Spuitje voor lastige grazers

Mag de Australische regering kangoeroes – het nationale symbool – doden als die door hun graasgedrag erosie veroorzaken en een zeldzame soort hagedis en mos bedreigen?

Na een debat van een jaar tussen dierenbeschermers en de autoriteiten, besloten de laatsten vorige week van wel: 500 grijze kangoeroes die een militaire basis aan de rand van de hoofdstad Canberra kaalvreten, mogen worden afgeschoten. Niet met kogels, maar het verdovende pijltjes en een dodelijke injectie.

Aanvankelijk wilde het ministerie van Defensie ook 2.800 kangoeroes op een tweede basis doodschieten, maar dat plan werd ingetrokken na protest van dierenbeschermers. Ook nu wordt er actie gevoerd. Namens de Britse groep Viva! roept ex-Beatle Paul McCartney op dit „beschamende bloedbad” tegen te houden. Lokale activisten dreigen de toegang tot de basis te blokkeren.

De minister van Milieu, Peter Garrett, ligt onder vuur. Garrett, van de Groene Partij en voormalig frontman van rockband Midnight Oil, is betrokken bij een campagne tegen de Japanse walvisvaart. Is het doden van walvissen door Japanners niet vergelijkbaar met het afschieten door Australië van exemplaren van het nationale symbool? De minister vindt van niet. Volgens Garrett „houden Australiërs enorm van hun milieu en dieren”, maar is dit soort programma’s soms noodzakelijk.

Australië telt miljoenen kangoeroes, van zestig verschillende soorten. Slechts enkele daarvan worden bedreigd. Jagers met vergunning mogen een bepaald quotum per jaar afschieten.

Een deel van de kangoeroes wordt opgegeten, maar populair is het vlees niet. Volgens een rapport uit de sector dat deze week verscheen, moet de kangoeroe-industrie meer doen om aan het publiek duidelijk te maken dat het doden van wilde kangoeroes „humaan is, goed voor het milieu en dat afschieten geen verband houdt met ziektes”. (Reuters)