Tibetanen doorkruisen regie van Peking

De Chinese autoriteiten zijn verrast door de hevige onlusten in de Tibetaanse hoofdstad Llhasa. Daarbij zouden ten minste twee doden zijn gevallen.

Zeer tegen de zin van de Chinese autoriteiten zijn, 146 dagen voor de officiële opening op 8 augustus door president Hu Jintao, de Olympische Spelen in politiek opzicht voor geopend verklaard door de monniken van de kloosters Drepung, Sera en Ganden bij de Tibetaanse hoofdstad Lhasa.

Het stond vast dat de boeddhisten zich zouden roeren op de 49-ste herdenkingsdag van de eerste grote opstand, in 1959, tegen de Chinese overheersing. Maar de omvang en felheid van de demonstraties deze week hebben de Chinese autoriteiten in hoge mate verrast. Vooral ook, omdat alles in het werk is gesteld om de kwestie-Tibet in dit voor China cruciale Olympisch jaar uit te wissen.

De vreedzame betogingen van de monniken groeiden echter uit tot straatrellen waarbij winkels en auto’s in brand werden gestoken. Toeristen hoorden geweer- en kanonschoten. Er zouden gisteren minstens twee, maar mogelijk zelfs twintig doden zijn gevallen. Een anonieme medewerker van een ziekenhuis in Lhasa meldde telefonisch aan internationale persbureaus dat er „zeker doden” en „veel gewonden” zijn.

De gewapende volkspolitie en het leger zouden ook panterswagens en tanks hebben ingezet om de protesten tegen het Chinese bestuur en voor een vrijer en autonomer Tibet te onderdrukken.

Dat beeld van de verwikkelingen in Lhasa werd niet alleen geschetst door de woordvoerders van de Dalai Lama in Londen en de Indiase en Amerikaanse aanhangers van deze ‘Oceaan van Wijsheid’, maar ook door toeristen én de Chinese persbureaus Xinhua (Het Nieuwe Woord) en Nieuw China. Anders dan gebruikelijk werd het gevoelige nieuws niet verzwegen, maar bekendgemaakt, verpakt in een goedgekeurde context.

Het zou – althans in deze lezing – gaan om acties van een „stelletje onwetende monniken en een handjevol aanhangers”. Al evenmin werd verzwegen dat ook in de Chinese provincie Gansu boeddhisten de straat zijn opgegaan.

Vervolg Tibet: pagina 4

Zwijgen geen optie meer voor China

De censors wisten gisteren niet hoe zij met deze betrekkelijke en nieuwe openheid moesten omgaan. Tot vrijdagmiddag zes uur gingen de internationale zenders BBC en CNN ‘op zwart’ als de woorden ‘Lhasa’ en ‘Chinese lockdown’ langskwamen.

Maar in de loop van de avond lieten de censors de knoppen ongemoeid en konden Engels- en ook Japanssprekende Chinezen (via de Japanse nieuwszenders) kijken en luisteren naar ter plaatse gemaakte, korrelige videobeelden en naar de woordvoerder van de Dalai Lama in Londen. Zaterdagochtend vroeg werd het satellietsignaal gestoord als woordvoerders van de Vrij Tibet-campagnes aan het woord kwamen.

Mocht het nog niet eerder zijn doorgedrongen in Peking, dan is nu duidelijk geworden dat niet de hele wereld deze zomer in de ban zal raken van de Chinese glimlach en de Olympische ‘Een Wereld, Een Droom’-gedachte.

Besloten is het politieke activisme van de Tibetanen, de critici van het Chinese mensenrechtenbeleid en het buitenlands beleid te beantwoorden met een voor Chinese begrippen ongekende assertiviteit. Uiteraard wordt dit gecombineerd met een krachtig militair en politioneel weerwoord in Tibet zelf en straks tijdens de Spelen met een zeer beperkt recht op het organiseren van demonstraties.

Zwijgend de golven van kritiek doorstaan is geen optie meer voor een steeds zelfbewuster China. De tijd dat in Peking werd uitgemaakt wat de bevolking mocht lezen en horen, is voorbij. Een nieuwe generatie leiders lijkt langzamerhand te beseffen dat naarmate China actiever is in Afrika, het Midden-Oosten en een steeds grotere rol gaat spelen in de digitale economie, er ook op een modernere wijze gecommuniceerd moet worden. Dat inzicht wordt tamelijk krampachtig, zichtbaar onwennig en vooralsnog op bescheiden schaal omgezet in de praktijk.

Voor het eerst trad onlangs bijvoorbeeld de speciale gezant voor Darfur, Liu Guijn, naar buiten om het Chinese beleid in Soedan te verdedigen en om te weerspreken dat China de grootste wapenleverancier van Soedan is. Hij bekende ook diep geraakt te zijn door de humanitaire tragedie.

Minister van Buitenlandse Zaken Yang Jiechi zelf fulmineerde woensdag tegen de activisten die de Spelen willen politiseren. Zijn boodschap kwam er op neer dat China op alle kritiek een weerwoord heeft én zich niet zal laten intimideren door een handjevol China-bashers. Yang had al gewaarschuwd dat er stevig zou worden opgetreden tegen „onvredelievende” demonstraties.

Maar het feit dat hij en topdiplomaat Liu uit hun kantoren kwamen om confronterende vragen van niet-Chinese journalisten te beantwoorden, vormde een impliciete erkenning dat sport en politiek moeilijk van elkaar te scheiden zijn, of dat nu zo gepland is door het politbureau of niet.

Illustratief was donderdag de publicatie van een 10.000 woorden tellend rapport van het informatiebureau van de Staatsraad, de Chinese regering, over de mensenrechtensituatie in de Verenigde Staten. Het rapport was geheel samengesteld uit Amerikaanse krantenverslagen en onderzoeken naar de uitvoering van de doodstraf, illegale acties van politiediensten en de stijgende criminaliteitscijfers in de grote steden aan de oost- en de westkust.

De moraal van deze publicatie in alle Chinese kranten behoefde geen nadere toelichting, alleen werd droogjes opgemerkt dat de VS jaarlijks de mensenrechtensituatie in 190 landen beoordeelt, maar zichzelf overslaat. In die lacune wilde China graag voorzien. De VS hadden Peking onder andere beschuldigd van onderdrukking van de Oeigoerse islamitische minderheid in het westen, marteling van gevangenen, schending van de persvrijheid en vrijheid van meningsuiting en gedwongen sterilisaties.

Bij de Spelen staat heel veel politiek, nationaal en internationaal aanzien op het spel. Zelfs een op het oog technisch Amerikaans-Chinees geschilletje over de vraag of sporters eten uit een Chinese dan wel Amerikaanse keuken krijgen voorgeschoteld, ontaardde in een prestigekwestie.

De voorbereidingen voor de Spelen worden opgeblazen tot ,,historische mijlpalen’’ (premier Wen Jiabao tijdens zijn rede voor het Nationale Volkscongres), dan wel ,,een ongeëvenaarde prestaties’’ en blijken van de ,,absolute correctheid’’ van het beleid van de Communistische Partij van China. De Spelen zijn een manifestatie van wat China , eens een doodarm, naar binnen gekeerd land, in de afgelopen dertig jaar heeft bereikt.

Premier Wen riep vorige week zijn landgenoten ook op tot „nieuwe vormen van denken” en „het verbreken van traditionele, vastgeroeste denkpatronen”. Dat klonk gewaagd en beloftevol, maar dat blijkt niet te slaan op Tibet.

Een fotoserie van de protesten is te zien op nrc.nl/buitenland