Een halve eeuw macht en vriendschap

Tussen 1800 en 1860 waren de vorstenhoven van Rusland en Duitsland met elkaar bevriend. In Berlijn zijn ruim vierhonderd kunstvoorwerpen te zien uit deze periode.

Jegor Meier: ‘Eilandje in het tsaristsiche tuinen- en paleizencomlex Peterhof’.

Het is, met de bloedige geschiedenis van de twintigste eeuw gedachten, nauwelijks voor te stellen, maar er was een tijd dat Rusland en Duitsland elkaars beste buren waren. De vriendschap tussen het Pruisen van de Hohenzollerns en het Rusland van de Romanovs ontstond tijdens de oorlogen tegen Napoleon. Het huwelijk van grootvorst Nicolaas Pavlovitsj en Charlotte van Pruisen, die zich als Alexandra Fjodorovna tot het orthodoxe geloof bekeerde, bezegelde in 1817 de band tussen de twee staten. Er volgde een halve eeuw van ongekende culturele uitwisseling. Over deze periode gaat de tentoonstelling Macht und Freundschaft: Berlin- St. Petersburg, 1800-1860, die onlangs in Berlijn geopend werd.

De expositie wordt georganiseerd door de stichting Preussische Schlösser und Gärten, in samenwerking met en een aantal grote Russische musea, waaronder de Hermitage. Van de vierhonderdvijftig tentoongestelde kunstwerken in het Martin-Gropius-Bau, zijn er ongeveer honderdvijftig uit Rusland afkomstig. Staatsbedrijf Gazprom heeft een groot gedeelte van de vervoers- en verzekeringskosten op zich genomen.

De tentoonstelling maakt om meerdere redenen een overdonderende indruk. Natuurlijk is er de pracht en praal van de enorme schilderijen, manshoge vazen en andere kostbare voorwerpen. Maar het zijn vooral zeldzame persoonlijke objecten die een dieper inzicht geven in de wijze waarop beide landen elkaar beïnvloedden. Zo zijn de tekeningen te zien die de latere Pruisische koning Frederik-Willem IV tijdens een reis door Rusland maakte. En het schilderijtje dat tsarina Alexandra Fjodorovna maakte van een dansend Russisch paartje, maakt duidelijk hoezeer ze gehecht was geraakt aan de cultuur van haar nieuwe vaderland.

Conservator Jürgen Luh legt uit hoe hij heeft getracht de bezoeker langs deze geschiedenis te leiden. „Allereerst belichten we de politieke band tussen beide landen. Zonder de zogenoemde Heilige Alliantie tegen Napoleon was er van toenadering tussen Pruisen en Rusland misschien nooit sprake geweest. Pas nadat er door het huwelijk tussen Charlotte en de latere tsaar Nicolaas I een familieband was ontstaan, kon de vriendschap opbloeien. Die cultuuruitwisseling kwam dus niet zomaar op gang.”

Veel van de culturele kruisbestuiving vond plaats rondom grote themafeesten die door de Pruisische koning Fredrik-Willem III in zijn paleis in Berlijn werden gegeven. De tsarenfamilie was bij deze festiviteiten altijd goed vertegenwoordigd. In 1821 waren tijdens het hoffeest Lalla Rookh, vernoemd naar een fictieve oosterse prinses, alle aanwezigen uitgedost in de meest fantasierijke en kostbare oriëntaalse kostuums. Het feest Der Zauber der Weissen Rose, dat in 1829 plaatshad, stond geheel in het teken van de Middeleeuwen. Er werd een toernooiveld nagebouwd en de mannelijke aanwezigen zaten geharnast te paard. In de maanden na afloop van dit soort festijnen, stuurden de Romanovs en Hohenzollerns elkaar tientallen door kunstenaars vervaardigde aandenkens op.

Dat de Russen door hun bezoeken aan Berlijn sterk beïnvloed werden, is nog wel het beste te zien aan de architectuur in Sint Petersburg, zegt Luh. „De neoklassieke vormen van architect Karl Friedrich Schinkel duiken overal op in het straatbeeld van de Russische hoofdstad. En Caspar David Friedrichs romantisch schilderijen dienden als inspiratie voor de inrichting van delen van de nieuw gebouwde paleizen.”

Luh denkt dat de tentoonstelling niet alleen voor Duitsers en Russen interessant is. „Voordat Rusland en Pruisen zo goed bevriend raakten, werden beide landen op cultureel gebied sterk beïnvloed door Frankrijk en ook door Nederland. We laten dus een stukje zien van een groter, Europees fenomeen. Door de dynastieke banden die tussen bijna alle belangrijke vorstenhuizen bestonden, was er een wereld ontstaan die naast de politieke realiteit van alledag functioneerde. Pas toen door de opkomst van het nationalisme het belang van de familiebanden minder werd, raakten de diverse staten meer op zichzelf gericht.”

De Pruisisch-Russische vriendschap overleefde de geboorte van de natiestaat niet. Tsaar Nicolaas I vond dat Frederik Willem IV veel te zacht optrad tegen de liberale, nationalistische Duitse revolutie van 1848. Even overwoog hij zelfs Pruisen binnen te trekken. Hij zag daar vanaf toen Frederik Willem de opstand alsnog de kop indrukte. Toen Pruisen Rusland in 1853 bij het begin van de Krimoorlog in de steek liet, was het definitief gedaan met de innige betrekkingen tussen beide landen. De halve eeuw Freundschaft die uit politieke noodzaak geboren was, werd door veranderende machtsverhoudingen uit elkaar gespeeld.

Macht und Freundschaft: Berlin- St. Petersburg, 1800-1860. Tot 26 mei. Martin-Gropius-Bau, Berlijn.

    • Bart Funnekotter