Kunst als helend middel

In het nieuwe gebouw van het ROC Aventus heeft elke afdeling een eigen karakter: de balie van Mobiel lijkt op een gepimpte Amerikaan.

Kunstenaar Krijn de Koning gaf met kleur structuur aan de inpandige, bijna 200 meter lange straat in het Aventus College in Apeldoorn. Ook de verplaatsbare meubelstukken zijn van zijn hand Foto’s Jannes Linders Linders, Jannes

Vloerbedekking van gemalen autobanden die is gelegd alsof het een parkeerplaats betreft. En een balie die lijkt op de motorkap van een gepimpte Amerikaan. De ontvangstruimte van de afdeling Mobiel in het Regionaal Opleidings Centrum Aventus in Apeldoorn laat aan duidelijkheid niets te wensen over: hier wordt autotechniek onderwezen.

Het dit schooljaar in gebruik genomen complex voor beroepsopleidingen is niet het zoveelste fantasieloze schoolgebouw met een lage vierkantemeterprijs als uitgangspunt. Met dank aan een opdrachtgever met lef, die het aandurfde om een serie kunstopdrachten uit te zetten die het gezicht van de school bepalen.

Zo mocht beeldend kunstenaar Krijn de Koning de meer dan 200 meter lange en circa twaalf meter brede straat die het gebouw doorsnijdt in een immens, rood-zwart schilderij veranderen. En kregen de bekende designers Tjep, Makkink & Bey en Remy & Veenhuizen de kans om de ontvangstruimtes van de zes opleidingen binnen het complex naar hun hand te zetten.

De ontwerpers gaven elke entree een prikkelend interieur dat de identiteit van de betreffende opleiding uitdrukt. Voor de afdeling Gezondheidszorg ontwierp Tjep, het bureau van Frank Tjepkema en Janneke Hooymans, bijvoorbeeld bedstoelen, een matrasbalie en een bespreekruimte in de vorm van een hospitaaltent.

„Kunst bij onderwijsinstellingen is al tien jaar geen vanzelfsprekendheid meer”, zegt Gabi Prechtl, directeur/eigenaar van Kunst en Bedrijf, het adviesbureau dat de kunstopdrachten in het ROC Aventus ontwikkelde. Tót 1997 gold voor openbare gebouwen de zogeheten 1-procentregeling, die bepaalde dat een deel van de bouwsom verplicht voor kunst en cultuur bestemd werd.

Sinds het afschaffen van die afspraak probeert Kunst en Bedrijf onderwijsinstellingen met kracht van argumenten te overtuigen van de meerwaarde van kunst in hun geplande nieuwbouw. Dat vereist soms veel overredingskracht, zegt Prechtl, want scholen moeten hiervoor geld vrijmaken binnen hun bouwbudget. Al is het mogelijk om subsidie aan te vragen bij de Mondriaan Stichting, het stimuleringsfonds voor beeldende kunst en vormgeving en cultureel erfgoed.

Het ‘proactief acquireren’ van Kunst en Bedrijf leverde resultaat op bij het Apeldoornse ROC. Toen de plannen voor de school nog op de tekentafel lagen, kreeg het adviesbureau van het schoolbestuur een onderzoeksopdracht. De ideale situatie, zegt Prechtl. „Hoe vroeger we ingeschakeld worden, hoe beter de kunst geïntegreerd kan worden.”

Zij maakte voor het ROC een analyse van de gebruikers, het gebouw en de mogelijkheden voor kunstopdrachten. Met een voorbeeldboek met afbeeldingen van eerdere projecten gaf Prechtl een indruk van ‘wat kunst vermag te doen’.

Nadat de opdracht was verstrekt, formeerde het adviesbureau de ‘Werkgroep Beleving’, met daarin de architect (ASG Architecten), het bouwmanagement en alle afdelingsdirecteuren van de school. Onder leiding van Kunst en Bedrijf ontwikkelde de werkgroep de kunstopdrachten.

Gepleit werd voor toegepaste projecten van flink formaat. Prechtl: „Bij zo’n groot gebouw moet je grote gebaren maken. En met kunst die in het gebouw verankerd is, zouden de verschillende opleidingen binnen het gebouw een eigen gezicht kunnen krijgen.”

Dat laatste was beslist nodig, zegt Prechtl. De zes opleidingen zaten eerst verdeeld over tien gebouwen in de stad. Op de nieuwe locatie zouden de kappers-, verpleegsters- en automonteurs-in-opleiding voor het eerst samen onder één dak komen. „Sommige afdelingen waren bang voor identiteitsverlies. Het versterken van de eigen identiteit werd daarom een onderliggend thema voor de kunstopdrachten. De ontwerpers moesten elke opleiding een uitgesproken gezicht geven.”

Scholen zijn van oudsher fijne opdrachtgevers, zegt Prechtl. „Schoolbestuurders zijn gewend voor jonge mensen te werken. Dat maakt ze vaak minder behoudend.”

Op de website van Kunst en Bedrijf staan tientallen door het bureau geïnitieerde kunstprojecten. In opdracht van Rijkswaterstaat maakte beeldhouwer Tom Claassen langs de A6/A27 bij Almere een ‘olifantenparkeerplaats met snelwegingrediënten’. Het muffe Lelystad kreeg in het centrum van de stad een 32 meter hoge zuil van basaltblokken met daar bovenop een bronzen standbeeld van ingenieur Lely, de schepper van de polderstad. Dit kunstwerk van Hans van Houwelingen groeide in korte tijd uit tot het gewenste markante beeldmerk van de stad.

Kunst in de openbare ruimte verdient meer zorg en aandacht, vindt Prechtl. „Er is nog zoveel te winnen.” Een groot deel van de openbare ruimte wordt bijvoorbeeld vanuit de auto beleefd. Met Rijkswaterstaat voert Prechtl daarom gesprekken over het integreren van kunstprojecten bij de ontwikkeling van wegen en bruggen.

Prechtl: „Kijk naar het succes van de olifanten van Tom Claassen naast de snelweg bij Almere. Dat is voor veel automobilisten een herkenningspunt onderweg. Bij de olifanten ben ik op de helft, of is het nog zoveel minuten naar de plek van bestemming.”

Maar ook naast de openbare ruimte ziet Kunst en Bedrijf mogelijkheden. Prechtl: „Als ik kijk naar zorginstellingen dan jeuken mijn handen. In aantrekkelijk uitziende ziekenhuizen en zorginstellingen genezen patiënten sneller en beter. De healing environment is allang wetenschappelijk aangetoond. Kunst kan daarin veel betekenen.”

Ook stadsbestuurders en vastgoedontwikkelaars zouden bij het ontwikkelen van de steden vaker kunst kunnen integreren, meent de adviseur. „Daarmee wordt de ‘leesbaarheid’ van een stad vergroot. Met kunst, en dan doel ik niet alleen op kunst op een sokkel, kan je de ogen van stadsbewoners houvast geven.”

Het regionaal opleidingscentrum Aventus is blij met de kunst in het nieuwe gebouw, zegt Heimen van Andel, voorzitter van het college van bestuur. Zo’n 8.000 studenten gebruiken het complex met veel plezier, zegt hij. Trots is de school dat de ontvangstruimte die Tjep ontwierp voor de afdeling Economie genomineerd werd voor de Dutch Design Prize. Van Andel: „We gaan nu in Zutphen een nieuwe school bouwen. Ook daar zullen we kunstopdrachten verstrekken.”

www.kunstenbedrijf.nl
    • Arjen Ribbens