Federal Reserve haalt alles uit de kast

Ben Bernanke pakt de zaken serieus aan. En dat werd tijd ook, zullen sommigen daaraan toevoegen. Bij voorgaande financiële crises gaven voorzitters van de Federal Reserve (de Fed, het federale stelsel van Amerikaanse centrale banken) de voorkeur aan een tweeledige aanpak van enerzijds het verhogen van de rente en anderzijds het bijeenbrengen van de crème de la crème van de financiële wereld voor topoverleg. De bijna-ineenstorting van zakenbank Bear Stearns eind vorige week heeft bewezen dat dat deze keer niet genoeg was. Bernanke zag zich gedwongen tot het nemen van drastischer maatregelen.

In de eerste plaats heeft hij ermee ingestemd om 30 miljard dollar (19,3 miljard euro) ter beschikking te stellen voor de financiering van de minder liquide bezittingen van Bear Stearns, hoofdzakelijk hypotheken. Zonder die steun zou JP Morgan-topman Jamie Dimon de belaagde firma waarschijnlijk niet zo snel te hulp zijn gekomen. Dat is ongetwijfeld goed nieuws voor het financiële systeem in zijn geheel: er wordt vermeden dat op een angstige markt de balans van 395 miljard dollar moet worden afgewikkeld van een van de grootste Amerikaanse effectenfirma’s, die tevens een grote speler is op de complexe markt voor zogenoemde credit default swaps (een soort kredietverzekeringen).

Het inrichten van een kredietlijn voor de kleinste van de zelfstandige Amerikaanse zakenbanken geeft ook aan dat de Fed niet bereid is een grote Amerikaanse financiële instelling failliet te laten gaan. Dat kan het vertrouwen ten goede komen in firma’s als Lehman Brothers en Morgan Stanley.

Maar dit is niet de enige noviteit die Bernanke introduceerde. Hij heeft ook een noodkredietfaciliteit in het leven geroepen voor zakenbanken, iets waar in het verleden slechts gewone banken voor in aanmerking kwamen. Weliswaar is het gebruik ervan beperkt tot deelnemers aan de securitisatiemarkt, maar tot het uitbreken van de kredietcrisis was alleen al de markt voor hypotheekobligaties groter dan die voor bedrijfsobligaties of Amerikaanse staatsobligaties.

Bij elkaar genomen moet Bernanke hopen dat deze drastische maatregelen ervoor zullen zorgen dat het geld weer gaat stromen. Dat is wellicht een schrale troost voor de aandeelhouders van Bear Stearns – waarvan ongeveer 40 procent uit de werknemers van de firma bestaat. Op een niveau van 2 dollar per aandeel vertegenwoordigt het bod van JP Morgan slechts 2,5 procent van de boekwaarde van de zakenbank, en minder dan 7 procent van de slotkoers van vrijdag. Als er weinig kredietrisico in de balans van Bear Stearns blijkt te schuilen, kon JP Morgan wel eens een bonus van 2 miljard dollar of meer in de wacht gaan slepen, zelfs na aftrek van de integratiekosten.

Maar als de ongekende aanpak van de Fed zijn doel bereikt, zullen waarschijnlijk alleen de aandeelhouders en de werknemers van Bear Stearns zich afvragen of dit niet een te hoge prijs was voor stabiliteitsbehoud.

Antony Currie