‘Troepen Afghanistan flexibeler’

Alle NAVO-militairen in Afghanistan moeten daar overal inzetbaar zijn. Dan zou een land als Duitsland ook buiten zijn relatief veilige gebied moeten opereren. Deze wijziging van de militaire aanpak in Afghanistan bepleitten minister Verhagen (Buitenlandse Zaken, CDA) en zijn Slowaakse ambtgenoot Ján Kubiš gisteren in NRC Handelsblad. De selectieve inzet van troepen in Afghanistan leidde eerder tot irritaties bij de Amerikaanse regering.

Nu zijn de landen die deelnemen aan de ruim 43.000 man tellende NAVO-missie gestationeerd in vijf aparte regio’s. Zo zit Nederland samen met onder andere Groot-Brittannië, Australië en Canada in het gevaarlijke zuiden. Andere landen, zoals Duitsland, weigeren hun militairen in gevaarlijke gebieden te stationeren, omdat zij hun missie vooral zien als opbouwmissie. In de opzet van Verhagen en Kubiš wordt het voor landen moeilijker veiliger gebieden op te eisen.

Beide ministers vinden dat commandanten ter plaatse de troepen anders dan nu „op eigen gezag” in het hele land moeten kunnen inzetten. Volgende maand praten de regeringsleiders van de NAVO-lidstaten over de militaire strategie in Afghanistan. Daar zal de kwestie door Verhagen aan de orde worden gesteld.

Op den duur zal de NAVO-operatie volgens beide ministers moeten veranderen in een reguliere VN-vredesmissie met blauwhelmen. De twee ministers vinden dat de huidige aanpak, waarbij het land is verdeeld in vijf regionale commando’s, moet worden verlaten. „De komende twee tot drie jaar zullen we, terwijl de eigen veiligheidstroepen van Afghanistan aan kracht toenemen, onze ‘geadopteerde’ provincies moeten loslaten en onze blik op het land als geheel gaan richten.”

Enkele weken geleden leverde de Amerikaanse minister van Defensie, Robert Gates, felle kritiek op NAVO-landen die weigeren troepen in te zetten in het zuiden, waar de strijd tegen de Talibaan het hevigst is.

Lees het opiniestuk van Verhagen en Kubiš op nrcnext.nl/links