De burger blijft terecht invloed op macht eisen

Alle fut lijkt bij regering en parlement verdwenen uit de plannen om de kloof tussen burger en politiek te dichten. Vernieuwing van de democratie betekent bij deze coalitie vooral: versterking van de bestaande structuren. In de Tweede Kamer leeft alleen bij GroenLinks, D66 en ChristenUnie nog ambitie voor een structurelere aanpak. Deze week ging de parlementaire behandeling van de Nationale Conventie dan ook als een nachtkaars uit. Er werd wat geprutteld over de toegang van Kamerleden tot ambtenaren. En dat was alles. De toch al bescheiden erfenis van ex-minister Pechtold (D66, bestuurlijke vernieuwing) lijkt verdwenen.

Nog maar kort geleden maakten Kamer en kabinet zich zorgen over het ongenoegen dat Pim Fortuyn aan het licht bracht. De rijke jaren negentig bleken een grote groep teleurgestelde burgers aan het zicht te hebben onttrokken. Zij voelden zich vervreemd. De verzorgingsstaat was onttakeld, de overheid geprivatiseerd en hun wijken waren verkleurd. Boze kiezers, stille tochten en rammelende kabinetten met dito vleugelpartijen waren het gevolg.

Ogenschijnlijk is de stabiliteit nu terug. CDA, PvdA en CU houden de wacht. Maar schijn bedriegt. Steeds meer Kamerzetels wisselen bij verkiezingen van partij. LPF, SP, Groep Wilders en straks wellicht ‘TON’ manifesteren dat min of meer. Volgens de WRR heeft bijna een vijfde van de Nederlanders een ‘nihilistische’ kijk op het leven. Ze zijn hedonistisch ingesteld, teleurgesteld in de overheid, wantrouwend en weinig tolerant. Ze voelen zich buitenstaander en zijn vatbaar voor extreme opvattingen. In dat klimaat schuilen kabinet en Kamer bij elkaar. Maar stilzitten is geen optie.

Onder Balkenende III werd nog geprobeerd de gekozen burgemeester in te voeren, wat senator Ed van Thijn verhinderde. D66 werd daarop gelijmd met de Nationale Conventie, die bescheiden voorstellen deed. Burgemeester, provinciecommissaris noch de minister president hoefde te worden gekozen. Maar er moest wel een operatie ‘Kafka’ komen voor eenvoudiger én minder regels. Adviesorganen zouden worden bemand door uitvoerders. Alle jongeren zouden rond hun zeventiende een ‘publiek belang stage’ moeten lopen. Vrijwilligers zouden belastingaftrek krijgen. Kiezers mochten een beperkt referendum aanvragen. De kabinetsformatie zou worden hervormd, met hoorzittingen voor kandidaat ministers. Er zou een constitutioneel hof moeten komen. Ministers zouden aan banden worden gelegd bij onderhandelingen in Brussel. En de EU zou voortaan moeten afkoersen op een ‘statenbond’.

Maar ook hiervan hebben Kabinet en Kamer alleen de kleinere punten overgenomen. Invloed van de burger in de vorm van advies, correctie of toetsing is afgewezen of doorgestuurd naar een volgende ronde. Lekenrechtspraak was een brug te ver. Het burgemeestersreferendum bleek nep. In de Tweede Kamer moet de commissie ‘parlementaire zelfreflectie’ de ambitie nu levend houden.

Het Burgerinitiatief zal straks een ijkpunt worden. Dit experiment loopt in mei af. Feitelijk is het een poging om de burger, die 40.000 handtekeningen verzamelt, als 151ste Kamerlid tijdelijk spreektijd te geven. Milieudefensie agendeerde zo de actie ‘Stop Fout Vlees’. Maar de groep ‘Clean Air’ voor een rookvrije horeca strandde op een formaliteit. Straks worden de ‘Friese moeders’ verwacht met hun actie ‘Vroeg op stap’ over horeca sluitingstijden.

De kans dat deze mondige burgers hun thema’s gehoorzaam overdragen aan een politieke partij, die ze verstopt in een collectief onderhandelingspakket, is niet groot. De ontzuilde burger noemt zich tegelijkertijd groen en rechts. Hij is voor Afghanistan maar tegen de VS. Of andersom.

Simpel vasthouden aan het vertrouwde huis van Thorbecke zou wel eens onvoldoende kunnen zijn om deze burger bij het het bestuur betrokken te houden. Er is geen bulldozer nodig, maar wel meer dan een verfbeurt. De burger vraagt om meer directe invloed, vooral op de uitvoerende macht. Daar moet ruimte voor komen, bijvoorbeeld door meer gezagsdragers rechtstreeks te laten kiezen. De Kamer mag ook het burgerinitiatief niet laten verlopen. Bestuurlijke vernieuwing blijft dus ook politiek aan de orde.