Jagen bij ganzen geeft reigers meer muizen

Zilverreigers hebben een voorkeur om zich tussen troepen kolganzen op te houden. Want daar hebben ze meer kans veldmuizen te vangen, waarschijnlijk omdat de rumoerige ganzen hun aanwezigheid maskeren. Dat schrijft bioloog Dirk Prop in het komende aprilnummer van het Nederlandse vogeltijdschrift Limosa.

Tijdens zijn bezoeken aan de Eempolder nabij Baarn ontdekte Prop dat er zich opvallend veel grote zilverreigers (Egretta alba) nabij de groepen grazende kolganzen (Anser albifrons) ophielden. Soms zaten er meer dan twintig van die opvallende witte reigers tussen de ganzen, terwijl er in de hele Eempolder naar schatting niet meer dan veertig zilverreigers leven. Meer dan de helft van de zilverreigers die Prop door zijn kijker waarnam in de maand januari zat in de buurt van ganzen.

Prop volgde groepjes reigers met en zonder ganzen en stelde vast dat reigers tussen de ganzen veel meer veldmuizen vingen dan soortgenoten die verspreid in de polder jaagden: gemiddeld 3,3 muis per uur tegen 1,8 muis per uur. De veldmuis is in de wintermaanden een belangrijke prooi voor de grote zilverreiger.

Waarom het vangstsucces groter is tussen ganzen weet Prop niet precies. Hij vermoedt dat muizen rondlopende zilverreigers minder snel opmerken door de flinke herrie die de kolganzen soms met meer dan duizend vogels tegelijk maken. Een sterke aanwijzing hiervoor is dat zilverreigers nauwelijks worden aangetrokken door groepen knobbelzwanen en kleine zwanen, die veel minder luidruchtig zijn.

Zilverreigers volgen de groepen kolganzen niet altijd, ontdekte Prop. Als de ganzen grazen in de centrale delen van de polder, haken de reigers af. Dat is heel berekenend, schrijft Prop, want daar zitten veel minder veldmuizen als gevolg van een hoge waterstand.

De voorkeur van zilverreigers voor jagen tussen de ganzen wordt ook gemeld op andere plaatsen in Nederland, bijvoorbeeld in de Ooijpolder bij Nijmegen. In zuidelijke landen scharrelen zilverreigers bij voorkeur tussen het vee, op zoek naar opgejaagde insecten. Ook de blauwe reiger (Ardea cinera) lijkt het ‘ganzeneffect’ ontdekt te hebben.