Nederland moet moslima en familie de tijd gunnen

Tekening Cyprian Koscielniak Koscielniak, Cyprian

Ik ben blij met de analyse van het `moslimaprobleem` van Naema Tahir in Opinie & Debat van 9 maart. Zelden heb ik zo duidelijk verwoord gezien dat de onderdrukking van mohammedaanse vrouwen niet in de eerste plaats een religieus maar wel een cultuurgebonden probleem is. De opvatting dat mannen hun eer en die van hun familie dienen te beschermen is van overal en van alle tijden. Het kwam en komt voor in mohammedaanse, christelijke, joodse, én heidense gemeenschappen.

Ditzelfde concept van mannelijke eer en vrouwelijke terughoudendheid vormt de basis van de ridderepiek en de hoofse literatuur in ons eigen West-Europa en tot ver in de Moderne Tijd deden deze opvattingen opgeld. Er zijn voorbeelden genoeg van zelfbewuste vrouwen die eigengereid hun eigen weg gingen maar pas in de negentiende eeuw werden hun opvattingen tot maatstaf voor min of meer breed gedragen bewegingen en dan nóg ging de ontwikkeling langzaam. Nog geen 50 jaar geleden droegen kloosterzusters en diaconessen sluiers. En ook een ongelovige dame ging niet zonder hoed haar huis uit. De ratio achter deze toen algemeen geaccepteerde richtlijnen was in wezen niet anders dan die welke vele van origine Anatolische, Riffijnse, Perzische en Arabische medeburgeressen ertoe aanzet gesluierd over straat te gaan. Pas na de revolutie van de jaren zestig verdween in Nederland in het maatschappelijk verkeer elke associatie van vrouwelijke hoofdbedekking met kuisheid en terughoudendheid.

Wie deze langzame veranderingen in ons West-Europese cultuurpatroon overziet moet wel inzien hoe onbillijk wij handelen als wij vrouwen en meisjes de maat nemen die regelrecht afkomstig zijn uit - althans in dit opzicht - met onze Middeleeuwen vergelijkbare patriarchale culturen. Het is geenszins gewenst dat wij de linkse politieke correctheid nabauwen en dergelijke cultuurpatronen erkennen of in bescherming nemen, maar het zal de Nederlandse maatschappij sieren, ja het is een vereiste om haar beschaafd te mogen noemen, dat zij hun en hun broers en vaders de tijd gunt.

    • J.E.C.M. van Wezer