Beroemde staalskeletten

In de architectuur wordt originaliteit geprezen. Daarom valt het op als gebouwen op elkaar lijken. Vandaag over de pogingen om de voormalige jeugdherberg Ockenburgh voor sloop te redden.

Onder de voormalige jeugdherberg Ockenburgh in Den Haag van architect Frans van Klingeren uit begin jaren zeventig.

Ook Nederland heeft een Eames-huis. Alleen is het lang niet zo bekend als het huis van het beroemde ontwerpersechtpaar Ray en Charles Eames in Los Angeles. Sterker nog, maar weinig mensen buiten Den Haag kennen de voormalige Haagse jeugdherberg Ockenburgh, ontworpen door Frans van Klingeren. Maar de gelijkenissen zijn frappant.

Niet alleen staat de Haagse jeugdherberg, net als het Eames-huis, niet ver van zee, maar ook zijn beide gebouwen opgebouwd uit geprefabriceerde panelen, glasplaten en stalen balken.

Het Eames-huis, dat in drie dagen in elkaar werd gezet, is het bekendste van de Case Study Houses in Los Angeles. De Case Study Houses werden tussen 1948 en 1966 in opdracht van het tijdschrift Arts & Architecture gebouwd om het grote publiek te laten zien hoe mooi, goed en goedkoop moderne woningen konden zijn. Het Eames-huis is nu een bedevaartsoord voor architecten.

Van Klingeren ging bij zijn jeugdherberg, een uitbreiding van een 19de-eeuwse villa op het voormalige landgoed Ockenburgh, op dezelfde manier te werk als het echtpaar Eames. Het resultaat is dan ook vergelijkbaar: Van Klingerens gebouw is niet meer dan een ingevuld staalskelet, met op de begane grond een grote eetzaal en op de eerste etage de kamers voor gasten.

De eenvoudige constructie maakt het mogelijk om het op allerlei manieren te gebruiken. Toch wordt het nu in zijn voortbestaan bedreigd. De gemeente Den Haag wil Van Klingerens gebouw afbreken en vervangen door een nieuw luxe-hotel.

De Haagse architect Leon Thier is, samen met Gerrit van Es, een actie begonnen om Van Klingerens jeugdherberg te redden. „De jeugdherberg is niet alleen waard om te behouden wegens de bijzondere constructie”, legt hij uit. „Maar ook omdat Van Klingeren een opmerkelijke architect was van wie al veel werk van de aardbodem is verdwenen. Hij was wat je noemt een geëngageerde architect, kind van de jaren zeventig die met gebouwen als de Meerpaal in Dronten de maatschappij wilde veranderen. Dat zie je ook in jeugdherberg Ockenburgh. Hij wilde eigenlijk één grote slaapzaal boven, met jongens en meisjes door elkaar. Dat vond de gemeenteraad toen een beetje te ver gaan en dus zijn het uiteindelijk toch kamertjes geworden. Maar de totale transparantie om het contact met de natuur te bevorderen heeft Van Klingeren wel voor elkaar gekregen. Heel mooi vind ik ook de manier waarop je de eetzaal binnenkomt, via een verhoging zodat je als bezoeker goed kon zien waar de leuke jongens en meisjes zitten.”

Thiers actie heeft al veel bijval gekregen. Nora van Klingeren, de dochter van de architect, en Docomomo, de organisatie voor het behoud van gebouwen van de moderne beweging, hebben bezwaarschriften tegen de sloop van de jeugdherberg ingediend. En rijksbouwmeester Mels Crouwel en Rijksadviseur Monumenten Fons Asselbergs hebben de gemeente Den Haag laten weten dat de jeugdherberg een belangrijk gebouw is dat behouden moet blijven.

Thier heeft meer gedaan dan alleen protesteren tegen sloop. Samen met HVE architecten heeft Studio Leon Thier onderzoek gedaan naar hergebruik van Van Klingerens gebouw. „Door zijn staalskelet is het gebouw buitengewoon flexibel”, legt hij uit. „Het is niet moeilijk om het gebouw een andere bestemming te geven. Dat is duurzamer dan slopen. Met wat aanpassingen zoals dubbel glas kun je er een zorgcomplex van maken, een bedrijfsgebouw zoals nu de Van Nellefabriek in Rotterdam of appartementen voor expats. Een design hotel is ook mogelijk. Dan heb je kans dat het net zoiets wordt als het Eames-huis.”