Lexmond – Schoonrewoerd

Het weer trekt een grijs velletje over het polderland. Regenbuien tikken vasthoudend op alles wat zich voordoet. Windvlagen trippelen door bomen en struiken en laten de boel op en neer stuiteren. Het is koud en dan gaat iedereen rennen om warm te worden. Twee pony’s galopperen heen en weer, en een stel hazen raast op onbegrijpelijke snelheid door het landschap. Ze duiken met een boog over een sloot. Eentje haalt de overkant maar net, zijn sprong bevroor even in de lucht omdat hij werd gehinderd door plotselinge tegenwind. Ook wandelen is doorstappen, vandaag. Slenteren geeft koude vingers en knieën, pauzeren verkilt.

Het pad is een door tractorbanden en muskusratten gekneusde wal tussen de sloten. Wankele planken over die sloten geven toegang tot de weilanden. De wilgen aan weerszijden van het pad zijn pas gesnoeid. Houtsnippers laten lichte vlekken vlammen op het modderspoor. Intussen bloeien de wilgen, zelfs als ze afgehakt op de grond liggen, met hun knopjes van zeehondenbont. Een meidoorn zit vol met witkatoenen bloesem. Net of het niet guur is, maar volle lente.

In een sloot ligt een stronk, lorren flapperen in zijn afgeleefde twijgen. „Een neergestort vliegtuigje van Otto Lilienthal”, associeert man. Hij mompelt wat steekwoorden. Vliegenier. Zweefvleugels van houtjes en lappen, die hem in staat stelden om te vliegen, „nog vóór de gebroeders Wright.’’

We komen aan een kanaal. Kilometer heen, brug over, kilometer terug. Wind in rug, wind op neus. Steeds dat oermooie water langszij dat zijn best doet om uit het grauw wat onbeneveld zonlicht weg te vangen en op zijn deining te vermenigvuldigen

Bij een molen met een wespentaille worden we verder door de polder gevoerd. Het pad wordt de wallekant van een smalle vaart. Dor riet knuffelt een bejaard hek dood. Een verlaten koeienbrug heeft geen mest maar mos op zijn latten. Bomen hangen voorover boven het water, en houden zich recht van lijf en leden – het is een wonder dat de zwaartekracht dit toelaat.

We lopen Schoonrewoerd binnen, een klassiek, stokoud dorp. Uitgestorven. Geen mens op straat, afgezien van de mevrouw die haar honden uitlaat, een grote, en een kleine die in haar rok loopt te bijten.

Ja, beaamt ze, de bewoners houden zich stil. Dat komt door de dag van de week: „’s Zondags zie je ze vroom zitten. De rest van de week doen ze heel andere dingen.”

12.5 km. Kaarten 24 en 25 uit: Oeverloperpad. Tussen Schoonrewoerd (halte Dorp) en Lexmond (halte Driemolensweg) rijdt elk uur regiobus 703 (een uur vantevoren reserveren, tel. 0900 1961).