Tibet en Birma: de ene monnik is de andere niet

Boeddhistische monniken die demonstreren: het roept herinneringen op aan het protest in Birma, vorig jaar.

Vooralsnog zijn er meer verschillen dan parallellen

De demonstraties in Birma, 26 september 2007. Foto AFP, Moemaka Media, Ho This picture received by the MoeMaka Media internet blog shows monks and their supporters running as police crack down on the ongoing daily demonstrations in downtown Yangon, 26 September 2007. Myanmar security forces used batons, tear gas and live rounds 26 September in a violent crackdown on mass protests against the military junta, killing at least four people including three Buddhist monks. RESTRICTED TO EDITORIAL USE MYANMAR OUT AFP PHOTO / MOEMAKA MEDIA / HO AFP

De Tibetaanse monniken en de Birmese monniken. Beiden zijn het middelpunt van protesten voor meer vrijheid voor de gemeenschappen waar zij deel van uitmaken.

De Tibetaanse monniken protesteerden de afgelopen week in de kloosters in en rond Lhasa, de Birmese monniken in september vorig jaar in Rangoon en andere steden. In beide landen waren de monniken door hun hoge aanzien de meest geschikte bevolkingsgroep om het initiatief te nemen tegen een regering waarvan harde tegenmaatregelen verwacht kunnen worden. En beide groepen monniken trekken met hun ascetische levensstijl en felgekleurde gewaden de aandacht van de wereld.

Daar lijken de parallellen tussen de monnikenprotesten op te houden. Lijken, want over de demonstraties in Tibet zijn nog maar weinig details bekend, zoals dat in september in Birma ook het geval was. Berichten over de aantallen monniken die sinds vorige week maandag deelnamen aan protestmarsen, het aantal slachtoffers en betrokkenheid van monniken bij gewelddadigheden komen uitsluitend van de Tibetaanse leiding in ballingschap en actiegroepen enerzijds en de Chinese regering anderzijds. Onafhankelijke journalisten kunnen Lhasa niet bereiken.

Een aantal verschillen tussen de twee monnikenopstanden is al wel duidelijk. In Birma lukte het de demonstranten langer de protesten vreedzaam te laten aanzwellen. De politieke oppositie en gewone burgers begeleidden de monniken in hun tochten door Rangoon door hen af te schermen van de politie, die zich in eerste instantie afwachtend opstelde, maar later op demonstranten schoot, duizenden van hen oppakte en monniken in hun kloosters opsloot. In Lhasa begonnen demonstranten vrijdag, op de vijfde dag van de protesten, met rellen en aanvallen op winkels en een bankgebouw.

Of de Tibetanen bozer zijn dan de Birmezen is moeilijk te bepalen, zo lang de regio is afgesloten. Wel is duidelijk dat terwijl de woede van de monniken in Birma zich namens de bevolking richtte tegen de junta, in Tibet vermoedelijk ook een etnische component meespeelt: Peking heeft sinds het Tibet in 1950 inlijfde miljoenen Han-Chinezen naar de regio gestuurd, die daar belangrijke delen van de economie en het bestuur in handen hebben. Tibetanen voelen zich tweederangsburgers in Tibet.

Het Chinese bestuur oefent behalve op gewone burgers ook verregaande invloed uit op de levenswijze van de monniken en de manier waarop zij hun geloof kunnen beoefenen. Zo benoemde Peking in 1995 zelf de opvolger van de Dalai Lama, de Panchen Lama, een taak die volgens het boeddhisme aan geestelijken is voorbehouden. De jongen die de Dalai Lama zelf eerder benoemd had is verdwenen. De ‘Pekingse’ Panchen Lama veroordeelde gisteren de rellen in Lhasa. Die „schaadden niet alleen de belangen van het land en het volk, maar schonden ook het doel van het boeddhisme”.

Een jaar eerder, in 1994 had Peking vastgesteld welke teksten en doctrines wel en niet gebruikt kunnen worden in de kloosters en beperkingen opgelegd aan het aantal monniken dat kloosters mogen opnemen, waardoor veel monniken en nonnen moesten worden afgewezen. Deze maatregelen dragen nog altijd bij aan de spanningen tussen boeddhisten en de Chinese autoriteiten.

Het is zeer de vraag of de aandacht voor Tibet even lang zal aanhouden als die voor Birma. Daar is een – uiterst moeizame – dialoog op gang gekomen tussen de junta en oppositieleidster Aung San Suu Kyi, met bemiddeling van de Verenigde Naties. De Birmese roep om meer vrijheid werd dan ook in grote delen van de wereld met welwillendheid begroet, door de Amerikaanse president Bush voorop. De VN, de VS en de Europese Unie scherpten hun sancties aan. Het Tibetaanse streven naar meer autonomie kan in de internationale gemeenschap op veel minder uitgesproken steun rekenen.

Bekijk de site van de Dalai Lama: www.dalailama.com

    • Hanneke Chin-A-Fo