Coalitie van Leterme is vooral uit nood geboren

Negen maanden na zijn verkiezingszege wordt Yves Leterme premier alsnog van België.

Maar zijn regeerakkoord kent vele losse eindjes.

Enkele weken geleden lag hij nog in het ziekenhuis. Nu moest hij weer tot diep in de nacht onderhandelen. Maar gisterochtend om half zeven, nadat de croissants voor het ontbijt al waren besteld, had Yves Leterme goed nieuws: de leiders van vijf partijen waren het eens. Negen maanden na de verkiezingen lijkt het zeker dat de Vlaamse christen-democraat Leterme premier van België wordt.

De krant Het Laatste Nieuws was toen al gedrukt. Niettemin stond er gisteren een strip in van tekenaar Erik Meynen die de politieke situatie aardig samenvat. Hij tekende een zwetende Leterme die bij de huidige premier Guy Verhofstadt komt om te vertellen dat er een regeerakkoord is, met als titel Het toekomst-akkoord.

Verhofstadt: „Klinkt goed, maar wel kort en vaag, niet?” Leterme: „De volledige titel is: het (alle belangrijke beslissingen werden tussen haakjes gezet en uitgesteld naar de) toekomst-akkoord.” Is de crisis nu voorbij? Veel Belgen lijken niet over die mate van optimisme te beschikken. Er is nog te veel waarover de politici het niet eens zijn geworden.

Leterme kondigde gisteren maatregelen aan om de koopkracht te verbeteren, zoals een hogere kinderbijslag. Precieze cijfers ontbreken in het regeerakkoord. Daarover moet bij de begroting worden onderhandeld.

Het grootste twistpunt sinds de verkiezingen was de ‘staatshervorming’. Vlaamse politici willen dat die er komt, zodat de gewesten (Vlaanderen, Wallonië en Brussel) meer autonomie krijgen. Van Franstalige politici hoeft dat niet. Over de staatshervorming werd enkele weken geleden al een akkoord, of beter een akkoordje, gesloten. Vlaamse politici wilden een ‘vette vis’ binnenhalen, maar het werden slechts ‘borrelnootjes’.

Zo werd afgesproken dat de regio’s verantwoordelijk worden voor een deel van het verkeersbeleid. Vlaanderen mag zelf de maximumsnelheid op wegen bepalen. Op sómmige wegen, niet op de snelwegen. Ook regelgeving voor de vestiging van grote winkels (in België de IKEA-wet geheten) wordt geregionaliseerd. Over onderwerpen die er echt toe doen werden de onderhandelaars het niet eens: arbeidsmarkt, gezondheidszorg en vennootschapsbelasting.

Leterme heeft ook nog geen oplossing gevonden voor een ander groot probleem: het kiesdistrict Brussel-Halle-Vilvoorde (‘BHV’). Dat bestaat uit het tweetalige Brussel en uit een aantal Vlaamse gemeenten. Franstaligen die in die Vlaamse gemeenten wonen, kunnen op de Brusselse kopstukken van Franstalige partijen stemmen. Veel Vlaamse politici willen daaraan een einde maken en BHV splitsen. Franstalige politici beschouwen dat als een daad van „ernstige politieke agressie”. De regeringspartijen konden de kwestie BHV nu nog voor zich uitschuiven, maar later dit jaar of begin volgend jaar zullen zij toch een beslissing moeten nemen.

De verhoudingen tussen politici lijken er de afgelopen maanden niet beter op te zijn geworden. Ook dat is een reden voor pessimisme. Josly Piette, die de afgelopen maanden minister van Werk was namens de Franstalige christen-democraten, zegt in de krant La Dernière Heure: „We zijn daar om te beslissen, om de onderneming België te beheren. Maar dat is onmogelijk zonder een minimum aan vertrouwen, als je je voortdurend moet afvragen wie er om de hoek wacht. Dat is wat ik gedurende drie maanden heb gezien.”

Gisteren en vandaag werd en wordt het akkoord voorgelegd aan de leden van de coalitiepartijen. Als alles goed gaat, wordt Leterme morgen beëdigd. Zijn kabinet heeft een ongebruikelijke samenstelling. Aan Vlaamse kant doen liberalen en christen-democraten mee, aan Franstalige zijde liberalen, christen-democraten én socialisten, vijf partijen in totaal. De werkelijkheid is nog ingewikkelder, omdat bijvoorbeeld de Vlaamse christen-democraten één fractie vormen met de Nieuw-Vlaamse Alliantie (N-VA).

De leider van deze N-VA, Bart De Wever, kondigde onlangs al aan dat hij pas in juli een definitief oordeel geeft over de regering-Leterme. Hij heeft geduld, zei hij, tot 21 juli. Die datum is niet toevallig gekozen, zei hij, het is de nationale feestdag van België. Het was een serieuze opmerking met een knipoog: iedereen in België weet dat Bart De Wever een Vlaams-nationalist is die normaal gesproken geen feest viert op 21 juli. Wil hij dit jaar wel wat vieren?

De Wever zal Leterme de komende maanden opnieuw onder druk zetten om concessies te eisen van de Franstalige partijen. Zonder de N-VA heeft de regering geen meerderheid aan Vlaamse kant.

Een commentator van de Vlaamse krant De Standaard had zijn commentaar al af, voordat Leterme zijn goede nieuws kwam melden. Hij schrijft: „Dit is wat we nog samen kunnen. Wie dit aftoetst aan ‘de normale manier van werken in een democratie’ wordt misselijk. Doe dat dus niet. Leg u erbij neer dat dit, hier en nu, het maximum is dat bereikbaar is in het België in zijn huidige vorm.”

Lees ook: commentaar, pagina 17

    • Jeroen van der Kris