‘De manier waarop ik leef, is te anders’

Nederland - Steenwijk - ( Overijssel)- 12-03-2008 Ecoarchitect Jan Husslage. Bekend van het Ecohuis in Steenwijk. Foto: Sake Elzinga Elzinga, Sake

‘Je zou kunnen zeggen dat ik ben opgegroeid in een tent. Mijn ouders trokken zoveel mogelijk de natuur in. Mijn hele jeugd maakten we kampeertochten. Zo leerde ik de kracht van de natuur kennen. Dat je respect voor de natuur moet hebben, is me met de paplepel ingegoten. Zuinig omgaan met energie was in mijn jeugd vanzelfsprekend: mijn ouders hadden het niet breed en ’s winters brandde alleen in de woonkamer een kachel.Dat was toen gewoon.

Als kind realiseerde ik me nog niet dat de mensheid bezig is de natuur kapot te maken. Dat besef kwam pas in de jaren zeventig, toen ik elektrotechniek studeerde in Delft en het beroemde rapport van de Club van Rome uitkwam. Daarin stond dat we ons energieverbruik moesten verminderen tot tien procent van het gebruikelijke. Toen ik dat las, besloot ik dat ik dat in de praktijk wilde brengen. Ik kraakte een huis in Delft en leefde zo dat ik nauwelijks energie verbruikte. Ik had bijvoorbeeld geen elektriciteit: alle stroom die ik nodig had, kwam van zonnepanelen. Mijn houtkachel stookte ik alleen als het kouder was dan tien graden. Leidingwater gebruikte ik alleen om te drinken: wassen deed ik met regenwater. Van de tuin maakte ik een moestuin. Er groeiden veel bessen, die ik inmaakte en verkocht aan biologische winkels. Daar verdiende ik zo’n drieduizend gulden per jaar mee en daar leefde ik van. Ik vond het leuk om zo sober te leven.

Op de universiteit deed ik onderzoek naar milieuvriendelijke energievoorziening en schreef me ook een jaartje in bij bouwkunde. Daar kwam ik in aanraking met een werkgroep die een ecologische wijk wilde neerzetten in Dronten. Ik heb me ingezet voor verschillende van die werkgroepen. Dat deed ik uit idealisme. En als ik eenmaal een doel voor ogen heb, dan wil ik het ook volbrengen. Dan ga ik door.

Dat had ik ook toen ik een boot bedacht die op zonne-energie kan varen. Het duurde tien jaar om die zonneboot te ontwikkelen, maar ik heb doorgezet. Het was een mooi ontwerp. Die boot had een systeem dat de zonnepanelen voortdurend op de zon richtte, je kon hem als waterfiets voortbewegen en er zat een scherm op zodat je er ook mee kon zeilen. Ik heb er een ontwerpwedstrijd mee gewonnen. De jury vond mijn ontwerp eigenlijk te fantastisch. Maar ik ben gewoon een ingenieur die dingen ontwerpt die echt gemaakt kunnen worden. Ik kreeg subsidie om dat ding te bouwen binnen de TU en ik heb er furore mee gemaakt.

Ik droomde ervan dat alle plezierboten vervangen zouden worden door zonneboten. Maar hoewel er veel aandacht voor mijn zonneboot was, wilde niemand er een hebben. Ik liet me daardoor niet ontmoedigen. Ik dacht: misschien kan zo’n zonneboot succes hebben als toeristische boot in watergebieden. Ik heb toen een zonneveerboot gebouwd in de tuin van mijn kraakpand in Delft. In 2000 kreeg ik het voor elkaar dat die veerboot daadwerkelijk in gebruik werd genomen in Nieuwkoop. Ik ben zelfs nog een tijdje veerbaas geweest.

Toen bedacht ik dat het mooi zou zijn om zonneboten in te zetten als rondvaartboten in de Weerribben in Overijssel. In dat natuurgebied mag de rust niet door het geluid van motoren worden verstoord en zouden zonnerondvaartboten helemaal op hun plaats zijn. Ik had inmiddels ook genoeg van de Randstad, ik vond de lucht er te smerig. Dus besloot ik me in Overijssel te vestigen. Ik droomde er van één plek te hebben waar ik al mijn activiteiten kon uitvoeren. Want toen ik aan de zonneveerboot werkte, moest ik voortdurend met mijn zelf ontworpen elektrische fiets tussen Nieuwkoop en Delft pendelen.

De gemeente Steenwijk was indertijd bezig met het ontwikkelen van een nieuwe woonwijk. Ik kwam met het plan om een hoek in die wijk te reserveren voor ecologisch verantwoorde woningen. Aanvankelijk stonden ze daar positief tegenover. Ik had een groep mensen verzameld die graag een ecologische woning wilden bouwen in Steenwijk. Maar die mensen zijn uiteindelijk allemaal afgehaakt. Er kwam een zeer rechtlijnige ambtenaar op het project die extra eisen aan de ecowoningen ging stellen. Dat schrok die mensen af. Bovendien zagen ze dat ze weinig kans maakten een kavel te bemachtigen, omdat de kavels openbaar werden verloot. Maar ik hield vol. En kreeg mijn kavel.

Ik wilde met mijn eco-huis een voorbeeld stellen, inspiratie bieden. Ik had met mijn zonneveer al gezien hoe verbaasd mensen waren als ze zagen dat die zonnepanelen echt werkten.

Mijn woning is gebouwd met het minimale aan materiaal. Het bouwafval kon in vijf vuilniszakken. Het huis is opgetrokken uit hergebruikte materialen en hout uit nabijgelegen bossen, zodat de transportkosten minimaal waren. Het is voor een groot deel met de hand en met lichte machines gebouwd, zodat het energieverbruik voor de bouw extreem laag was. Dankzij zonnepanelen, een serre en een luchtcollector verbruikt dit huis maar vijf à tien procent van de gangbare hoeveelheid fossiele brandstof. De watervoorzieningen bestaat voor een groot deel uit regen- en grondwater. Verwarming gebeurt door houtkachels waarin resthout wordt gestookt. Koelcapaciteit komt uit een ongeïsoleerde vloer die op het noorden ligt. Zelfs mijn uitwerpselen worden hergebruikt als compost.

Ik kon mijn ideaal verwezenlijken, maar de gemeente had wel als voorwaarde gesteld dat het huis in twee jaar voltooid zou zijn. Vanwege een serie zware tegenslagen haalde ik dat niet. Eerst moest mijn moeder naar een verpleeghuis en moest ik haar huis ontruimen. Toen raakte mijn huwelijk in een crisis en ging ik scheiden. Vervolgens werd ik gedwongen mijn kraakpand in Delft te verlaten, maar ik mocht van de gemeente Steenwijk niet op mijn kavel wonen, zodat ik op zoek moest naar een nieuwe woonruimte, wat me niet lukte. De unit die ik op de kavel had neergezet werd met Oud en Nieuw in brand gestoken waarbij allerlei erfgoed van mijn ouders in vlammen opging en een ravage overbleef. De gemeente beloofde de rommel op te ruimen, maar dat gebeurde pas na drie maanden. Door al die problemen raakte ik in een depressie. Zo liep de bouw veertien maanden vertraging op.

Er kwam bij dat er mensen in de wijk kwamen wonen die weinig interesse hadden voor ecologisch leven. Zij ergerden zich eraan dat mijn tuin niet was onderhouden, dat ik een andere levensstijl had, dat ik herrie maakte. Maar ja, ik bouwde een houten huis en dan wordt er getimmerd. Deze mensen vonden dat mijn huis niet paste in hun wijk. Ik denk dat zij beheerst werden door angst voor het onbekende. De manier waarop ik leef, is te anders. Ze zijn met hun klachten naar de gemeente gestapt en hebben de wethouder, die toch al zwak was, bewerkt.

Dus toen mijn huis niet binnen twee jaar af was, greep de gemeente de gelegenheid aan om mij weg te werken. Ik kreeg te horen dat ik moest vertrekken. Er kwam een rechtszaak, maar ik bouwde gewoon door. Ik was ervan overtuigd dat de gemeente mij extra tijd zou geven om het huis af te bouwen, gezien alle tegenslag die ik had gehad. Mijn huis zou immers een belangrijke voorbeeldfunctie hebben.

Het is verbijsterend, maar het mocht niet zo zijn. Ik heb verloren. De rechter heeft mij in het ongelijk gesteld en afgelopen week is de sloop begonnen van mijn levenswerk. Ik probeer nu maar voortdurend bezig te blijven om er niet te veel aan te denken. Maar het vliegt me wel aan, vooral als ik in bed lig. Ik heb zes jaar aan dit huis gebouwd, voor een groot deel met mijn eigen handen, want ik heb maar vier maanden hulp gehad.

Wat ik nu ga doen? Ik ga gewoon door. Ik hoop dat ik door al die publiciteit extra belangstelling heb gewekt voor ecologisch bouwen en dat mensen mij zullen benaderen omdat ze ook zo’n huis willen. Een oud-collega heeft een oude boerderij in Giethoorn aan mij ter beschikking gesteld en ik hoop mijn woning daarheen te kunnen verplaatsen. Maar daar is geld voor nodig en dat heb ik niet.

Aan de andere kant zou ik het ook wel wat rustiger aan willen doen. Ik heb hard gewerkt aan mijn huis en werkweken gemaakt van zeventig uur. Ik ben nu 54 en in mijn familie worden ze niet erg oud. Mijn vriendin wil graag met me in een plaggenhut gaan wonen, op het land. Zo’n hut zetten we in korte tijd neer. Het is verleidelijk, want ik vind het zo mooi om rustig van de natuur te genieten.

Renate van der Zee

    • Renate van der Zee