Innerlijke tegenspraak

Ik ben verzot op paradoxen, ongerijmdheden en de niet aflatende menselijke neiging tot innerlijke tegenspraak. Hoewel, verzot? Hou het maar op een haat-liefdeverhouding.

Met frisse tegenzin ijsbeer ik dan door de kamer en stel mezelf vragen als:

Waarom bidden orthodoxe christenen altijd het liefst op zondag, als God een vrije dag heeft? Zou de Gay Pride dáárom nog steeds bestaan? „Prangende verzoeken indienen tijdens kantooruren”, had de Heer gezegd. Maar de SGP wilde niet luisteren. Dus vaart de roze parade ook dit jaar gewoon door de Amsterdamse grachten. En minister Plasterk dobbert vrolijk mee. In leren tangaslip, hoop ik.

„Van de ratten besnuffeld!” vindt SGP-leider Bas van der Vlies.

En dan begin ik weer te mijmeren: hoe kan het toch dat de mensen die om het hardst de evolutie ontkennen, vaak het meeste weg hebben van onze voorouders uit prehistorische tijden? Het klinkt misschien tegenstrijdig, maar altijd als ik Van der Vlies hoor praten, begin ik te geloven dat de mens in slechts één dag geschapen werd. Dat is het nadeel van een wetenschappelijk wereldbeeld als het mijne: je bent verplicht op de feiten af te gaan. En Bas van der Vlies is en blijft een zorgwekkend overtuigend bewijs dat de evolutietheorie onzin is.

Toegegeven, om Bas intelligent design te noemen, gaat mij ook te ver.

Wie kan nog hardop beweren dat er vooruitgang in ons denken zit? Dat wij ‘verlicht’ zijn en de rest van de wereld niet? Onze premier durft zich niet eens te vertonen tussen een paar blote homo’s op een boot. En vicepremier Rouvoet heeft al verklaard liever naar de, hou je vast, EO Jongerendag te gaan. Is dat het Nederland waar we Trots op moeten zijn? Is dat de joods-christelijke traditie die we moeten beschermen tegen de islam?

Ik noem geen namen, maar twee politici zijn verdacht stil de laatste tijd. Te druk met de eigen boot misschien? Of met het in allerijl herschrijven van een filmscript?

Dat is misschien wel de grootste geestelijke spagaat waar je tegenwoordig als westerling mee te leven hebt. Wij schijnen ooit bedacht te hebben dat alle mensen gelijkwaardig zijn.

En dát maakt ons dan weer superieur, zegt men.

Rob Wijnberg