Wij zijn de tijd

‘Toen ik zo oud was als jullie’ maakte ik deel uit van een generatie die geloofde in een betere wereld. In vergelijking met die jaren zeventig is er inderdaad veel vooruitgang geboekt. Op vrijwel alle terreinen van de samenleving, in binnen- en buitenland. Zo is de positie van de vrouw in veel landen verbeterd. Het ijzeren gordijn hangt er niet meer. In de medische wetenschap is men tot veel meer in staat dan dertig jaar geleden. Sommige ontwikkelingslanden van destijds zijn inmiddels opkomende economieën.

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat er nu, één generatie verder, geen problemen meer zijn. Want ook nú vragen jonge mensen zich af hoe het verder moet. Met de toename van de wereldbevolking, met het klimaatprobleem en de milieuvervuiling, met de armoede, met het afnemende begrip tussen volken, culturen en religies.

Dat laat zien dat veel dingen waar wij nu mee worstelen zo oud zijn als de mensheid zelf. Ik laat me graag inspireren door de Kerkvader Augustinus die in de vierde eeuw zei: ‘ Wij zijn de tijd.’ Wij bepalen ieder voor zich én met elkaar hoe onze samenleving er vandaag uitziet ... En morgen en overmorgen. Wat ik graag zou zien is een generatie die de onverschilligheid voorbij is. Die solidariteit anders interpreteert dan ‘what’s in it for me’. Een generatie die het belang van ons democratisch rechtssysteem op waarde weet te schatten; die beseft dat er verschil is tussen een gesprek aan de stamtafel in de kroeg en aan de vergadertafel in het Catshuis.

Een generatie ook die inziet dat de balans tussen welvaart en welzijn weliswaar broos is, maar niet onmogelijk. Een generatie die vernieuwt en creatieve oplossingen bedenkt. En die niet alleen gelooft en hoopt, maar ook DURFT en DOET!

Maria van der Hoeven (58)

Wekelijks schrijft iemand op uitnodiging een brief aan de next-generatie. Maria van der Hoeven is minister van Economische zaken in het kabinet-Balkenende IV