Waarom ruik je wel bij in- en niet bij uitademen?

Als Annemarie Hermsen uit Hillegom langs een pas gemest weiland loopt, ruikt zij de mest wel bij het inademen, maar niet als zij diezelfde lucht weer uitademt. Zijn alle geurdeeltjes dan gefilterd? Of is het wat anders?

Een nieuwe behandeling voor patiënten die niet door hun neus kunnen ademen, bewijst dat ook bij uitademing geroken kan worden. Ruiken doe je namelijk via je neus, maar ín de hersenen.

Bij deze behandelmethode ademen de patiënten via een gaatje in de hals, zegt Rico Rinkel, kno-arts bij het VU Medisch Centrum. „Met behulp van een bepaalde techniek leren zij lucht in te slikken, deze in hun mond te houden en omhoog te persen. Aroma van koffie wordt hier bijvoorbeeld voor gebruikt. Zolang de geur maar hoog boven bij het neusslijmvlies, tussen de ogen, terechtkomt.”

Daar, boven in de neusholtes, ligt het reukzintuig. Als de vele kleine haartjes op dit orgaan in aanraking komen met opgesnoven stoffen, gaat een signaal via de reukzenuw naar de hersenen. De hersenen verwerken de prikkel en je ruikt.

Wel is het zo dat geur minder sterk is bij het uitademen. Dit heeft meerdere oorzaken. Geurdeeltjes passeren bijvoorbeeld verschillende barrières, voordat zij bij inademing in het neusslijmvlies terechtkomen. Rinkel: „Neushaartjes filtreren een deel van de geurdeeltjes. Ook de geribbelde inwendige neusschelpen houden de deeltjes tegen.”

Ingeademde geurdeeltjes worden ook verdund in de longen, vervolgt Rinkel: „De deeltjes vermengen zich met verschillende stoffen die we in- en uitademen. Zo passeren ze bij uitademing in verdunde vorm het neusslijmvlies.”

Algemeen ruiken geuren na verloop van tijd minder sterk door gewenning. Constante prikkeling doet de reactie van de hersenen afnemen. Denk bijvoorbeeld aan een vuilnisman die een dag lang vrolijk achter de wagen hangt. Of een boer op een pas gemest weiland dat je zelf al van kilometers ruikt.

Linda van Stek