Tijdelijke afkoeling van de aarde weerlegt broeikastheorie niet

De aarde wordt kouder. Al een jaar lang zakt de wereldgemiddelde luchttemperatuur en het mondiale gemiddelde voor de afgelopen maand januari lag liefst 0,6 graad lager dan dat van januari 2007. Het gonst in de blog-circuits en klimaatsceptici nemen aan dat binnenkort bewezen is dat de onrust over een versterkt broeikaseffect onzin was.

Maar de kans dat de afkoeling doorzet is nihil. Onderzoekers van het KNMI zagen het misverstand aankomen en hebben al op 3 maart op de site www.knmi.nl uitgelegd wat er gaande is. Het voornaamste is dat het jaar 2007 toch weer tot de tien warmste jaren van de afgelopen 150 jaar behoorde en dat anderzijds de gesignaleerde afkoeling reëel is.

Niet alleen de berekeningen van de Climate Research Unit van het Britse Hadley Centre (HadCRUT) komen erop uit, ook die van Amerikaanse instituten verbonden aan de NASA en de NOAA. Ze gebruiken dezelfde temperatuurmetingen die op twee meter boven grondniveau plaats vinden. Een belangrijk verschil is, aldus onderzoeker Geert Jan van Oldenborgh, dat het Hadley Centre de weinige en zeer verspreid liggende metingen uit de poolgebieden nauwelijks meetelt en daardoor bijna twintig procent van het aardoppervlak buiten beschouwing laat. De andere instituten maken wel schattingen voor die gebieden en maar signaleren toch ruwweg dezelfde trend. Ook het verloop van de temperatuur in de lagere troposfeer, zoals vanuit satellieten gemeten, laat een daling zien.

De sterke daling die na november optrad werd vooral veroorzaakt door de extreme koude in centraal Azië en Oost-China. Deze werd ten dele gecompenseerd door abnormale warmte in het noorden van Siberië, maar in de HadCRUT-reeks is die nu juist niet meegerekend. Een andere invloed komt van het optreden van het zogenoemde La Niña-fenomeen in de Stille Oceaan. Dit klimatologisch verschijnsel, de tegenhanger van de beruchte El Niño, leidt tot afkoeling van het oceaanwater in het tropisch deel van de oceaan. Dit jaar is de Niña ongewoon sterk, maar belangrijker is dat hij altijd maar tijdelijk is. Het door passaten naar het westen gestuwde warme oceaanwater stroomt vroeg of laat terug. Nog belangrijker voor de interpretatie van de huidige afkoeling is dat plotseling sterke temperatuurdalingen en -stijgingen zich in het verleden vaker hebben voorgedaan. Ze horen bij de grilligheid van het weer. Ze veranderen niets aan de conclusie dat de wereldtemperatuur gestaag stijgt en dat dit vooral komt door ophoping van broeikasgassen.

Karel Knip