Even gesloten als de duizenden bloembollen

Op de opening van de Keukenhof kwam gisteren veel pers af. Zou de kroonprins zich in het bijzijn van de Chinese ambassadeur uitspreken over Tibet? Hij zweeg.

Prins Willem-Alexander, de ambassadeur van China (rechts) en een locoburgemeester van Peking openen met hulp van een figurant de 59ste Keukenhof. Foto Roel Rozenburg Lisse:19.3.2008 Openingshandeling van de Keukenhof door prins Willem-Alexander de ambassadeur van China in Nederland (rechts)en de loco burgemeester van Beiiing (links). © foto Roel Rozenburg Rozenburg, Roel

Honderdzeventien persvertegenwoordigers waren gisteren naar de opening van de Keukenhof gekomen; het tienvoudige van de gebruikelijke mediabelangstelling. De overgrote meerderheid kwam om een standpunt van kroonprins Willem-Alexander over China en de mensenrechten te horen. Maar hij bleef net zo gesloten als de duizenden bloembollen die nog open moeten gaan.

De hoge verwachting over uitspraken van de prins waren gebaseerd op zijn ontmoeting met de Chinese ambassadeur, mevrouw Xue Hangin, en locoburgemeester – één van de acht – Niu Youcheng van Peking. Gedrieën openden zij de 59ste bloemententoonstelling, omdat China en de Olympische Spelen dit jaar het thema zijn.

Nu de Tibetanen in opstand zijn gekomen tegen het Chinese gezag, heette het dat de prins, als lid van het Internationaal Olympisch Comité (IOC), er niet aan kon ontkomen de Chinese gasten op de mensenrechten aan te spreken. Maar die verwachting bleek ongegrond. Officieel heeft de kroonprins met Xue Hangin niet over de mensenrechten gesproken. Of hij het onderwerp informeel heeft aangekaart is onbekend.

Maar het ligt meer voor de hand dat de ambassadeur voor de mening van Willem-Alexander, net als de massaal toegestroomde media, was aangewezen op de website van het koninklijk huis. Daarop heeft de kroonprins een verklaring geplaatst waarin hij zegt „zich zorgen te maken over de ontwikkelingen in Tibet”. En hij vindt „dat er gestreefd moet worden naar een vreedzame oplossing, met respect voor de mensenrechten, waarbij rekening moet worden gehouden met de positie van alle bevolkingsgroepen”.

Hoe summier ook, het is de eerste officiële reactie van de kroonprins op de mensenrechtenkwestie in China. Tot gisteren had hij zich doof gehouden voor de oproepen zijn mening openbaar te maken. Het bleef ook stil nadat zwemtrainer Jacco Verhaeren een appèl op hem had gedaan. De coach vindt dat het IOC zich moet uitspreken over de mensenrechten om de sporters niet met de politieke discussie te belasten. En hij zei in een interview met deze krant „zich niet te kunnen voorstellen dat de kwestie de kroonprins onberoerd laat”.

Het is aannemelijk dat Willem-Alexander een verklaring op internet zette nadat de Volkskrant gisterochtend op de voorpagina schreef dat hij in een lastig parket was geraakt door aan de zijde van de Chinese ambassadeur te verschijnen, terwijl in Tibet het oproer kraait. De krant schreef dat hij daarmee in de positie was gemanoeuvreerd om stelling te nemen.

Die druk was vooral opgevoerd door groeperingen als Amnesty International, International Campaign for Tibet Europe en een aantal kritische Tweede Kamerleden, met voorop Joël Voordewind van de ChristenUnie. Amnesty had bij de Keukenhof vergeefs het verzoek ingediend om tijdens de opening alle gasten tulpen aan te bieden die zijn opgedragen aan Chinese mensenrechtenactivisten. En Campaign for Tibet schreef de prins een open brief waarin hij werd opgeroepen de ambassadeur aan te spreken op de kwestie Tibet. Beide organisaties hadden hun acties per e-mail aangekondigd bij de media.

Met resultaat, want er was massale mediabelangstelling voor een openingsplechtigheid met een lage nieuwswaarde. Wat weer leidde tot de vreemde situatie dat de prins zich al wandelend langs de bloemenperken doof hield voor de vragen over Tibet die hem van afstand werden toegeschreeuwd. Na afloop van zijn plichtplegingen liet hij zich evenmin vangen door de pers en verliet hij zonder commentaar de Keukenhof.

Maar gelukkig was daar Erica Terpstra, de voorzitter van sportkoepel NOC*NSF, die zich opwierp als plaatsvervangend opiniemaker. De prins maakt als IOC-lid tenslotte deel uit van haar bestuur, hoewel hij zelden een vergadering bijwoont. Terpstra riep China wél op tot een snelle, vreedzame oplossing in Tibet. „Ik moest wel”, zei Terpstra, die zich de gelegenheid niet liet ontnemen om nogmaals te melden „dat iedereen met zijn handen van de sporters moet afblijven” en „het aan de politiek is om stelling te nemen”.

Het pandemonium rond de kroonprins ging voorbij aan Chinese journalisten die op uitnodiging van de Keukenhof naar Lisse waren gekomen. Een van hen interviewde Terpstra. De verslaggeefster wilden weten hoe Nederland tegen de Olympische Spelen in Peking aankijkt. En zij en haar cameraman reageerden verrukt toen Terpstra, die sinologie heeft gestudeerd, enige woorden Chinees sprak. Tibet en de mensenrechten waren blijkbaar geen items voor de Chinese pers.

Sterker, verslaggever Xu Xin van de nationale staatsradio CRI reageerde verbaasd toen werd gerefereerd aan de Tibetaanse kwestie. „Wat is er dan aan de hand in Tibet? Onlusten? Protesten? Sinds wanneer?”

Op het ongeloof dat hij die berichtgeving als correspondent in Brussel onmogelijk gemist kon hebben, bleef Xu Xin volharden in zijn onwetendheid. „Echt, ik weet van niets. Maar ik heb al twee weken niet meer naar internet of de televisie gekeken.”