Een nieuwe poging Cyprus te herenigen

De verwachtingen zijn hoog gespannen nu Cyprus een nieuwe president heeft die bereid is het vredesproces met het Turkse deel te heropenen. Maar er liggen veel problemen te wachten.

Een Cyprische soldaat staat op wacht bij het aluminium scherm dat Ledra-straat in de Cyprische hoofdstad Nicosia in een Turkse en een Griekse sector verdeelt. Foto AP A Cypriot soldier stands guard by a temporary bulkhead at a Cypriot outpost next to the UN buffer zone (Green Line) that divides the Greek and Turkish Cypriot controlled areas in Ledras main street in divided Nicosia, Cyprus, Wednesday, March 12, 2008. The leaders of this island's Greek Cypriot and Turkish Cypriot communities will hold talks later this month aimed at reviving U.N.-backed reunification efforts, an official said. Ledras street is one of the main issues will be a potential deal to open new crossing points along the U.N.- controlled buffer zone dividing the island. (AP Photo/Petros Karadjias) Associated Press

Een groot scherm van aluminium dat een drukke winkelstraat abrupt afbreekt, een soldaat die in een hokje zit te gapen – Nicosia heeft de twijfelachtige eer de laatste hoofdstad van Europa te zijn die nog verdeeld is. Maar wordt het tijd het scherm in de Ledra-straat weg te halen? De onlangs gekozen president van de (Grieks-Cyprische) Republiek, Dimítris Christófias, heeft laten weten zijn meer-dan-uiterste best te doen de verdeling van Cyprus te beëindigen. „Als iemand het kan, dan is hij het”, zegt een Grieks-Cyprioot van middelbare leeftijd die op zo’n honderd meter van het scherm loopt te winkelen. „Ik heb hoop dat Cyprus weer één wordt.”

Vier jaar was er sprake van een grote impasse op Cyprus. In 2004 stemde het eiland over het plan van toenmalig VN-secretaris-generaal Kofi Annan tot hereniging. Een grote meerderheid van de Turks-Cyprioten stemde ja maar de Grieks-Cyprioten, gesteund door de toenmalige president Papadopoulos, stemden massaal nee. „Door nee te stemmen hoopten ze dat er een nieuw plan op tafel zou komen dat gunstiger voor hen zou zijn”, zegt Joseph Joseph, hoogleraar aan de universiteit van Cyprus. „Maar er kwam helemaal niets meer.”

Die impasse is ongetwijfeld een van de redenen waarom de Grieks-Cyprioten al in de eerste ronde afrekenden met de zittende president, Tassos Papadópoulos. „Iedere president heeft zijn eigen stijl”, zegt Joseph, terwijl hij steeds langzamer en voorzichtiger begint te formuleren. „Je zou wel kunnen zeggen dat Papadópoulos niet de meest constructieve [president, red.] was”.

„Als Papadópoulos president was gebleven weet je zeker dat er nooit een oplossing zou komen”, zegt een Grieks-Cyprioot die niet met zijn naam in de krant wil. „Ten tijde van het Annan-plan zei hij steeds dat de internationale gemeenschap het plan moest garanderen. Maar tegelijkertijd stuurde hij zijn minister van Buitenlandse Zaken naar Moskou om ervoor te zorgen dat de Russen in de VN-Veiligheidsraad hun veto zouden gebruiken juist om te voorkomen dat de Verenigde Naties het plan zouden garanderen.”

Het resultaat van al dat gemarchandeer was dat de internationale gemeenschap (en zeker ook de Europese Unie) het vertrouwen in Papadópoulos verloor.

Mede daarom haalden velen op het eiland opgelucht adem toen Christófias, wiens communistische AKEL-partij Papadópoulos overigens enige jaren steunde, president werd. „Wie of wat hij ook is”, zegt een Turks-Cyprioot in Noord-Nicosia. „Hij is in ieder geval beter dan Papadópoulos”. „Christófias heeft altijd goede betrekkingen onderhouden met de Turks-Cyprioten”, zegt professor Joseph. „Christófias en Talat staan zo dicht bij elkaar als maar mogelijk is voor twee Cyprische politici.”

En dus wordt er veel verwacht van de nieuwe president. Vandaag hebben de twee leiders elkaar ontmoet en de verwachting was dat ze direct al zouden instemmen met een aantal gebaren van goede wil. Zo staat het vrijwel vast dat er een nieuwe doorgang komt op de al eerder genoemde Ledra-straat. „Experts van beide kanten zullen ook weer gaan kijken naar alle kwesties die van belang zijn voor hereniging”, zegt professor Joseph. De Turks-Cyprioten hebben al laten weten dat nieuwe onderhandelingen over hereniging binnen een jaar afgerond moeten zijn.

Maar hoe realistisch is dat? In 2004 kon elke Grieks-Cyprioot een hele mantra aan problemen opnoemen die in het toenmalige Annan-plan niet goed genoeg waren geregeld – Turkse troepen zouden langere tijd op het eiland blijven, Grieks-Cyprische vluchtelingen werden niet voldoende gecompenseerd voor hun huizen die ze achterlieten toen het Turkse leger in 2004 het noorden bezette en zo verder en zo voort.

Mede daarom willen de Grieks-Cyprioten niet gaan onderhandelen op basis van het Annan-plan. „Dat plan zei klip en klaar dat Grieks-Cyprioten hun huis in het noorden niet terugkregen”, aldus professor Joseph. „Het is beter om te zeggen: iedereen mag zijn bezit gebruiken zoals hij of zij dat wil. Ik ben ervan overtuigd dat de overgrote meerderheid van de Grieks-Cyprioten hoe dan ook niet terug wil [naar hun huizen in het noorden, red.] maar als je het zo opschrijft wordt het gemakkelijker om een nieuw vredesplan hier te laten accepteren.”

Verstandige woorden, maar de Turks-Cyprioten hebben al laten weten dat het Annan-plan er nu eenmaal ligt en dus de basis moet zijn voor elk gesprek over hereniging.

En dan is er nog Turkije. De zogeheten Turkse Republiek Noord-Cyprus wordt zo ongeveer gefinancierd door Turkije. De grote vraag is dus in hoeverre de Turks-Cyprische leider Talat in staat zal zijn concessies te doen als Turkije daar geen heil in ziet.

„Veel mensen hier hebben genoeg van Talat”, zegt de Turks-Cyprioot Savas. „Hij is veel te nationalistisch. Hij is geen Cyprioot meer, hij is een Turk geworden.” Vooralsnog is Turkije vooral met zichzelf bezig (een openbare aanklager wil de AK-partij van premier Erdogan verbieden, om maar een kwestie te noemen) en heeft het geen oog voor Cyprus.

Veel Turkse politici zien Cyprus bovendien als een troefkaart in de toetreding tot de Europese Unie. Maar de toetreding lijkt op dit moment ver weg, dus Turkije is vooralsnog niet bereid om Cyprus op te geven en bijvoorbeeld zijn militairen terug te trekken.

Ten slotte is er nog het wantrouwen aan beide zijden dat, zodra de euforie over de nieuwe president even wegebt, direct de kop weer opsteekt. „Weet je waarom niemand in Baf (het Griekse Paphos) voor Christófias heeft gestemd?”, zegt een Turks-Cyprioot. „De huizen daar zijn van ons [dwz. Turks-Cyprioten die vandaar naar het noorden zijn gegaan, red.]. Die huizen zijn nu ontzettend duur geworden. De Grieks-Cyprioten daar zijn bang dat ze weg moeten als er vrede komt.”

„Het Turkse leger?”, zegt Kodtas, eigenaar van een Grieks-Cyprische ijssalon. „Iedere keer als er een wapenstilstand kwam gebruikte het Turkse leger die om ons opnieuw aan te vallen.” Cyprus heeft wel een nieuwe president maar het is nog steeds hetzelfde eiland – vol problemen en angsten.

    • Bernard Bouwman