Zeeland over tweehonderd jaar

Een nieuw plan moet op lange termijn de provincie Zeeland groter, veiliger en veel natuurlijker maken. Water moet geen vijand maar een vriend zijn.

De kaart van Zeeland met links de uitbreiding met eilanden, zandbanken en brede duinen. Bron Rijkswaterstaat Rijkswaterstaat

Stel nu eens dat de zeespiegel twee meter is gestegen. Dat we leven in een land met rivieren die af en toe veel meer water afvoeren dan we nu gewend zijn. En dat zich een noordwesterstorm voordoet. Hoe zou de Zuid-Hollandse en Zeeuwse Delta eruit moeten zien om in dat geval een watersnoodramp te voorkomen?

Kijk naar de kaart en je krijgt een indruk. Dankzij omvangrijke suppleties liggen er zandbanken voor de Zeeuwse kust, enkele aangegroeid tot eilanden, en zijn de duinen verbreed, om de Delta veiliger én natuurlijker maken. De dijken langs de Zeeuwse en Zuid-Hollandse eilanden zijn breder gemaakt, met aan weerszijden vooroevers en huizen of golfbanen. „We moeten de Delta zó inrichten dat het water een vriend is. Water dat we kunnen gebruiken maar dat we in geval van nood ook als een vijand in de boeien kunnen slaan. Want wat veiligheid betreft doen we geen concessie”, zegt Leo Adriaanse van Rijkswaterstaat Zeeland.

Op de kaart uit 2200, in opdracht van Rijkswaterstaat gemaakt door architectenbureau West 8, zijn de Deltawerken aangepast. Er zijn gaten in aangebracht, nog veel groter dan die in de doorlaatbare stormvloedkering in de Oosterschelde, zodat de overgangen van zoet en zout water minder scherp zijn, en de ecologische nadelen van de Deltawerken tot het verleden behoren. Zoals de blauwalgengroei in het zoete Volkerak en Zoommeer. Het zuurstofgebrek in het Grevelingenmeer. De grote hoeveelheid rivierslib dat bezinkt in het Hollands Diep en Haringvliet. En de ‘zandhonger’ van de Oosterschelde, als gevolg waarvan schorren en slikken verdwijnen in geulen uit de tijd dat de zee nog vrij spel had. Adriaanse: „Nederlanders zijn goed in het inpolderen. Maar we hebben in de Delta niet alleen land ingepolderd, maar ook het water.”

De natuurbeschermers zijn begonnen te zeggen dat de aanleg van de Deltawerken grote ecologische nadelen heeft gehad. Nu zeggen de ingenieurs van Rijkswaterstaat het hen na. En ze wijzen op de economische schade die het gevolg is. Het is niet prettig wonen aan een meer dat eruit ziet als een slecht schoongemaakt aquarium. Het is vervelend om er niet te kunnen zwemmen. En geen mosselen en oesters te kunnen kweken. Er moet veel veranderen. „Maar in de praktijk gebeurt er weinig”, zeggen Egon Baldal en Gilbert Westdorp. Zij zijn van een onafhankelijk team ‘jonge zeehonden’ uit de geledingen van Rijkswaterstaat, de provincies Zeeland en Noord-Brabant en onderzoeksinstituut Deltares, dat gevraagd is een doorbraak te bewerkstelligen bij al die ideeën en projecten die op weerstand stuiten. „Want er liggen gigantische kansen.”

Weerstand hindert daadkracht. Er wordt al jaren gedelibereerd over het ontpolderen van een klein stukje Zeeland. En hoe lang duurt het nu al niet, verzuchten de ingenieurs, voordat een besluit wordt genomen om het vieze zoete water in het Volkerak en het Zoommeer met zeewater door te spoelen? Alleen maar uit angst dat er onvoldoende zoet water overblijft voor de landbouw? Zie toch liever kansen dan bedreigingen, zeggen ze. Egon Baldal: „Er worden in de zuidwestelijke Delta veel uien geteeld. Terwijl het erg veel zoet water en energie kost om ze te verbouwen en terwijl er veel lucratievere producten zijn. Uien zijn bovendien voor de wereldmarkt.” Laat de boeren zich liever richten op typisch Zeeuwse producten en die als streekproducten aan de man brengen. En ga profiteren van het zuiverende zeewater. Door het verbouwen van zeekraal bijvoorbeeld. „Heerlijk bij haring”, zegt Gilbert Westdorp. „Waarom stappen boeren niet op zulke gewassen over? Dat gaat best lukken. Laten we met de supermarkten praten en ruimte in de schappen opeisen. Twintig jaar geleden aten we toch ook nauwelijks broccoli?” Tong kweken kan ook lucratief zijn. En je moet eens opletten hoe veel méér en betere mosselen er komen als de natuurlijke dynamiek van de Delta is hersteld. Gilbert Westdorp: „We hebben sinds enkele jaren weer zout water in het Veerse Meer. En wat zie je gebeuren? De mosselen komen terug. De beestjes knallen hun schelpen uit.” Egon Baldal: „Van zulke kansen kunnen de mosselmensen uit Yerseke alleen maar smullen.”

    • Arjen Schreuder