Wetboek te vondeling gelegd

Een nieuw boekje met gemeenschappelijke Europese definities in het contractenrecht wordt door bestuurlijk Brussel ostentatief genegeerd. Maar de makers ervan zijn trots.

Tussen de ruïnes van de Romeinse baden van de Duitse stad Trier werd vorige week een nieuw Europees wetboek met champagne ten doop gehouden. Alleen, zo mag het niet heten, een Europees wetboek. En het werd ook niet zozeer gedoopt, als wel te vondeling gelegd.

Het gaat om ‘Principes, Definities en Modelregels van Europees Burgerlijk recht’, een beknopt boekje van 395 bladzijden, waarvan 225 pure wettekst. Wat is schade, contract, levering, verplichting, wanprestatie? Het is het huis- tuin- en keukenrecht dat alle transacties tussen burgers regelt. Ruwweg het recht dat de burger bij een huisaankoop bij voorkeur overlaat aan de notaris. En wat hij weg klikt met „ik ga akkoord” bij software installatie of bij de aanschaf van een boek online.

Over een jaar verschijnt de rest – in totaal zal het negen banden omvatten, zo’n 6000 bladzijden. Het ziet er uit als een Europese Code Civil, het ruikt als een Europese Code Civil en zo leest het ook. Maar wie het ook zo noemt, stuit op bikkelharde ontkenningen. Vorig jaar noemde staatssecretaris Timmermans (Europese zaken) het hele project nog ‘een grap’. Minister Hirsch Ballin (Justitie) liet de Kamer weten dat de Europese Unie niet bevoegd is om zoiets in te voeren. Eurocommissaris Frattini (justitie) liet weten geen plannen te hebben.

Verica Trstenjak, advocaat-generaal bij het Europese Hof van Justitie in Luxemburg toonde in Trier intussen aan in welke recente belangrijke uitspraken het nieuwe wetboek al is gebruikt. Voor de EU-rechtspraak is een burgerlijk wetboek waarover wetenschappelijke consensus bestaat van “erg groot belang”, meent zij. Zij gebruikt het wetboek op dezelfde manier als Montesquieu of Goethe, waar ze soms ook juridische inspiratie uit put. Alleen staan daarin de oplossingen niet netjes in wetsartikelen gerubriceerd. En dat is het grote verschil.

Volgens de godfather van het project, de Duitse rechtsgeleerde Christian von Bar, heeft het Spaanse Hooggerechtshof al een keer of 25 van de nieuwe bron gebruik gemaakt. Met als belangrijkste argument dat dit boek nu eenmaal „moderner” is. Ook in de Zweedse rechtspraktijk is het wetboek binnengeslopen, als bron van rechtsvergelijking. Verder was ook China al bij hem in Osnabrück langs geweest – de Chinese vertaling is er al. Grote bedrijven als de Amerikaanse uitgever Amazon.com zien er een standaardoplossing in voor hun Europese webshops.

Politiek is het project in de EU een wees – de lidstaten willen er na het Grondwetdebacle niet van weten. Bestuurlijk Brussel houdt deze nieuwe harmonisatie weg, in de coulissen. De Europese Commissie, die de kosten al jaren draagt, was bij de champagne in Trier ostentatief afwezig. Bij het verantwoordelijk Directoraat-Generaal Consumentenzaken ziet men er een onschuldige ‘gereedschapskist’ voor wetgevers in, waaruit naar believen bij nieuwe richtlijnen of EU-regels geput kan worden. Ook wordt het aan nieuwe lidstaten aangeboden als een Europees panklaar regelboek. De auteurs hopen vurig dat de Commissie bij de aanstaande hervorming van het EU-consumenten recht van hun werk gebruik zal maken. Von Bar vroeg in Trier om een ‘officieel stempel’", liefst in de vorm van een aanhef bij een nieuwe richtlijn: „Op de juridische begrippen in deze richtlijn zijn ‘de principes, definities en modelregels etc.” van toepassing.”

De politieke kans dat delen van het wetboek zelf worden overgenomen acht de liberaal Diana Wallis, vicepresident van het Europese parlement, klein. Zij noemt het wetboek „gold dust”. Goudstof dat z’n weg in de de juridische communicatie vanzelf zal vinden. Het Europese parlement nam in 1989 al een motie aan over steun aan de interne markt in de vorm van een lijst van juridische definities. Die eenvoudige vraag wordt nu beantwoord met een plank met negen wetboeken. „Niemand weet waar dit heen gaat”, zegt Wallis. Geen raadsvoorzitter zal proberen er een ‘black letter’ richtlijn van te maken en zo Europa aan een nieuw wetboek te helpen, meent zij. Maar anderzijds werkt de Europese wetgever zo gefragmenteerd dat een compleet wetboek wel eens op eigen titel het vacuüm zou kunnen vullen. Von Bar denkt dat een volgende generatie het bindend zal maken. Hij wil vooral geschiedenis maken: „Op deze manier kwam ook het Romeinse recht naar Europa.” Advocaat-generaal Trstenjak vermoedt dat delen ervan onherroepelijk zullen opduiken in nieuwe richtlijnen. „Tien jaar geleden dachten we dat de euro een futuristisch verschijnsel was. Dat bleek niet zo te zijn.”

Tekst wetboek en verwijzingen via nrc.nl/europa

    • Folkert Jensma