‘Genoeg werk voor notaris over’

Staatssecretaris De Jager (Financiën) wil de belasting op erfenissen voor neven, nichten en derden verlagen. Vijf vragen aan Jacco Sjerps, fiscaal jurist van de Notariële Beroepsorganisatie.

Nichten, neven, buurvrouwen en vrienden zijn bij een erfenis een stuk minder voordelig uit dan kinderen, broers en zussen [zie tabel]. Die ongelijkheid is velen een doorn in het oog en moet daarom veranderen, vindt staatssecretaris De Jager. Hij wil de tarieven voor derden verlagen. Om dat te bekostigen, wordt misbruik strenger aangepakt.

Het successierecht is altijd een van de meest omstreden belastingen geweest. Waarom?

Sjerps: „Veel mensen vinden het tarief voor neven, nichten en vrienden – het derdentarief – erg hoog. Terwijl een kind maximaal 27 procent belasting betaalt over het belaste deel van een erfenis, betaalt een derde maximaal 68 procent. De overheid heeft dat ooit zo bedacht, omdat een erfenis voor een derde wordt beschouwd als een ‘buitenkansje’. De overheid vond het gerechtvaardigd om dat hoger te belasten. Daar komt bij dat veel erfgenamen successierechten beschouwen als een dubbele belasting. Immers, de overledene heeft al inkomstenbelasting betaald over zijn vermogen.”

Wat wordt de belangrijkste verandering in het successierecht?

„Alle tarieven komen straks onder de 50 procent te liggen. Over het belaste deel van de erfenis betaalt dan dus niemand meer dan de helft aan belasting. Verder wordt het successierecht, dat in zijn huidige vorm voor ondernemers bijvoorbeeld best ingewikkelde bepalingen kent, vereenvoudigd.”

Wat verandert er voor ondernemers die hun bedrijf willen nalaten aan een kind?

„Nu is de bedrijfsopvolgingsregeling ‘een bord spaghetti’, zoals De Jager het zelf noemt, doordat er steeds nieuwe bepalingen aan zijn toegevoegd. De Successiewet dwingt opvolgers nu nogal eens om het bedrijf te verkopen. Dat wil de staatssecretaris veranderen. Hij wil onder meer de conserverende aanslag afschaffen. Die houdt verband met het feit dat een kind dat een bedrijf overneemt van een ouder over 75 procent van het belaste deel geen belasting hoeft te betalen op voorwaarde dat hij of zij het bedrijf minimaal vijf jaar voortzet. Die regeling is vrij nutteloos, aangezien het zelden gebeurt dat alsnog belasting betaald moet worden.”

Is er inderdaad veel vraag naar constructies, zoals de staatssecretaris ontduiking van de Successiewet noemt?

„Wat je nogal eens ziet bij vermogende emigranten zijn zogeheten trusts. Nederlanders die langer dan tien jaar in bijvoorbeeld België of Zwitserland wonen, brengen hun vermogen belastingvrij onder in zo’n buitenlandse rechtspersoon. Als bij overlijden daaruit geld vrijkomt, kan daarover geen Nederlandse successiebelasting worden geheven. Dat lijkt me een constructie die de overheid wil aanpakken. Maar aan andere mogelijkheden, zoals schenkingen bij leven, zal vermoedelijk niets veranderen.”

Heeft deze aanpassing van het successierecht ook te maken met het feit dat steeds meer mensen nalaten aan derden?

„Een van de doelen van de staatssecretaris is om de tarieven voor derden beter in overeenstemming te brengen met de regels in omringende landen. Uit recent onderzoek blijkt dat neven, nichten en niet-verwanten in buurlanden minder betalen als ze erven dan in Nederland. De tarieven die kinderen betalen blijken veel meer op één lijn te zitten met tarieven in het buitenland.”

Lopen notarissen geen inkomsten mis als ‘constructies’ om belastingtarieven te ontlopen, worden aangepakt?

„Dat vraag ik me af. Er zijn verschillende, volstrekt legale mogelijkheden om aan vermogensplanning te doen. Die zullen er blijven. Ik denk dat je straks bij leven bijvoorbeeld nog steeds een schenkingsplan kunt laten opstellen. Dan blijft er voor notarissen dus voldoende advieswerk over.”

    • Friederike de Raat