bouwen er twee nieuwe megakerken.

Nieuwbouw van de megakerken in Barneveld Foto’s Leo van Velzen Barneveld, 11-03-08. Nieuwbouw van twee gereformeerde kerken in Barneveld. Foto Leo van Velzen NrcHb. bouw bouwterreinen religie kerken Velzen, Leo van

Aan de Lunterseweg in Barneveld staan twee door W.M. van Beijnum ontworpen nieuwe kerken op nog geen vijfhonderd meter van elkaar. Het ene kerkgebouw is nog een geraamte en krijgt 1200 zitplaatsen. Het andere zal 2700 zitplaatsen tellen en straalt ondanks de steigers al grandeur uit. Niet door de bouwstijl want die is sober. Het is de omvang en de vorm (een wijde, driekwart cirkel met een massieve, hoge voorgevel) die de kerk in wording een imposante uitstraling geven. In de volksmond wordt hij al 'refodome' genoemd. De opening van de megakerk in het 29.000 inwoners tellende Barneveld staat gepland voor eind dit jaar.

Terwijl elders in Nederland de kerken leeglopen worden er in de Biblebelt nieuwe kerken gebouwd. Megakerken met 1.000 tot 3.000 zitplaatsen verschijnen in Putten, Lunteren, Gouda en in Zwolle, alle van orthodox-protestantse snit. De Biblebelt is het gebied waar de meeste reformatorisch gezinde mensen wonen. Het is een strook die dwars door Nederland loopt vanaf de Zeeuwse eilanden via de Alblasserwaard en de Betuwe over de Veluwe naar de kop van Overijssel.

De ontzuiling van de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw is aan de bevindelijk gereformeerden voorbijgegaan. Bevindelijk gerefomeerden zijn orthodoxe calvinisten die SGP stemmen, het Reformatorisch Dagblad lezen en hun kinderen naar reformatorische scholen sturen. Vrouwen dragen geen broeken, maar uitsluitend rokken of jurken. Hoewel man en vrouw gelijkwaardig zijn, zijn ze niet gelijk. De rol van de vrouw is die van moeder in het gezin. Televisie wordt geweerd, computer en internet worden wel geaccepteerd en gebruikt, maar met een filter die sites die als te werelds worden beschouwd buiten de huiskamer houdt. De zondagsrust is heilig.

Zondagmorgen 10.00 uur. De Gereformeerde Gemeente in Nederland gaat ter kerke in hun huidige kerkgebouw aan de Van den Bogertlaan in Barneveld. De kerk met 1.800 zitplaatsen zit bomvol. Klapstoeltjes zijn bijgezet in de rijen tussen de kerkbanken. Jong en oud zit stil in de kerk. Mannen en jongens in hun nette pak, vrouwen en meisjes in een lange rok met hoed of baret. Dominee Roos komt de kerk binnen en beklimt voorover gebogen de preekstoel. Een lange, slanke man met pikzwart haar. De kaarsrechte scheiding aan de zijkant van zijn hoofd is tot achterin de kerk te zien. Er volgt een lang gebed. De toon van de dominee is gedragen en plechtig formeel. Het lijkt wel een klaagzang, wat nog versterkt wordt door de snik in zijn stem. „Heere, U bracht ons tot Uw Huis. Ach Heere, dat het toch niet alleen uit gewoonte zal zijn!”

Dominee Roos besteedt veel aandacht aan jongeren die nog al eens verkeerde keuzes maken. „Onze jonge mensen. U weet waar ze zitten. U weet waar ze wellicht ook gisteravond zijn geweest. Misschien ook op plaatsen waar ze niet behoren te zijn. De plaatsen der ijdelheid waar Satan heerst. Och Heere mocht U ze toch doorzien, opdat ze hun ziel niet zouden verkopen voor een uur of wat vermaak met de dingen van de wereld.”

De dienst duurt bijna twee uur; de preek een uur. De preek heeft als thema dat gelovigen niet God en tegelijkertijd de wereld kunnen dienen. Dominee Roos vraagt zijn gemeente telkens weer: „Hoe lang hinkt gij op twee gedachten?” Je kunt niet op zondag naar de kerk gaan en doordeweeks toegeven aan aardse verleidingen als bioscoop, televisie, bar of kroeg.

De woorden van Roos laten de voortdurende spanning tussen de wereld en de kerk zien. Prof. dr. Hijme Stoffels, godsdienstsocioloog aan de Vrije Universiteit van Amsterdam: „Bevindelijk gereformeerden zien zichzelf als pelgrims die op weg zijn naar de eeuwigheid. De pelgrim gaat door de wereld als een vreemdeling: hij is wel in de wereld, maar niet van de wereld. Onderweg moet hij weerstand bieden aan de verlokkingen die hij tegenkomt.”

Orthodox gereformeerden houden zich strikt aan de bijbel en de leerstellingen van de gereformeerde predikers uit de Reformatie. De Bijbel is letterlijk Gods Woord. De mens koos in het paradijs voor het eten van de boom en dus voor het kwaad. Daarmee is hij schuldig en tot in zijn diepste wezen een zondaar. Toch kan God de mens genade bieden en hem opnemen in de hemel. Maar die genade kan de mens niet zelf verdienen. Alleen God kan de mens het geloof geven en dat zal de mens ervaren (bevinden) door een intense geloofservaring, die bekering wordt genoemd.

Toch is de mens volgens de bevindelijk gereformeerden geen willoos wezen. Ondanks de almacht van God heeft de mens een persoonlijke verantwoordelijkheid om te kiezen voor Gods weg in plaats van de wereldse weg. Maar deze keuze biedt geen garantie voor een plaatsje in de hemel. Stoffels: „De pelgrim is nooit zeker of hij de eindstreep haalt. Dat is de tragiek van de gelovige: ondanks een levenslange innerlijke strijd kun je er nooit zeker van zijn of je een uitverkorene van God bent. Daarom worstelt menigeen tot op het sterfbed met de vraag of hij of zij wel naar de hemel gaat.”

Half januari kopte de Barneveldse Krant: Pro’98 vreest ‘refodorp’ Barneveld. Pro’98 is het plaatselijke samenwerkingsverband tussen Pro Barneveld, PvdA en D66. Fractievoorzitter Monique Rosbergen had in een oudejaarscolumn geschreven: „Het lijkt er sterk op dat de groei van de SGP gestaag zal doorzetten in Barneveld en dat is iets waar we ons op moeten voorbereiden. Deze groep Barnevelders kenmerkt zich door hun sterke onderlinge band met elkaar en de kerk. Daarom krijgen die groepen zoveel voor elkaar.” Als voorbeelden noemde ze de bouw van de twee grote reformatorische kerken en de snelle komst van het Witsiuscollege, een reformatorische scholengemeenschap in Barneveld. Volgens Rosbergen wordt Barneveld steeds meer een reformatorisch dorp. „Terwijl de landelijke trend is dat kerken leeglopen, krijgen we er in Barneveld nieuwe bij! En als een huis verkocht wordt, komt er vaak een reformatorisch gezin in wonen.”

Een rondgang langs een aantal plaatselijke makelaars stelt Rosbergen in het gelijk. De makelaars Eric-Jan Malestein en Jan Westeneng schatten dat een derde van alle verkochte huizen in Barneveld naar een nieuwe eigenaar van reformatorische gezindte gaat. Jan Westeneng: „Barneveld heeft een grote aantrekkingskracht op het reformatorische publiek. De dorpse mentaliteit gecombineerd met stadse voorzieningen trekt vanuit het hele land.”

De column van Rosbergen heeft in Barneveld een felle discussie op gang gebracht. De Barneveldse Krant ontving stapels ingezonden brieven. SGP-fractievoorzitter Schotanus vindt dat de discussie polariserend werkt: „Geert Wilders heeft zijn film, Barneveld de refodiscussie.” Diaken Ros van de Gereformeerde Gemeente in Nederland vindt dat mensen in Barneveld de nuance vergeten. „Zij zien met verbazing dat die reformatorische mensen de handen ineenslaan en met eigen middelen de bouw van zo'n kerk realiseren. Terwijl veel voorzieningen voor allochtone en seculiere gemeenschappen met gemeenschapsgeld worden gebouwd. Reformatorische mensen zijn voorzichtiger. Die reageren niet zo op de uitbreiding van een sportterrein of een muziektheater, dingen waar zij geen behoefte aan hebben.”

De bevindelijk gereformeerden betalen de kerk aan de Lunterseweg geheel uit eigen zak . Een gemiddelde collecte voor de nieuwbouw tijdens de zondagse kerkdienst levert 5.000 euro op. Diaken Ros: „De collectes tijdens onze dankdagdiensten afgelopen november leverden bijna twee ton op. Er werken ook zo’n 450 vrijwilligers aan de kerk. De parkeerplaats bijvoorbeeld is door gewone leden steentje voor steentje gelegd met een paar mensen die er verstand van hadden.”

Vraag is of de komst van twee grote kerken ook betekent dat de reformatorische bevolkingsgroep groeit. Of is er sprake van meer concentratie van reformatorisch gezinden op de Biblebelt dan al het geval is?

Cijfers laten zien dat de reformatorische zuil in Nederland groeit. Niet spectaculair, maar wel gestaag. In Barneveld groeit de reformatorische zuil zelfs harder dan de landelijke cijfers laten zien. Diaken Ros: „Bij alle drie gereformeerde gemeenten zie je om de zoveel jaar een uitbreiding van het kerkgebouw. Dan kan het er niet meer in.” Zelf had Ros voor zijn gemeente het liefst een tweede kerkgebouw gezien in één van de dorpen rondom Barneveld. Een grote kerkgemeenschap met 3.100 leden heeft gevolgen voor de sociale banden. „Hoe lang kun je elkaar nog kennen? Nog van elkaars problemen en zaken op de hoogte zijn? De sociale cohesie wordt minder. Maar de gemeenteleden kozen voor bij elkaar blijven en één nieuwe kerk omdat de kans dat een tweede kerk een eigen predikant zou krijgen erg klein was.”

Om de groeiende gemeente toch te kunnen huisvesten komt er dus een megakerk in Barneveld. Hoogleraar Stoffels: „De groei van de reformatorische zuil is voornamelijk natuurlijke aanwas. Er gaan binnen de reformatorische zuil simpelweg minder mensen dood dan er bijkomen. De bevindelijk gereformeerde kerken hebben geen grote wervingskracht. Reformatorisch gezinden krijgen meer kinderen dan de gemiddelde Nederlander en ze weten hun kinderen binnen de kerk te houden.”

„Er zijn ontelbare onzichtbare draadjes die mensen bindt aan deze gemeenschap. Loslaten is een langdurig en pijnlijk proces. Als je in de vreze des Heeren bent opgevoed, dan is dat er zo diep in geslepen dat je er niet zomaar los van kunt komen”, aldus de hoogleraar.

Stoffels ziet naast de natuurlijke aanwas een verdere concentratie van reformatorisch gezinden. Hij constateert een religieuze migratie, de zogenaamde Veluwisering: de trek van jongeren uit de steden in de Randstad naar de dorpen op de Veluwe. Net als de makelaars in Barneveld wijst Stoffels op de reformatorische voorzieningen op de Veluwe die men mist in de grote steden, zoals scholen op loop- of fietsafstand. In vergelijking met de grote steden wordt in Barneveld bovendien de zondagsrust nog in ere gehouden.

Kerk, school en gezin zijn een hechte drie-eenheid binnen de reformatorische zuil die voortdurend dezelfde boodschap vertelt. Alle drie hameren ze op een zuivere levenswandel in lijn met Gods Woord. Dominee Roos in zijn preek: „Wij allen zullen ooit eenmaal moeten buigen voor Christus. En dan hoop ik dat uw bekering hier al plaatsvindt. Want als het daar gebeurt als de eeuwigheid roept, dan is het te laat.”

De reformatorische scholen hanteren de gereformeerde geloofsleer als grondslag voor hun lessen. De identiteitsverklaring van een middelbare school in Kampen stelt bijvoorbeeld: ‘Gods Woord is normatief voor wetenschap en wetenschapsbeoefening. De docent-opvoeder kleurt zijn (vak)gebied in vanuit de Bijbelse visie, binnen de gereformeerde leer.’ De scholen voor voortgezet onderwijs kennen twee verplichte godsdienstlessen per week. Elke week en elke dag worden geopend met een bijbellezing en een gebed. En thuis wordt er bij elke maaltijd uit de bijbel voorgelezen en gebeden en wordt er veel gepraat over het geloof.

Daarnaast zijn er de huisbezoeken van de kerkbestuurders en is daar de kerkelijke tucht. Diaken Ros: „Als je ergens op een huisbezoek komt dan vraag je onder andere: ‘Wat lezen jullie zoal? Wat voor tijdschriften hebben jullie en hoe gaan jullie om met de media in het algemeen?’ Dat doe je omdat je elkaar binnen onze gemeenschap beschermt en voor elkaar zorgt.”

Als iemand aangeeft dat hij televisie kijkt, volgen er vermanende gesprekken met het kerkbestuur. Blijft iemand vasthouden aan zijn televisie dan wordt de kerkelijke tucht toegepast. Iemand mag in dat geval bijvoorbeeld niet meer deelnemen aan het avondmaal omdat hij zich niet houdt aan de zuivere levenswandel en daarmee het sacrament van het avondmaal ontheiligt. In het uiterste geval volgt ontzegging van het kerklidmaatschap.

Toch lijkt er wat te veranderen. Zowel dominee Roos als diaken Ros spreken met grote bezorgdheid over de jeugd die afhaakt. Hoewel het aantal bij de Gereformeerde Gemeenten in Nederland nog vrij beperkt is, houdt het de gemoederen wel flink bezig. Voor de Gereformeerde Gemeenten is het afhaken van de jeugd een realiteit: het aantal jonge leden dat overstapt naar één van de evangelische kerken neemt elk jaar toe.

Ook de traditionele rolopvatting van de vrouw binnen het reformatorische gezin verandert. Uit onderzoek uit 2005 onder meisjes op een reformatorische school voor voortgezet onderwijs in Kampen blijkt dat bevindelijk gereformeerde meisjes steeds hogere vormen van onderwijs genieten en steeds vaker doorstuderen na hun middelbare schoolopleiding. En steeds meer jonge vrouwen geven aan na de komst van hun eventuele eerste kind in deeltijd te willen blijven werken.

    • Els Holsappel