Zaak-Parmalat uitgesteld tot mei

Het megaproces over de miljardenfraude bij het Italiaanse zuivelbedrijf Parmalat is uitgesteld tot 6 mei. Dat heeft de rechter gisteren besloten, drie uur na het begin van het proces. Op die datum zal worden besloten of het hoofdproces in Parma zal worden samengevoegd met andere, kleinere rechtszaken rond Parmalat, die eveneens gisteren zijn begonnen. Daaronder vallen bijvoorbeeld het faillissement van reisconcern Parmatours van Parmalat en de aankoop van het mineraalwaterbedrijf Ciapazzi. Alleen deze laatstgenoemde zaak blijft doorlopen.

Ruim vier jaar geleden bleek dat Parmalat een schuld had van 14 miljard euro, acht keer zoveel als in de boekhouding stond. De zaak is het grootste financiële schandaal van Europa tot nu toe. Er zijn, verspreid over vijf zaken, 56 verdachten. Zij worden beschuldigd van faillissementsfraude en deelname aan een criminele organisatie.

De aanklachten zijn gericht tegen onder anderen Calisto Tanzi, oprichter en voormalig topman van Parmalat, en zijn ex-financieel directeur Fausto Tonna. Ook ex-managers van het concern, bankiers die tegen beter weten in geld bleven lenen en accountants die het gegoochel met balansen door de vinger zagen, worden berecht. Zij kunnen maximaal vijftien jaar gevangenisstraf krijgen. De vraag is of het proces helderheid zal brengen over de vraag wat met het geld is gebeurd.

Het proces rond Parmalat belooft het grootste in de Italiaanse geschiedenis te worden en zal naar verwachting drie jaar duren. Het dossier is tien miljoen pagina’s dik. Het Openbaar Ministerie wil bijna 250 getuigen oproepen, terwijl de getuigenlijst van de advocaten van hoofdverdachte Tanzi 33.550 namen telt.

De meerderheid van de getuigen bestaat uit gedupeerde spaarders en aandeelhouders. Ruim 100.000 investeerders raakten door de fraude in 2003 hun geld kwijt.

De schuld van de multinational kwam aan het licht toen een tegoed van vier miljard euro op een bankrekening niet bleek te bestaan. De Italiaanse regering voorkwam eind 2003 dat Parmalat failliet ging. Crisismanager Enrico Bondi leidde het herstelproces. Hij eiste schadevergoedingen van banken en accountantsbedrijven. Daarmee haalde hij ruim 1,3 miljard binnen. Ook ontsloeg Parmalat ruim de helft van de werknemers. Er bleven er 15.000 wereldwijd over. In 2005 keerde het bedrijf terug naar de beurs. Het had toen een waarde van 5 miljard euro.

Het proces is vooral bedoeld om de kleine investeerders voor hun verliezen te compenseren. (AP)